Op 'autoshowroom' Sabang geldt de wet van de jungle

Sinds het eiland Sabang de status van vrijhandelszone heeft, mag het wat de rest van Indonesië niet mag: tweedehands auto's importeren....

Vanmiddag wordt op Sabang een schip verwacht. Het derde alweer deze week. Sabang maakt zich op voor de komst van de vrachtboot uit Singapore: ambtenaren van de 'BPKS' stempelen stapels douanestickers, autohandelaren reorganiseren hun parkeerplaatsen, en winkeliers en kantoorhouders in het stadje maken hoekjes vrij voor hun deel van de lading.

Het vliegveld maakt zich op voor de landing van 'de Hercules', die zijn deel van de lading komt ophalen. Legaal is het allemaal niet wat op Sabang gebeurt, maar de wet is iets waar ze op Sabang zeer pragmatisch mee omgaan.

De boot uit Singapore brengt deze keer meer dan tweehonderd auto's naar de 'vrijhaven' of 'vrijhandelszone' Sabang - een klein eiland aan de noordelijke punt van de roerige provincie Atjeh. De oorlog, die de rest van Atjeh al meer dan vijfentwintig jaar heeft geteisterd, is aan Sabang voorbijgegaan. Het eiland was een oase van rust en welvaart, waar zelfs in de donkerste dagen van de oorlog nog toeristen te vinden waren die voor de kust tussen de koraalriffen kwamen duiken.

Nu zijn het vooral de auto's die mensen in drommen naar Sabang lokken. Sinds presidentieel decreet 37/2001 Sabang de status heeft gegeven van 'vrijhaven' en 'vrijhandelszone' mag Sabang wat de rest van Indonesië niet mag: tweedehands auto's importeren.

Door het verbod op het importeren van gebruikte auto's is een goede tweedehands auto in Indonesië bijna even duur als een nieuwe. De auto's die Sabang binnenkomen zijn vijf, zes jaar oud - zo goed als nieuw naar de maatstaven van Indonesië, waar zo zuinig met dure auto's wordt omgesprongen dat zij tientallen jaren meegaan. De prijzen van de auto's zijn laag. Een Jaguar die in Jakarta makkelijk 200 miljoen rupiah (ruim twintigduizend euro) doet, kost hier vijftig miljoen (vijfduizend). In het rijke Singapore, waar de auto's vandaan komen, zijn tweedehands auto's niets waard - daar rijdt men in nieuwe.

Sabang is een aaneenschakeling van geïmproviseerde showrooms. In loodsen, erven, weilanden en achtertuinen staan auto's. Kleine Suzuki's, middelgrote Toyota's en Mercedessen, BMW's en Volvo's . De meeste auto's die Sabang binnenkomen zijn niet bestemd voor het eiland zelf. Zij gaan naar de overkant, naar Atjeh. Wie zijn auto daar wil gebruiken moet 165 procent importbelasting betalen, maar zelfs dan heeft hij een koopje. Saifuddin, een groentehandelaar uit Banda Atjeh heeft net voor twintig miljoen (tweeduizend euro) een Toyota Corolla gekocht. Met belasting kost de auto hem 50 miljoen, nog altijd maar de helft van wat zo'n auto normaal zou kosten.

Eigenlijk had Sabang een quotum voor de import van auto's. Toen het eiland in 2001 zijn vrijhandelsstatus kreeg, kreeg het toestemming om dertienhonderd auto's in te voeren. Dat quotum was snel op en is nooit meer verlengd. In plaats van het einde van de handel, betekende dat pas het begin. Want met het quotum verviel ook de 15 procent belasting die de handelaren aan de gouverneur in Banda Atjeh moesten betalen . Nu betalen zij alleen nog de 5 procent aan het 'BPKS', de overheidsinstantie die de vrijhandelszone Sabang beheert. Alles wat op Sabang gebeurt verloopt via de BPKS.

Op het kantoor van het BPKS stempelen ze zoveel importstickers als er auto's binnenkomen. Drs Fadlun, vice-directeur van de organisatie, erkent dat dat niet helemaal in de haak is: 'Toen het quotum op was zijn we gewoon doorgegaan. Ik weet dat dat illegaal is, maar niemand zegt er iets van. Wij hebben nooit meer iets van de overheid in Banda Atjeh gehoord. ' Bovendien levert het geld op voor Sabang en de BPKS zelf. Vijf procent per auto. 'Afgelopen maand alleen al 200 miljoen', zegt Fadlun trots.

Waar dat geld heengaat kan hij niet zeggen, maar het kan geen toeval zijn dat Fadluns directeur Zulkarnain Nyak Abbas ('de machtigste man van Sabang') een paar dagen tevoren in een hotelbar in Banda Atjeh openlijk met een autohandelaar zit te praten. Die handelaar laat zich trots ontvallen dat 'Pak Zul' een Rolls Royce wil kopen.

Hoe rekbaar de wetten op Sabang zijn blijkt als een koper zegt dat hij zijn auto graag in Jakarta wil hebben. Auto's die Sabang binnenkomen mogen volgens de wet alleen op het eiland en in Atjeh worden gebruikt. Verkoop aan andere delen van Indonesië is illegaal. Maar het gebeurt. Ambtenaar Fadlun: 'We weten dat dat gebeurt. Natuurlijk gebeurt het. Wie sterk is kan hier doen wat hij wil, hè? Dit is Indonesië. Hier geldt de wet van de jungle.'

Hamdani, een zeeman die acht maanden geleden zijn spaargeld in de autohandel stak, heeft een mooie Jaguar staan voor 50 miljoen. 'Natuurlijk kan die naar Jakarta', zegt hij. 'Geen probleem.' Hij rekent voor dat het transport zo'n 20 miljoen kost, en dan de papieren: 'Echte papieren. Die kosten nog eens minstens 45 miljoen (zo'n vijfduizend euro). Dat hangt af van de auto.' Andere handelaren vertellen hetzelfde.

Hoe de auto's in Jakarta aankomen? 'Met de Hercules', antwoorden zij zonder uitzondering. Iedereen op Sabang weet dat de Hercules - het zware transportvliegtuig van de Indonesische luchtmacht - een paar keer per maand op het kleine vliegveld van Sabang landt, auto's inlaadt en die naar Medan en Jakarta vliegt.

Iedereen verdient een beetje mee. De luchtmacht, de handelaren, het BPKS, de ambtenaren van een coöperatie die in hun kantoor een paar motoren en een lading 'Red Bull' te koop aanbieden. Ook de politie krijgt zijn 'beschermingsgeld', zeggen de handelaren, en zo is iedereen tevreden.

Iedereen behalve de taxichauffeurs, die vandaag staken omdat al die auto's hun broodwinning bedreigen: niemand neemt een taxi om zijn familie van de veerboot af te halen. Iedereen leent een auto voor een 'proefrit'. Er zijn er meer dan genoeg.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.