Oorlogsverklaring

Met de middelen (live-verbinding) en de kennis van nu maakte Ad van Liempt een tv-programma dat eruit ziet alsof het in 1947 is gemaakt. Het gaat over de eerste politionele actie in Indonesië. Met antwoorden op vragen die toen niemand durfde te stellen.

Het is fascinerende televisie. Je zit meteen rechtop wanneer een zware militaire tank dreigend de huiskamer komt binnenrollen en Maartje van Weegen alarmerend zegt: 'Militaire aanval op republiek Indonesië begonnen.' Even later is ze daar zelf in stemmig bruin mantelpak achter een antiek bureau met bakelieten telefoon en een microfoon uit het jaar nul. Achter haar licht de landkaart van Nederlands-Indië op, geheel volgens de Bosatlas van 1947.


Het is 21 juli 1947. Het einde van de Tweede Wereldoorlog is nog geen twee jaar en twee weken geleden of Nederland is opnieuw in oorlog, nu aan de andere kant van de wereld. Dat daar gewonden en doden zullen vallen, lijdt geen twijfel. Nederland bindt met een leger van 150 duizend man op Java en Sumatra de strijd aan met de Indonesiër, gewapend met mes en bamboestok.


En daar gaan we de geschiedenis in, de geschiedenis van toen met de kennis van nu. Én met de journalistieke mores van nu. Aan het bureau zit bijvoorbeeld Christ Klep, de heden ten dage niet te missen defensiespecialist, als analist. Nog voor hij zijn eerste zin goed en wel heeft uitgesproken, schakelen we over naar Batavia, waar oorlogsverslaggever Fons van Westerloo vertelt dat de Nederlanders daar behalve opgelucht vooral bang en bezorgd zijn.


We schakelen verder, naar Den Haag, Washington, Amsterdam. De verslaggevers ter plekke zijn lang geen onbekenden. Heren op leeftijd die hun sporen in de tv-journalistiek hebben verdiend. Fons en Ed van Westerloo, Charles Groenhuijsen, Joop Daalmeijer, Eef Brouwers. Ze spelen de verslaggever die ze ooit waren in stemmig en ouderwets grijs en allemaal met dezelfde microfoon in de hand en tegen een per definitie koloniale achtergrond.


Ze geven antwoord op vragen van Van Weegen die destijds, 65 jaar geleden, nooit iemand in Nederland zou hebben durven stellen. Ze geven informatie waarvan we toen totaal geen weet hadden. Ze proberen met de kennis van nu antwoord te geven op de vraag waarom we toch ineens in die oorlog zitten. 'Landgenoten, er komt een punt waarop lankmoedigheid ophoudt een deugd te zijn', zei minister-president dr. Beel op zondag 20 juli plechtig voor de radio, drie uur na het begin van de militaire operatie op Java en Sumatra. Een oorlogsverklaring vervat in poëzie.


Hij wil, zegt hij, het Nederlandse volk niet langer dan strikt nodig is in het onzekere laten. Niet alleen het Nederlandse volk, de hele wereld zit met smart te wachten op wat er staat te gebeuren. En hij is nog niet uitgesproken of het Wilhelmus klinkt.


'Zo gebeurde het', zegt Ad van Liempt (63). 'Je kunt het ze niet eens kwalijk nemen, het was de tijd.'


Van Liempt is de man aan wie de speciale nieuwsuitzending op 21 juli is te danken. Hij is bedenker van geschiedenisprogramma's op televisie, waaronder Andere Tijden. Toen hij een paar jaar terug besloot voor zichzelf te beginnen, mocht hij een laatste wens doen: een programma naar keuze maken. 'Het was een wonder', zegt hij. Waarover anders dan Indonesië moest die uitzending gaan om zijn twee passies, nieuws en geschiedenis, te kunnen combineren?


Het is wonderbaarlijk goed gelukt.

'Ja het werkt. We brengen de datum permanent in beeld om te voorkomen dat mensen denken: heb ik even niet opgelet, zitten we in de oorlog. De verslaggevers hadden het zo kunnen zijn, ook al zit er twintig, dertig jaar tussen. Ed van Westerloo heeft in 1966 de nacht van Schmelzer verslagen. Hij ving premier Cals (KVP) op naast de uitgang van de Tweede Kamer. Cals had tranen in zijn ogen, hij had net het mes in de rug gestoken gekregen van zijn eigen fractie. Het was de eerste keer dat een kabinetscrisis op tv werd verslagen. Van Westerloo was nog een jongetje toen. Als hij dan veertig jaar later staat te vertellen wat er in het kabinet-Beel is gebeurd, ja dan geloof je hem gewoon.'


De journalistieke aanpak was toen totaal anders dan nu.

'Ondenkbaar dat we het nog zo zouden doen. Elke keer is het weer fascinerend om te zien hoe de kranten -deVolkskrant, Het Vrije Volk, Trouw- alleen maar de partijlijn volgden. Alles daarbuiten was slecht, verfoeiden ze, deugde niet.


'Sommige mensen zeggen dat het met de verzuiling wel meeviel. Ik ben het daar niet mee eens. De zuilen waren oppermachtig en allesbepalend. Het Vrije Volk, de partijkrant van de PvdA, plaatste alleen het communiqué van de partijraad in de krant, terwijl die partij er elf uur over heeft vergaderd en met het mes trillend in de tafel.


'Het ging er snoeihard aan toe, ze vochten elkaar de tent uit. In een week tijd hadden ze zevenduizend leden verloren en de krant volstaat met een communiqué van tien regels. Je journalistieke hart breekt en bloedt.'


'Het was de realiteit. Hoe anders ging het bij de KVP, die toen ook vergaderde. Politiek leider Romme deelde tijdens de rondvraag mee dat er in het weekend het een en ander stond te gebeuren in Indonesië. Hij riep de leden op zich in te houden, niet triomfalistisch te doen. Daarna neemt een ander partijlid het woord om te vertellen dat het partijspeldje klaar is en voor een kwartje te koop. Er zijn er zevenduizend gemaakt. Twee regeringspartijen, totaal verschillend, het is een verschil dat je tot op de dag van vandaag ziet.'


Het programma toont maar één fragment waarin Indonesische machthebbers commentaar geven. Beetje weinig.

'Het komt van de Amerikaanse televisie. Ik zou dolgraag meer Indonesisch materiaal hebben gehad, maar het is er niet. Ik spreek de taal niet en de bronnen zijn zeer beperkt. Het was typisch Nederlands om tot ver achter de komma alles te noteren, er was altijd wel een secretaris die notulen maakte. Ik ben bang dat het er aan Indonesische kant anders toeging, dat er niet zo veel archief is.


'Ik ben een keer zelf naar Indonesië geweest voor onderzoek naar de Bondowoso-affaire, de ramp met een gevangenentrein. Ik heb alle overlevenden gesproken met hulp van een lokale journalist. Naar een bepaald dorp konden we alleen op de brommer, omdat er geen wegen waren. Ik achterop. Uiteindelijk vonden we de man die we moesten hebben. Ik was de eerste blanke die hij sinds 1950 zag en hij dacht dat ik met zijn pensioen kwam. Toen voelde ik me echt een koloniaal. Ik ben groot voorstander van het onderzoek waar de historische instituten om vragen, maar het is te laat. Het had in 1969 moeten gebeuren. Het was een blunder van het parlement de motie van Den Uyl daarvoor te verwerpen. Maar ik begrijp het wel. De parlementaire enquête naar de Tweede Wereldoorlog had twaalf jaar geduurd en ze voelden dat als een enorme blokkade voor het gewone werk.'


Waar komt die fascinatie met juist deze koloniale oorlog vandaan?

'Het is niet goed te verklaren. Ik was verslaggever bij het Utrechts Nieuwsblad en collega Willem Wansink en ik constateerden dat we niks over die oorlog wisten en dat we er ook niks over konden vinden. Nooit gehad op school. Toen zijn we een serie voor de krant gaan maken. We hebben allemaal mensen geïnterviewd, ook Westerling, de man die verantwoordelijk wordt gehouden voor het bloedbad op Zuid-Celebes, ons eigen My Lai. Maar onze schoolkinderen weten veel meer van My Lai in Vietnam dan van Galung Lombok, de plaats van de moordpartij.'


Nederland is toen als natie door de mand gevallen, zegt en schrijft u. De omstandigheden waren te zwaar. Wat bedoelt u?

'Het is het noodlot, de tragiek van een land dat voor te grote problemen kwam te staan. Mentaal en economisch waren we bezig met het herstel van de Tweede Wereldoorlog en we kregen er Indië bij. Op de voorpagina's van de kranten zie je dat de doodvonnissen van oorlogsmisdadigers verdwijnen en worden vervangen door de namen van de gesneuvelden in Nederlands-Indië. Op alle voorpagina's in de wereld stond Nederland. Zelfs de Veiligheidsraad, nog pas een jaar oud, bemoeide zich ermee. De tweede politionele acties zijn bewust gepland op de dag dat de Veiligheidsraad twee weken met kerstreces ging. Iedereen was tegen ons, wij waren een soort Zuid-Afrika. Als ik een Kamerlid nu op de radio hoor zeggen dat wij Indonesië geen tanks moeten verkopen vanwege de mensenrechten daar, denk ik: ga eerst eens een geschiedenisboek lezen.'


Hoe lastig is het neutraal te blijven in zo'n nieuwsuitzen-ding? Onder de oppervlakte voel je de verontwaardiging broeien.

'Je wilt schande roepen, maar de bron van alles is uiteindelijk toch de verbazing. Hoe kun je zo kort na je bevrijding zelf een oorlog beginnen? Ken jij iemand die het antwoord weet? Ik blijf het een raadsel vinden dat niemand de sneeuwbal die van de berg rolde kon tegenhouden. Deels is mijn verklaring dat de Nederlandse politieke elite in de oorlog zo geïsoleerd was, dat ze niet het minste idee had van wat er in de wereld aan de hand was. Men zat met het hoofd nog in de jaren dertig. De inval van de Japanners in Azië betekende het einde van de westerse overheersing overal in Azië. Nederland stond daar helemaal niet bij stil. Wij wilden de Republiek Indonesië best erkennen maar dan binnen een soort unie. Maar hoe kon dat nou? Daar was een revolutie aan de gang. Flikker die blanken eruit, zeiden ze, het is ons land. De kern van de geschiedschrijving is te kijken met de ogen van toen, niet met die van ons.'


Nederland valt aan, zaterdag 21 juli, Ned 2, 20.50 uur.


Mooi woord voor oorlog

Een mooi woord voor oorlog heet het boek dat Ad van Liempt in 1994 maakte over de aanloop naar de eerste politionele actie in Nederlands-Indië. Hij herschreef het boek, raadpleegde opnieuw alle bronnen en componeerde op basis daarvan het script voor de documentaire die aanstaande zaterdag door de NTR wordt uitgezonden. Nederland valt aan, is nu de titel van boek en documentaire. Een toneelstuk, noemt Van Liempt zelf de tv-bewerking. Voorafgaand aan de uitzending zet hij wekelijks een verhaal op Geschiedenis24.nl. over de gebeurtenissen van 65 jaar geleden. Inmiddels speelt hij met het idee de overgave van Nederland aan Duitsland (14 mei 1940) ook voor televisie te reconstrueren.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden