Op de set bij 'Hoe duur was de Suiker'

Het oer-Surinaamse slavernijdrama. Hoe duur was de suiker, de openingsfilm van het NFF, is opgenomen nabij Kaapstad. Zuid-Afrikanen spelen slaven. Confronterend? 'Het is een zegen dat een film als deze wordt gemaakt.'

Scène uit Hoe duur was de suiker Beeld Hoe duur was de suiker
Scène uit Hoe duur was de suikerBeeld Hoe duur was de suiker

Wanneer ze even niet vegen, tuinieren of met iets op hun hoofd voorbij wandelen, wachten de Zuid-Afrikaanse figuranten van het Surinaamse slavernijdrama Hoe duur was de suiker in rode plastic stoeltjes op hun beurt. Een blauwe fleecedeken beschermt ze tegen de kou; de opnamen in de omgeving van Stellenbosch, een kilometer of 50 ten oosten van Kaapstad, beginnen vandaag vroeg.

De in lompen gehulde mannen en vrouwen die vandaag bijverdienen als slaaf in het 18de-eeuwse Suriname zijn vooral bewoners van de arme buitenwijken, de townships, van Kaapstad. Terwijl medefiguranten voor het oog van de camera zwijgzaam een aantal doodskisten tillen, wachten zij, broodje en koffie binnen handbereik, op hun scène. Geketend zijn ze niet, wel zijn ze gehuld in schaarse slavenkledij. Als dienaren van de Nederlandse kolonisten hebben slechts enkelen tekst, het merendeel speelt een decoratieve rol.


Moeilijk communiceren
Dat de figuranten goed worden verzorgd lijdt geen twijfel, maar voor de verslaggever, die niet dagelijks werkt aan de enscenering van slavernij, geeft het beeld een dubbel gevoel. Of de figuranten hetzelfde ervaren, valt niet direct af te leiden uit hun argeloos onderuitgezakte zitpose. 'Ik weet niet of het ze echt raakt', zegt regisseur Jean van de Velde later op de dag, doek tegen de felle middagzon op het hoofd. 'Het is moeilijk communiceren, we spreken elkaars taal niet, maar ik geloof niet dat ze er emotionele schade aan overhouden. Volgens mij zijn het heel gewone figuranten.'

De Zuid-Afrikaanse actrice Mary Twala (73), die een bijrolletje speelt als oude wijze slavin, legt uit hoe haar rol sterke herinneringen oproept. Twala, woonachtig in Johannesburg, ondervond de apartheid aan den lijve. In de taxi op weg naar de set vertelt ze over de rol die ze medio jaren zeventig speelde in de townshipmusical How Long Must We Suffer van Gibson Kente. Toen de regisseur het stuk trachtte te verfilmen werd hij gearresteerd en verdween een paar maanden in de cel. 'Een verschrikkelijke tijd', zegt de kwieke dame hoofdschuddend. De gedachte dat het spelen van een slavin juist voor haar confronterend zou zijn, lacht ze hardop weg. Vurig: 'Ik heb het idee dat vooral schoolkinderen zich nog veel te weinig bewust zijn van deze periode. Iedereen zou ervan moeten weten. Het is een zegen dat een film als deze wordt gemaakt.'

Hoe duur was de suiker, de openingsfilm van het Nederlands Film Festival, werd een aantal maanden geleden onder regie van Jean van de Velde (All Stars, Wit Licht) opgenomen in een uitgestrekt natuurgebied, dat onder meer dienst doet als Legacy Park, een natuurbegraafplaats. In april streek de crew neer bij een huis aan een meertje in het bos, waar de Nederlandse Hebron-suikerrietplantage uit het gelijknamige boek van de Surinaamse schrijfster Cynthia McLeod is opgetrokken. Afgebladderde verf en herfstbladeren aan de ene kant - daar filmt Van de Velde vandaag de begrafenis - aan de andere kant zien we de plantage in betere tijden, met uitzicht op het meertje dat in de film dienstdoet als Surinamerivier.

null Beeld Hoe duur was de Suiker
Beeld Hoe duur was de Suiker

Aan de andere kant van de oceaan
Van de Velde verfilmt de klassieke bestseller uit 1987, waarin McLeod de blanke halfzusjes Elza en Sarith en slavin Mini-Mini opvoert in de Nederlandse kolonie. Terwijl Sarith (in de film gespeeld door Gaite Jansen) zichtbaar moeite heeft met het koloniale leven, ziet Mini-Mini (debutante Yootha Wong-Loi-Sing) kans om aan haar ondergeschikte rol te ontsnappen.

Het lijkt vreemd dat juist zo'n oer-Surinaams verhaal aan de andere kant van de Atlantische Oceaan wordt opgenomen, maar die keuze ligt toch voor de hand. 'Natuurlijk wilde ik de film het liefst in Suriname maken', zegt Van de Velde. Hij toog naar Suriname om met schrijfster McLeod - 'de Surinaamse variant van Hella Haasse, een grand old lady' - mogelijke filmlocaties te bekijken. Die exercitie liep uit op een teleurstelling.

Midden in Paramaribo
McLeod wist nog wel een paar oude woningen uit de periode van de slavernij die de regisseur goed kon filmen, had ze gezegd. Van de Velde: 'Die huizen bleken midden in de chaos van Paramaribo te staan. Als je zo'n huis op een meter afstand filmt, werkt het nog wel, maar het is onmogelijk om een shot te draaien waarin een personage richting dat huis wandelt.' De schrijfster en filmmaker bezochten daarop een aantal ex-plantages, met de boot waarmee McLeod af en toe rondleidingen geeft aan Surinaamse schoolklassen. Ook daar ving Van de Velde bot: de oude plantages bleken getransformeerd tot toeristenoorden. 'Een soort lodges waar je ook niet kan filmen. Je kan ze verbouwen, maar dan is er geen suikerriet - dat groeide daar destijds overal.'

null Beeld Hoe duur was de Suiker
Beeld Hoe duur was de Suiker

Aan de oevers van de Surinamerivier verdampte de hoop om Hoe duur was de suiker in Suriname te verfilmen definitief. 'Daarvan was ook Cynthia overtuigd.' Zuid-Afrika was vervolgens eerste keus. Sinds een jaar of tien staat er een complete filmindustrie ter beschikking. Dankzij diverse belastingvoordelen is het land voor buitenlandse filmers, die al eerder afkwamen op de diverse landschappen en het mooie weer, zeer voordelig geworden.

Film is in Zuid-Afrika zelfs letterlijk zichtbaar. Op weg van het vliegveld van Kaapstad naar de filmset passeren we levensgrote modellen van zeilschepen die worden gebruikt voor de opnamen van het door Michael Bay geproduceerde piratenspektakel Black Sails.

Geoliede historische film
's Avonds, in een tent met het geluid van krekels op de achtergrond, vertelt Van de Velde wat hij met het boek van McLeod beoogt. Een geoliede historische film met mooie af en aan rijdende koetsjes moest het in ieder geval niet worden - te duur ook. De tropen van Van de Velde mogen zweterig en plakkerig zijn. De gruwelen filmt hij ook - in een door Job ter Burg gemonteerde showreel is te zien hoe een slaaf een van zijn ledematen verliest - maar of ze de film halen, wordt tijdens de draaiperiode nog niet bepaald.

Over de insteek van zijn adaptatie is hij duidelijk: 'Ik koos ervoor om Mini-Mini de hoofdpersoon te maken en het verhaal door haar ogen te vertellen. De film gaat over Suriname, ik vond het niet zo interessant om te laten zien hoe het koloniale leger eruitziet. Daar zit de spanning van het verhaal niet. Die zit in de vraag: hoe kan het zijn dat iemand die slachtoffer is van een systeem loyaal blijft aan dat systeem? Vaak zijn slachtoffers even loyaal aan het systeem als daders. Tot welk moment ga je mee in het systeem en wanneer denk je: nu is het genoeg? Waar trekt zij haar grens?'

Gebruik van het ongemak
De 18-jarige huisslavin Mini-Mini wordt vertolkt door Yootha Wong-Loi-Sing, een Nederlandse actrice en zangeres met Surinaamse ouders. Als het even kan, maakt Van de Velde gebruik van het ongemak dat vrijwel vanzelf ontstaat wanneer hij donkere acteurs in slavenrollen laat optreden. 'Op een gegeven moment wordt Yootha in een hok gegooid met nog tien andere halfnaakte dames. Dan weet je: hier hoef ik niets meer te zeggen. Die emoties komen vanzelf.'

Wong-Loi-Sing wandelt de helft van de tijd rond met ontbloot bovenlijf, in het minimale lapje stof dat slavinnen destijds droegen. 'Dat is zeker eng, ja', zegt ze tussen de opnamen van twee scènes door. 'Ik heb er wel even over moeten nadenken. Los van de uitdagingen op spelgebied dacht ik: kan ik dit? Durf ik dit? Maar de context is totaal niet erotisch - dat maakt het veel eenvoudiger. Uiteindelijk gaf een opmerking van mijn vader de doorslag. So what, zei hij, het is geen porno. En wat had je gedacht? Dat je in een film over de slavernij in een leuke outfit op de set zou staan? Daar heb je een punt, dacht ik.'

Heel Surinaams
Als Nederlands kind van Surinaamse ouders voelt ze zich tijdens de opnamen op sommige momenten bovendien heel Surinaams. 'Ik ben Rotterdamse, westers, Europeaans, of hoe je het ook wilt noemen. Neem dan de dansscène die we opnamen; als je dan als Surinamer niks voelt, ben je niet Surinaams. Je kunt niet alle Surinamers ritmisch noemen, maar heel veel Surinamers hebben dat onder controle. Zodra die muziek gespeeld wordt, komt er een soort oergevoel naar boven.'

De goedkeuring van haar familie was belangrijk, zegt ze. 'Veel Surinamers kennen het boek. Het staat al jaren bij mijn moeder in de kast, het is een van de bestsellers van het land. Vorig jaar ontmoette ik de schrijfster - Cynthia is een vriendin van mijn peettante, Suriname is klein - en zij vertelde dat ze nooit had verwacht dat het boek zo'n succes zou worden. Het verscheen in mijn geboortejaar. Dat vind ik een mooie gedachte.'

Oude liedjes
Tijdens het draaien vertelt regisseur Van de Velde hoe lastig het is om de film 'honderd procent Suriname' te maken. 'Ik denk dat vooral ook de taal, het Sranan, de film uiteindelijk toch Surinaams maakt. Taal is heel belangrijk. Ik heb er zoveel mogelijk oude liedjes in proberen te verwerken - ik hoop dat het werkt. Met de art direction komen we in de buurt. We draaien in Paramaribo nog een paar overzichtsshots, zodat je de stad aan de rivier in de verte kan zien liggen. Ik wil natuurlijk niet de hoon van de Surinaamse gemeenschap over mij heen, maar ik denk dat Surinamers ook niet precies weten hoe hun land er in 1778 uitzag.'

Aan het eind van de opnamedag dansen slaven uitbundig rond een vuur. Het is feest - lichtflitsen suggereren vuurwerk. Sarith raakt gebiologeerd door een dansende man en neemt hem mee in het donker. De overige slaven, Mini-Mini voorop, dansen bijna euforisch verder op het ritme van de trommels.

Tijdens de laatste take trekt ook Van de Velde zijn shirt uit - wild zwaaiend met zijn armen doet de regisseur even mee. 'Hiervoor hebben wij de Awassadans geoefend', zegt hij na afloop, happend naar adem. 'Dat is: laag in de hurken, die armbewegingen, het ritme dat Yootha op een gegeven moment nog een beetje corrigeerde. Voor je het weet voeren de Zuid-Afrikaanse figuranten een Zoeloedans uit. Ik zou het lullig vinden als dat soort dingen misgaan.'

null Beeld anp
Beeld anp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden