ACHTERGROND

Op geradicaliseerde moslims valt niet één etiket te plakken

Net als de zelfmoordterroristen van de aanslagen van 11 september, zal de jihadist met snode plannen in Nederland zich waarschijnlijk niet orthodox gedragen.

Beeld ANP

Kijk uit voor alerte burgers en autoriteiten, zo luidt de waarschuwing die op internet circuleert in radicale moslimkringen. Potentiële Syriëgangers moeten niet opvallen. Geen lange baarden en djellaba's dragen en vrouwen geen nikabs.

Ze moeten er uit zien als gemiddelde toeristen. Niet te veel bagage meenemen. Een rugzakje voldoet. En vooral geen enkele vlucht boeken, dat valt op. Echte toeristen beschikken over een retourticket.

Deze boodschap laat zien dat jihadi's westerse media op de voet volgen. Ze anticiperen op het veiligheidsbeleid en op angstgevoelens die in een samenleving kruipen, vooral na de waarschuwingen voor home grown terrorisme. Zo zei VVD-Kamerlid Klaas Dijkhoff in reactie op de toegenomen dreiging donderdag tegen PowNews dat moet worden ingegrepen 'als de baarden en jurken langer worden en personen zich afsluiten van de rest van de buurt'.

Mohammed Atta

Maar de jihadist met snode plannen zal zich waarschijnlijk niet orthodox gedragen. Die zal zich eerder modelleren naar Mohammed Atta, een van de zelfmoordterroristen van de aanslagen van 11 september 2001 in Amerika. Vlak voor hij in actie kwam speelde hij met een neef videospelletjes en dronk alcohol in een bar in Florida. Dergelijke types opsporen en volgen behoort tot de taak van internationale veiligheidsdiensten.

Aissa Zanzen van het Samenwerkingsverband Marokkanen in Nederland (SMN) waarschuwt voor het simplisme dat hij ziet bij zowel de politiek als de samenleving. 'Een puber die hardop zegt dat Amerika zelf aanslagen uitlokt, hoeft niet per se radicaal te zijn', zegt hij. 'Een stil persoon die zich niet uit, kan wel gevaarlijk zijn.'

Zanzen signaleert 'ernstige verontrusting' in moslimgemeenschappen over het huidige klimaat in Nederland. Hij vreest voor post-Theo van Gogh-toestanden. Toen had de paniek de overhand. Hij verwijst naar 'het treinincident' tijdens de ramadan in 2005.

Mohammed Atta. Beeld getty
Mohammed Atta vlak voor de aanslagen op de Twin Towers op 11 september 2001. Beeld ap

Loos alarm

Treinreizigers hadden twee moslims in djellaba's zich vreemd zien gedragen. Ze hadden tassen bij zich en bleven verdacht lang op het toilet. De politie werd gebeld. Die rukte uit en arresteerde de mannen. Loos alarm, bleek later. De orthodoxe mannen waren beurtelings, de één tien en de ander vijf minuten, naar de wc geweest om zich ritueel te reinigen voor het gebed.

Was het maar zo eenvoudig dat we één etiket konden plakken op een Syriëganger of terrorist, zegt Zanzen. Vanuit Amsterdam zijn minstens dertig personen naar Syrië of Irak vertrokken, weet hij. Zanzen kent hun achtergronden. 'Er zitten leidersfiguren bij, een schizofreen, ex-criminelen. Ik ken een man wiens vrouw en drie kinderen zijn vertrokken. Het is niet goed als mensen zonder enige kennis van radicalisering stempels gaan drukken op medeburgers.'

Onrust is er in de Haagse Schilderswijk vanwege een aantal valse meldingen over een dreigende jihadgang. Docenten op school krijgen op cursussen handvatten aangereikt hoe radicalisering te herkennen.

'De leraren krijgen enge filmpjes te zien die radicale jongeren bekijken en schrikken zich een ongeluk', zegt een moeder. Ze zien leerlingen met een IS-stickertje, of een jongen die een baardje laat staan en hup ze gaan die jongeren bij de politie aangegeven als potentiële jihadist.'

Preventie

SMN pleit voor een andere aanpak van preventie. 'Minder tussenbureautjes die radicalisering slechts van papier kennen, moeten worden ingezet. De overheid moet de moslimgemeenschappen er op een subtiele, aangename manier bij betrekken. Mensen die geworteld zijn in die gemeenschappen kunnen radicaal gedrag beter en eerder signaleren.'

Zanzen legt de nadruk op het woord subtiel. 'In Nederland werd al flink gepolariseerd. Sinds Syrië en de opkomst van IS is dat erger geworden. Ik zie angsten in de ogen van ouders die zelf worstelen met de radicalisering van hun kinderen. Ze voelen de druk van de gemeenschap, van de buurt, de samenleving en de overheid, die krampachtig omgaat met het fenomeen radicalisering. Die ouders kruipen in de schulp en zullen niet snel meewerken met autoriteiten.'

PvdA-Kamerlid Ahmed Marcouch vindt ook dat de overheid te weinig 'in de haarvaten van de samenleving' zit. Hij riep deze week wijkagenten, docenten en ouders op alert te zijn op 'risicogevallen' en steunt het pleidooi van SMN. 'Veiligheid is de verantwoordelijkheid van ons allemaal', zegt Marcouch.

Vertrouwenspersoon

'Ouders, imams, jongeren uit de omgeving van een radicaal moeten kunnen aankloppen bij vertrouwenspersonen die expertise hebben.' En dat is waar het volgens hem aan ontbreekt.

Bij de politie zitten deskundigen die bommeldingen taxeren. 'Het is van belang dat die meldingen goed worden ingeschat. Anders gaat er teveel fout.'

Dergelijke deskundigheid moet er ook komen op het terrein van radicalisering, vindt Marcouch. 'De burger die specifieke informatie heeft moet het gevoel hebben dat hij serieus wordt genomen en dat de overheid in staat is die informatie te vertalen in een juiste actie op maat.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.