Op safari naast het talud

Als toeristen verkenden kunstenaar Melle Smets en filosoof Bram Esser de Nederlandse snelwegen. Ze vonden rust langs het talud en 'cultuur' in een chauffeursrestaurant.

'Dit is het geschiedkundig begin van de snelweg.' Kunstenaar Melle Smets staat met zijn voeten in de modder aan het Kleinpolderplein, de eerste bezienswaardigheid van de snelwegsafari over de Rotterdamse ringweg. Zijn collega, schrijver en filosoof Bram Esser kijkt nadrukkelijk omhoog. Boven ons hoofd loopt een netwerk van wegen.

De tientallen betonnen pijlers die de rijbanen ondersteunen, krijgen nauwelijks voldoende ruimte op het te kleine verkeersplein. De ene fly-over moet wijken voor de steunpilaar van een andere. De scherpe bochten van de gelijkvloerse rotonde maken dat het verkeer van de A20 ook nu om twee uur al moeizaam doorstroomt.

Als toeristen snoven Smets en Esser een maand lang Nederlandse snelwegcultuur. Ze beschreven hun avonturen vervolgens in het boek Snelwegverhalen. Met dit boek als leidraad kunnen vakantiegangers en dagjesmensen de attracties die de mannen op en direct naast de snelweg ontdekten, zelf bezoeken. 'De snelweg is door toenemende mobiliteit meer dan een stroom van auto's, het is een leefomgeving', zegt Esser, 'een plek met een eigen cultuur.'

Smets en Esser verlaten het verkeersplein en lopen langs de weg richting Kleinpolderpad, een wandelroute langs het Schie-Schiekanaal. Esser trekt een tak van een braamstruik opzij. 'Zo denk je Nederland te kennen, zie je ineens deze natuur'. Het zachte suizen van asfalt verraadt de nabijheid van de A20. Een blik omhoog doorbreekt de illusie van weidse bossen. Het pad ligt maar een paar meter verwijderd van de snelweg. 'Over zulke grenszones heeft niemand regie', zegt Smets over het wildbegroeide pad, 'dus onderhouden buurtbewoners het zelf.'

Aan het eind van het zandpad staan idyllische 19de eeuwse huisjes. Een voormalige dijkwoning leunt tegen het talud. 'De meters rondom de snelweg worden vaak beschouwd als non-plekken, zegt Esser, 'juist doordat er niemand komt, is het voor sommigen weer een fijne locatie. De bewoners hebben er een eigen dorpje, met eigen regels, en eigen bestuur gesticht. Een radicale vorm van openbare ruimte.'

Na de wandeling kunnen we opwarmen bij Routiers Distripark Eemhaven. 'Routiers was de eerste Nederlandse snelwegherbergier', vertelt Smets terwijl hij zijn gouden Mercedes het grote parkeerterrein opdraait. Het restaurant aan de A15 biedt alles wat truckers zoeken: een bruine-kroeggevoel, douches, internetverbinding en een warme hap. Binnen springt een levensgrote muurschildering in het oog: een blauwe vrachtwagen boort zich in de muur. 'Als je wilt eten zoals in de jaren 50, moet je bij een snelwegrestaurant zijn', zegt Smets. 'Vlees met kapot gekookte groente.' 'Om over de koffie maar te zwijgen', vervolgt Esser, 'ik vroeg eens van welke bonen de koffie was gemaakt. 'Koffiebonen', antwoordde de serveerster.'

Als de schemering inzet, beginnen Smets en Esser aan hun avondprogramma: lichtjes kijken bij Shell Pernis, de Van Brienenoordbrug over voor het mooie uitzicht, om tot slot konijnen en vossen te spotten bij een overwoekerde snelweg.

Smets zet de auto op een parkeerplaats met zicht op de Shell-raffinaderij aan de A4. De schemering is op deze koude herfstdag vroeg ingevallen. Plots springen duizenden lichtjes op het buizensysteem in de verte aan. 'Zo hebben we onze avond eerder doorgebracht', vertelt Esser. Hij wijst op een groepje Oost-Europeanen. 'We ontmoetten weleens Oostblokkers die tijdelijk op parkeerplaatsen wonen. Voor hen is dit overleven; komen wij aan met ons vakantiegevoel. Toch wilden we tijdens onze reis snelwegbewoners ontmoeten. Trokken we een biertje open, dan kwamen zij erbij met hun bier.'

De Brienenoordbrug blijkt door files moeilijk bereikbaar. Esser en Smets zitten ontspannen in de auto en kijken geamuseerd naar buiten. Genoeg te zien, zoals chagrijnige mensen in andere auto's, en bloemen op de vluchtheuvel. Aan de spits hebben ze zich in de safarimaand niet gestoord: 'Wie nergens heen hoeft, heeft geen haast.' Het is al te donker om konijnen te zien wanneer we arriveren bij de overwoekerde, ongebruikte snelweg bij het Terbregseplein. We kijken vanaf het hoge talud neer op de A20: witte lampjes die op ons af komen, rode die in de verte verdwijnen, het getij van de snelweg.

Snelwegverhalen, Melle Smets en Bram Esser, vanaf 12 december in de boekhandel. Uitgeverij 010.

VIJF SUPERPLEKKEN LANGS DE SNELWEG

1. N33. Deze fantoomweg eindigt plotseling in de Eemshaven, bij café Molenzicht. De oude molen ligt verscholen tussen moderne windmolens. Goede hamburgers. De eigenaar toont graag zijn bijzondere collectie levende koeien.

2. A2, afslag 28. Het echtpaar Van Gelder realiseerde een American Dream in McDonald's in Best, met beelden van Amerikaanse iconen. Een levensgroot standbeeld van Michael Jackson, overblijfsel van diens HIStory World Tour, werd met Jackson's overlijden een bedevaartsoord.

3. A1, afslag 18. De overheid benoemde dit bos tot rolstoelbos. Dankzij brede geasfalteerde paden is het goed begaanbaar. Pas op voor parkeerwachters, want er zijn alleen invalidenparkeerplaatsen.

4. A4, afslag 4. In de lobby van het Van der Valk A4-hotel is de 24-uurseconomie zichtbaar. Gestrande reizigers, zakenlui, prostituees en andere gasten kruisen elkaar. Rond vier uur 's middags en zes uur 's ochtends kijk je uit op de geboorteplek van de file.

5. A2, afslag 51. Bergrust was een café aan de Rijksweg, maar ligt nu door een omlegging tussen de heen- en terugweg naar Maastricht. Op het 'snelwegeiland' komen inwoners van aangrenzende dorpen bijeen. De door geluidswanden afgeschermde plek is een roddelvrijplaats.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden