Op jezelf wonen valt vaak nog niet mee

Achtdelige reportageserie. Laatste aflevering: Op jezelf wonen valt vaak nog niet mee

Astrid is aan het verhuizen: in de hal van het Blijfhuis staan dozen, plastic zakken met speelgoed en een strijkplank. Een maand lang heeft ze geschilderd en behangen.

In haar appartement hebben alle vertrekken een andere kleur. De wc is lichtgroen, de huiskamer beige, de slaapkamers zijn geel, blauw en roze. Irina is twee weken geleden naar een eigen huis vertrokken, Esther is de volgende die zich mag inschrijven. Acht woningen per jaar krijgt het Haarlemse Blijfhuis toegewezen. Dat is veel voor een stad met een gebrek aan goedkope huurhuizen, maar eigenlijk is het dubbele nodig, zegt directeur Jacqueline Dingemanse.

Het vertrek van Irina is gevierd met taart, hapjes en tranen. 'We dringen er bij de vrouwen op aan officieel afscheid te nemen', zegt gezinsbegeleider Jacqueline Damen. Het is een symbolische daad. Eenmaal op zichzelf, krijgen ze nog een keer bezoek van een medewerker, maar daarna moet de navelstreng worden doorgesneden. Dat valt voor de meeste vrouwen helemaal niet mee. Na maanden in het Blijfhuis, waar ze afleiding hadden, altijd iemand vonden om tegenaan te praten en nooit een oppas hoefden te regelen, vallen ze vaak in een groot gat.

Dunya is na haar vertrek nog een paar keer langs geweest, met Marokkaanse koekjes en een kerstkaart. Dat mag de eerste paar weken, maar dan worden de regels strenger. 'Ze moeten leren op eigen benen te staan', zegt Dingemanse.

Sinds hun binnenkomst in het Blijfhuis hebben de vrouwen daarnaar toegewerkt. Ze hebben geprobeerd nieuwe vrienden en kennissen te vinden, geleerd hoe ze papieren moeten invullen, zich afgevraagd hoe ze straks met hun ex omgaan.

Desondanks hebben veel vrouwen ook na hun vertrek nog begeleiding nodig. Astrid kan naar een nazorggroep, haar kinderen blijven onder behandeling van de Riagg. Ze wordt bovendien aangesloten op Aware, een systeem waarmee ze met een druk op de knop de politie kan alarmeren.

Begeleid wonen zou voor haar beter zijn geweest, meent Dingemanse: woning inclusief hulp van het Blijfhuis. Maar die aanpak bestaat (nog) niet in Haarlem. De hoop van de directeur is gevestigd op de nieuwe centra voor huiselijk geweld die 'meer smaken' in de begeleiding zullen bieden.

Hoe het verder gaat met alle vrouwen die de groepswerkers en de gezinsbegeleiders op de rails hebben gezet, weet niemand. Soms horen ze nog iets van het maatschappelijk werk. Dat een vrouw eenzelfde type man heeft getroffen en opnieuw is gevlucht. Dat een vrouw opnieuw schulden heeft of dat het met de kinderen niet goed gaat.

Er zijn ook succesverhalen. Sylvia de Haas vluchtte jaren geleden weg bij haar vuurwapengevaarlijke ex, zat maanden in het Haarlemse Blijfhuis en zit daar nu weer, maar dan in loondienst. Zonder haar, zegt de directeur, valt de hele financiële administratie in duigen.

Dunya gaat het vast ook maken. In Marokko studeerde ze psychologie, ze droeg er een minirok, geen hoofddoek, vertelt ze. In Nederland verliet ze na vier jaar haar psychisch gestoorde, verslaafde man, wierp haar hoofddoek af en ging naar school. In de huiskamer van haar woning in een buitenwijk van Haarlem vertelt ze in prima Nederlands hoe bevrijd ze zich voelt.

Aan de andere kant van de stad heeft Astrid net alle lijmlagen van de trap gehaald. De lening van de stadsbank en de sociale dienst is die morgen op haar rekening gestort, op de markt heeft ze rode organza gekocht om gordijnen van te maken. Vandaag wordt het vinyl gelegd, vanavond zal ze met haar kinderen in het nieuwe huis slapen, desnoods op matrassen op de grond. Ze hebben dan net geen jaar in het Blijfhuis volgemaakt.

Voor Ingrid is die zelfstandigheid ver weg. Zij is een van de honderd vrouwen over wie de opvanghuizen vorige week een brandbrief aan minister Verdonk voor Integratie schreven. Ingrid is in levensgevaar, ze vreest voor eerwraak.

Haar ex heeft haar vorige week gevonden. Ze is onmiddellijk overgeplaatst.

De namen van de vrouwen en hun kinderen zijn omwille van hun veiligheid gefingeerd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden