Opinie

'Op het Nederlandse fietspad heeft de wielrenner het altijd gedaan'

Na ieder tragisch ongeluk met een fietser en een wielrenner gaan er stemmen op de renners maar naar de rijbaan te verbannen. Maar dat is niet de oplossing, betoogt student Martijn Oldenhave.

Fietsers maken een tochtje op de Ginkelse Heide in de omgeving van Ede.Beeld anp

Afgelopen zondag is helaas een 68-jarige fietsster overleden toen zij in botsing kwam met een wielrenner die in een groep reed. Hoewel de precieze toedracht van dit tragische ongeluk nog onbekend is, heeft men op de reactiepagina's van de nieuwswebsites al consensus bereikt: Het is de schuld van die asociale wielrenner die ongetwijfeld veel te hard reed en zich gedroeg alsof de hele weg van hem was. Het lijkt alsof voor veel Nederlanders 'asociale wielrenner' al niets anders is dan een pleonasme. Maar is de wielrenner wel de wegpiraat die hij wordt beschuldigd te zijn?

Volgens de Fietsersbond regent het al jaren klachten van recreatieve fietsers die zich storen aan het gedrag van wielrenners op het fietspad. In 2010 bewoog dit de Fietsersbond ertoe om samen met de Nederlandse Toer Fiets Unie een voorstel in te dienen dat er in voorzag dat groepen wielrenners ook op de rijbaan mochten fietsen. De politiek en Veilig Verkeer Nederland voelden hier echter weinig voor. Maar ook Veilig Verkeer Nederland geeft aan, bij monde van Rob Stomphorst op BNR Nieuwsradio, vaak klachten te krijgen over groepen wielrenners die andere fietsers passeren met een 'redelijk arrogante toon'.

Zulke incidenten komen zeker voor: het is immers naïef om te denken dat er onder de honderdduizenden recreatieve wielrenners in Nederland geen rotte appels zitten, maar de manier waarop wielrenners door het publiek, maar ook door organisaties als de Fietsersbond en VVN als onverantwoordelijke en arrogante snelheidsmaniakken worden neergezet is ronduit aanmatigend en pertinent onjuist.

Agressief
Het is duidelijk dat er een snelheidsverschil bestaat tussen wielrenners en recreatieve fietsers en de meeste problemen tussen deze twee groepen fietsers doen zich dan ook voor tijdens inhaalmanoeuvres. Recreatieve fietsers schrikken vaak als wielrenners voorbij komen zonder te bellen of voelen zich onder druk gezet door gebel van achteropkomende wielrenners.

De wielrenners zelf hebben echter ook moeite met gewone fietsers: Waar wielrenners er vaak van worden beschuldigd het hele fietspad voor zichzelf te nemen, rijden recreatieve fietsers evengoed dikwijls met twee of drie fietsers naast elkaar op krappe fietspaden en laten daarbij geen ruimte voor inhalend verkeer. Daarbij komt ook dat recreatieve fietsers door hun vaak erg lage snelheid of matige fietsbeheersing veel slingeren. Vooral bij slingerende voorliggers willen wielrenners nog weleens hun aantocht bekend maken, ook al is er in principe genoeg ruimte op het pad. De fietsers kunnen dit gebel als agressief of onnodig ervaren, maar de wielrenner wil veilig kunnen passeren.

Fietsbeheersing
Een ander punt van zorg voor wielrenners is hoe fietsers reageren op het gebruik van de fietsbel: Niet door direct naar rechts te gaan, maar door eerst over de linkerschouder te kijken om te zien wie of wat dat geluid maakt. Wat er dan vaak gebeurt is dat door matige fietsbeheersing veel fietsers niet alleen hun hoofd naar links draaien, maar ook hun stuur en daarmee de inhalende wielrenner in feite afsnijden, waardoor deze vaak hard aan de rem moet trekken om een aanrijding te voorkomen. Het is makkelijk om dit soort (bijna-)incidenten op het conto van de asociale wielrenner te schrijven, maar het zijn evengoed de onervarenheid en matige fietsbeheersing van veel fietsers die dit soort situaties veroorzaken.

Na ieder tragisch incident zoals dat van afgelopen zondag gaan er stemmen op om wielrenners maar naar de rijbaan te verbannen, maar dat is niet de oplossing. Net zo goed als er een snelheidsverschil bestaat tussen fietsers en wielrenners, bestaat die er ook tussen wielrenners en auto's. In België en Duitsland heeft men wél voor deze maatregel gekozen, maar in een land dat zoveel investeert in infrastructuur voor fietsers als Nederland, moet het onbespreekbaar zijn om een grote groep fietsers van het fietspad te jagen.

De fietser en de wielrenner lijken onverenigbare entiteiten, maar wat zij gemeen hebben is dat zij beiden genieten van het fietsen als hobby. De één rijdt simpelweg sneller dan de ander, maar daar houden de verschillen wel op. Zowel fietsers en wielrenners zouden zich meer bewust moeten zijn van het feit dat het fietspad er is voor alle soorten fietsen. Meer onderling begrip zou op zichzelf het aantal incidenten tussen fietsers en wielrenners al kunnen doen afnemen, maar beide groepen hebben nog het één ander te verbeteren.

Wielrenners: Monteer allemaal een bel op uw fiets zodat schreeuwen niet meer nodig is, bel ruim van tevoren en passeer andere fietsers één voor één en achter elkaar. Fietsers: Wielrenners kunnen het beste beoordelen of zij al dan niet genoeg ruimte hebben om te passeren, dus als zij bellen vertrouwt u dan op hun oordeel en ga zo spoedig mogelijk naar rechts en laat u alstublieft altijd ruimte aan de linkerkant van het pad voor passerend verkeer.

Martijn Oldenhave is student American Studies aan de Rijksuniversiteit Groningen en fervent wielrenner.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden