Oorlogsdagboeken en de holocaust

Op 3 mei 1962 vertelde Loe de Jong op de Nederlandse tv hoe de jodenvervolging tijdens de oorlog was verlopen....

Niet waar, concluderen de auteurs van Oorlogsdagboeken - Over de jodenvervolging (redactie Anne Voolstra en Eefje Blankevoort; Contact; fl 25,-). Dertien Amsterdamse geschiedenisstudenten en hun begeleiders Johannes Houwink ten Cate en Wichert ten Have bekeken zeventig oorlogsdagboeken van niet-joden, teneinde te achterhalen wat dezen dachten over de jodenvervolging. Het zeer lezenswaardige boekje is de neerslag van hun onderzoek.

Het belangrijkste resultaat daarvan is, naast de vaststelling dat nogal wat dagboekschrijvers zich uitermate bezorgd en bedroefd toonden over de jodenvervolging, dat de niet-joden wel degelijk wisten, of konden weten wat er met de joden gebeurde. Van de onderzochte dagboeken spreken 24 van massamoord, vernietiging of uitroeiing; van gaskamers, zwavelmijnen, dodelijke spuitjes of massa-executies. De Jongs argument dat massale moord onvoorstelbaar was, schrijven de auteurs, is met dit onderzoek weerlegd.

Die conclusie alleen maakt dit boekje al de moeite waard. Toch is er wel iets op af te dingen. Zo slaat een aantal van de geciteerde gruwelverhalen niet op Auschwitz of Sobibor, maar op Mauthausen, het concentratiekamp waar strafgevallen heen werden gestuurd. Dat men daar snel stierf, wilden de Duitsers niet geheim houden. Integendeel.

Daar komt bij dat dagboekschrijvers geregeld tegenstrijdige opmerkingen maken. Dit is de onderzoekers niet altijd opgevallen, omdat ze alleen de relevante delen van de dagboeken hebben bestudeerd. Een man die het ene moment vertelt dat de joden allemaal vermoord worden, vergelijkt de deportaties op een ander moment met de arbeidsinzet. Een mevrouw die schrijft dat de joden worden afgemaakt, besluit enkele maanden later dat een joods familielid zich maar beter kan melden dan onder te duiken.

Dat niet-joden konden weten wat er gebeurde is evident: bij verschillende gelegenheden meldde de Engelse radio dat de joden in het oosten werden vermoord. Blijkbaar werd die informatie geloofd. Maar hoe is dan te verklaren dat sommigen er in hun dagboek niet op terugkomen? En dat de ruime meerderheid van de dagboekschrijvers niet schrijft over massamoord, en dat sommigen expliciet vermelden dat niemand weet wat er met de joden gebeurt?

Ongetwijfeld geloofden sommige Nederlanders dat de geruchten waar waren. Maar er zijn veel aanwijzingen, ook in deze dagboeken, dat de meesten zich dat niet konden voorstellen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden