REPORTAGE

Op de bus naar het kalifaat

Een paar keer per week gaat er een bus vanuit de Syrische hoofdstad Damascus naar het IS-bolwerk Raqqa. Hoe is het leven daar? 'Ik zeg niks, ze hakken mijn hoofd af.'

Zo'n 60 kilometer ten westen van Raqqa is de laatste controlepost van het Syrische leger, daarna wordt het niemandsland. Beeld Teun Voeten
Zo'n 60 kilometer ten westen van Raqqa is de laatste controlepost van het Syrische leger, daarna wordt het niemandsland.Beeld Teun Voeten

De bus naar Raqqa ruikt naar angst. Zodra de woorden Islamitische Staat (IS) vallen, slaan de passagiers dicht en richten hun blik op hun handen. Vragen over het gedrag van de terreurgroep die hun stad beheerst, worden hooguit beantwoord met een enkele gemompelde zin. Bij de bushalte verklaart een oudere man dat hij niet kan praten. 'Anders hakken ze mijn hoofd er straks af.'

Toch vertrekken op deze grauwe vrijdagochtend enkele tientallen mensen naar de 'hoofdstad' van Islamitische Staat. Langs de snelweg naar het noorden staat een handvol ronkende touringcars klaar. 'Raqqa direct', vermeldt het bord naast de laatste. Alsof een mogelijke omweg het grootste bezwaar is voor een tochtje naar het bolwerk van 's wereld wreedste terreurgroep.

De meeste passagiers kwamen naar Damascus voor medische behandeling. Een enkeling keert terug met handelswaar die onder IS moeilijk beschikbaar is. Suiker, thee, auto-onderdelen. Een van de mompelaars op de bus verklaart dat het allemaal wel meevalt in het kalifaat.

Maar buiten de bus, en buiten het zicht van medepassagiers die weleens informant van IS zouden kunnen zijn, komen de verhalen los. Dit zijn de achterblijvers, de mensen die liever de oorlog uitzitten dan te vertrekken naar een vluchtelingenkamp in Turkije of Syrië. Maar één verkeerde beweging en je bent de pineut.

De regels zijn simpel. Vrouwen mogen alleen gesluierd over straat en moeten dan worden begeleid door broer, vader of echtgenoot. Roken, gokken en drinken zijn verboden. Winkels moeten vijf keer per dag dicht tijdens het gebed, deelname is verplicht. Wie de regels overtreedt, komt voor het gerecht van IS.

Reizigers wachten op de bus van Damascus naar Raqqa. Beeld NOS
Reizigers wachten op de bus van Damascus naar Raqqa.Beeld NOS

'Daar volgen ze hun eigen interpretatie van de hadith', zegt een dertiger, verwijzend naar de enorme hoeveelheid overleveringen uit het leven van de profeet Mohammed. 'Die interpretatie praat al die lijfstraffen goed. Ze zitten hartstikke fout natuurlijk, dat weten we allemaal. Maar zij zijn nu de baas. Dus je volgt hun regels.'

Wie dat doet, wordt over het algemeen met rust gelaten. Een man merkt dan ook op dat hij de afgelopen tijd vooral bang is voor luchtaanvallen van de coalitie geleid door de VS. 'Met name sinds die Jordaanse piloot werd vermoord', zegt hij. 'Sindsdien wordt er intensief gebombardeerd.'

Gesprekken met zes bewoners van Raqqa scheppen een eenduidig beeld. Er is voldoende voedsel in de provincie, maar prijzen stijgen. Brandstof is van slechte kwaliteit en voor velen onbetaalbaar. Water is meestal aanwezig, met dank aan de nabijgelegen rivier de Eufraat, elektriciteit is er maar een paar uur per dag.

En is het nu waar? De martelingen, onthoofdingen, kruisigingen, zweepslagen?

Allemaal waar, zeggen de passagiers. De chauffeur heeft al eens twintig zweepslagen gehad omdat hij rookte. Een andere man, Abu Khaled (45), trof hetzelfde lot omdat in zijn café de plaatselijke jeugd zat te kaarten. Wie steelt, raakt zijn hand kwijt. Onthoofdingen vinden plaats op het Naeemplein (Plein van het Paradijs), vertelt een bejaarde dame. 'Ten overstaan van de bevolking. Om ons manieren te leren.' En toch gaan ze terug; voor velen is het moeilijke leven onder IS een betere optie dan een thuisloze toekomst elders.

Wie geen slachtoffer wordt van Syrische granaten, internationale bommen of de zwaarden van Islamitische Staat, wordt indirect geraakt. Nadat de bus vertrokken is, treffen we een laatkomer. De vrouw, pakweg eind 20, schuilt onder een stuk zeil, een mannetje van 2 jaar oud op haar schoot. Het jongetje heeft kanker. Zijn moeder heeft de afgelopen maanden in Damascus doorgebracht, slapend naast zijn ziekenhuisbed, terwijl haar zoontje een chemokuur onderging. Alleen zij mocht weg uit haar dorp nabij Raqqa, wegens de speciale omstandigheden van haar zoon. Haar man moest achterblijven. De behandeling is voor nu klaar, maar over een paar weken moet ze weer terug naar Damascus.

'Er is geen enkele medische verzorging in Raqqa,' zegt de moeder, we noemen haar Layla. 'Misschien voor een verkoudheid of zo, maar verder niets. Strijders die gewond raken, worden naar Turkije gebracht, maar veel mensen sterven door het gebrek aan medische hulp. Strijders en burgers.'

Terwijl de regen op het zeil tikt, beschrijft ze haar leven sinds de burgeroorlog vier jaar geleden uitbrak. De strijders van IS zijn netjes tegen de dorpelingen, en die houden zich weer aan hun regels. Maar sinds de groep de provincie heeft overgenomen, is de irrigatie in het gebied stilgelegd en is haar man zijn werk als landarbeider kwijt. Was het gezin voor de opstanden al straatarm, nu zit het aan de bedelstaf. Er is wel voedsel, maar zij kunnen het nauwelijks betalen.

De eerste twee jaar van de burgeroorlog leefde ze onder de stelende rebellen van het Vrije Syrische leger, nu leggen de fanatieke jihadisten van IS hun wil op.

Gevraagd of het beter was onder het Vrije Syrische Leger of onder IS, komt ze dan ook snel met een derde optie. 'Onder het regime', zegt ze. 'We konden werken, eten en mijn zoon had medische hulp kunnen krijgen.'

null Beeld de Volkskrant
Beeld de Volkskrant

IS nadert troepen VS

Strijders van Islamitische Staat (IS) naderen een vliegbasis waar vierhonderd Amerikaanse militairen hun Iraakse collega's trainen. Acht jihadisten hebben de basis zelfs aangevallen, maar zijn allemaal gedood, zo stelt het Amerikaanse ministerie van Defensie. Dat ontkende aanvankelijk de aanval, maar kwam daar later op terug. In een tweede lezing waren de IS-strijders tot aan de poort van de basis gekomen, of er zelfs even in geweest.

De Amerikaanse autoriteiten benadrukken dat de IS-strijders gedood zijn door Iraakse troepen en niet in het zicht zijn gekomen van Amerikaanse militairen. Wel werden enkele Apache-helikopters naar het strijdtoneel gestuurd, maar die hebben zich niet met het afslaan van de aanval bemoeid. De Amerikaanse mariniers bevonden zich in de uitgestrekte basis enkele kilometers verderop.

De vliegbasis is in de buurt van de aan de Eufraat gelegen stad Al-Baghdadi in de provincie Anbar. Een groot deel van dat gebied is in handen van IS en donderdag slaagde de terreurbeweging erin een groter deel van de stad onder controle te krijgen. Ondertussen voerden de VS met coalitiegenoten donderdag en vrijdag acht luchtaanvallen op IS-stellingen uit in zowel Syrië als in Irak.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden