Oorlog in de onderwereld

Een partij drugs die op een verkeerd adres werd afgeleverd, is waarschijnlijk de oorzaak van de reeks moorden onder criminelen in Amsterdam....

De terugkeer van het lijk van Ibrahim Akasha op 13 mei 2000 is in Kenia een groot media-evenement. De KLM vliegt het lichaam van de groothandelaar in drugs in een luchtdichte doodskist naar Nairobi. Daar staat de familie Akasha klaar, samen met een horde journalisten.

De kist wordt getransporteerd naar het gemeentelijk mortuarium, waar in bijzijn van de pers het lichaam officieel wordt geïdentificeerd. De lijkschouwer neemt vingerafdrukken en telt nauwgezet het aantal kogelgaten. De toeschouwers tellen mee: vier in het hoofd, een in het hart en een in de buik.

Akasha is tien dagen eerder, op de ochtend van 3 mei, doodgeschoten in de Amsterdamse Bloedstraat. De schutter vlucht op een fiets. Mogelijk heeft deze liquidatie de opmaat gevormd voor de Amsterdamse gangsteroorlog, die inmiddels de levens heeft geëist van Jan Femer, Sam Klepper en Magdi Barsoum. Cor van Hout en John M. overleven de aanslagen op hun leven.

Na de identificatie wordt Akasha's stoffelijk overschot met islamitische rituelen ter aarde besteld in de havenstad Mombasa. Zijn familie kan dan de strijd beginnen om zijn criminele erfenis. De staat heeft acht huizen in beslag genomen, alsmede tien auto's, een luxe boot en het tegoed op twee bankrekeningen.

Akasha staat voor zijn dood op de opsporingslijst van Interpol. De Keniaanse autoriteiten hadden hem daarop geplaatst na de vondst in 2000 van ruim zes ton hasj in zijn woning. Bij zijn dood blijken Akasha, zijn Egyptische vrouw en twee begeleiders te beschikken over valse Nederlandse en Keniaanse paspoorten.

Over de achtergronden van de aanslagen op Akasha, Klepper, Barsoum en de anderen doen veel verhalen de ronde. De misdaadoorlog zou te maken hebben met de aanhouding van de crimineel en politie-informant Mink K., die moet worden gewaarschuwd niet al te loslippig te worden. Het zou het bloedige einde zijn van een onbeantwoord verzoek van K. aan Klepper om via diens corrupte contacten zijn strafzaak kapot te maken. Ook de IRT-affaire en de rechtszaak tegen IRT-informant Kris J. zijn genoemd als verklaring van de slachtpartij.

De Amsterdamse recherche kan nog steeds niets uitsluiten, maar heeft steeds meer het vermoeden dat de liquidaties te maken hebben met een handelsconflict. Dan gaat het niet over gecompliceerd dubbelspel van politie-informanten, maar over de min of meer traditionele chaos in de drugshandel, waar misverstanden, erekwesties, verkeerde leveringen en financiële tekorten gemakkelijk kunnen uitmonden in gewelddadigheden.

De kettingreactie van aanslagen is volgens de politie waarschijnlijk het gevolg van de levering van een partij hasj bij de verkeerde organisatie. De groep waarvan Ibrahim Akasha deel uitmaakte, had deze hasj geleverd. Magdi Barsoum was de beoogde koper van de partij softdrugs, zeggen politiebronnen. Maar de partij valt, naar wordt aangenomen, in handen van Sam Klepper. Zowel Barsoum als Klepper bekleedt een vooraanstaande positie in het 'milieu' en zij runnen hun eigen criminele netwerken.

Barsoum is een gerespecteerde figuur op de Amsterdamse Wallen. Hij is mede-eigenaar van de Red Light Bar, een bekende sponsornaam in het vechtsportcircuit. Met zijn broers, eveneens actief op de Wallen, bezit Barsoum onroerend goed in de buurt.

In het rapport van de commissie-Van Traa over de IRT-affaire wordt in een schets over de Wallen naar Barsoum verwezen. Er staat: 'een stel Egyptische broers die reeds twintig jaar een shoarmazaak runnen, maar ook in allerlei verboden business te vinden zijn; in het criminele netwerk van de Wallen functioneren zij als spinnen in het web'.

Barsoum moet betalen voor de geleverde partij hasj, vindt Akasha. Misschien weet de Keniaan niet eens dat het spul niet bij de goede klant is terechtgekomen, zegt een rechercheur. Op de ochtend van 3 mei 2000 heeft Akasha een afspraak met Barsoum. Hij loopt van de Nieuwmarkt de Bloedstraat in, een wat onbestemd woon- en prostitutiestraatje dat in 1993 het decor vormde van de moord op een 35-jarige Braziliaanse prostituee.

In de Bloedstraat, die leidt naar de Oudezijds Achterburgwal waar de Red Light Bar van Barsoum is gevestigd, wordt Akasha doodgeschoten. 'Wie wist dat hij die morgen door die straat zou lopen?' is de retorische vraag van een van de bronnen. Barsoum wordt gehoord door de politie, maar enig bewijs van zijn betrokkenheid bij de aanslag is er niet. Schuldeiser Akasha keert in een loden kist terug naar Kenia.

Klepper wordt gevraagd voor de voor Barsoum bestemde hasj te betalen, maar deze weigert. Hij krijgt een boete opgelegd, een in het criminele milieu niet-ongebruikelijke manier om geschillen te beslechten. Als Klepper volhardt in zijn weigering, volgt op 23 september 2000 de eerste waarschuwing. Op de Haarlemmerdijk wordt zijn zakenpartner en vriend Jan 'snor' Femer doodgeschoten. Dat is in het milieu een gebeurtenis van de eerste orde, want Femer staat bekend als invloedrijk en gewelddadig.

Volgens de dominante theorie van de politie blijft Klepper weigeren aan de vordering te voldoen. Het leidt ertoe dat hij drie weken later zelf aan de beurt is. Voor zijn appartement in Buitenveldert wordt hij neergeschoten.

Anderhalve pagina aan rouwadvertenties in De Telegraaf, een begrafenis onder begeleiding van de Hell's Angels en muziek uit de maffiafilm The Godfather schokken Nederland. Heeft de onderwereld zich ooit zo onbeschaamd en zelfbewust in de openbaarheid vertoond? In een van de kleinere rouwannonces staat in het Italiaans: 'Niemand valt ons aan zonder gestraft te worden.'

De vordering op Klepper, die de gedupeerde organisatie meent te mogen doen gelden, wordt na Kleppers dood opgelegd aan Johnny M. Hoewel deze niets met de drugs te maken zou hebben gehad, was hij wel 'gabber' en zakenpartner van Klepper. De politie vangt vervolgens informatie op dat er gesprekken zijn tussen de partijen om de vrede te herstellen.

De uitkomst van die gesprekken is bij de politie niet bekend. Wel lijkt M. zich volgens een rechercheur anderhalf jaar na de aanslag op Klepper weer op zijn gemak te voelen. Op 26 februari komt M. ongewapend en zonder bescherming op de Keizersgracht het advocatenkantoor uit.

Uit de richting van een voor de deur geparkeerd Mitsubishi-busje komt een man aanlopen met een integraalhelm op. Deze schiet op M. en raakt hem twee keer in de buikstreek en twee keer in een been. Nog drie kogels belanden in het advocatenkantoor, een buurpand en een geparkeerde auto. Meteen daarop stopt een man op een motorfiets, die de schutter meeneemt. Op de intensive care wordt het leven van M. gered. Hoewel zijn toestand nog steeds ernstig wordt genoemd, verkeert hij buiten levensgevaar.

Een halve week na de beschieting op de Keizersgracht wordt op klaarlichte dag de 52-jarige Barsoum omgelegd. Dat gebeurt in dezelfde Bloedstraat, waar twee jaar geleden Ibrahim Akasha werd vermoord. Barsoum wordt van dichtbij in het hoofd geschoten. De dader, een man met een rugzak, verdwijnt in de richting van de Dam, zeggen ooggetuigen.

Barsoum overlijdt in het ziekenhuis. Sinds de dood van Klepper werken meer dan vijftig rechercheurs aan de moorden . Ze hebben geen daders gevonden en voor hun 'dominante theorie' ontbreekt het bewijs.

Volgens speurders staat de aanslag in december 2000 op voormalig Heineken-ontvoerder en veroordeeld drugshandelaar Cor van Hout los van het handelsconflict over de partij hasj. Gedacht wordt dat van de wanorde na de aanslag op Klepper geprofiteerd is om een oude rekening met Van Hout te vereffenen. De politie denkt dat John M. de opdrachtgever is, maar ook hier ontbreekt bewijs.

De politie vreest dat de liquidaties in de Amsterdamse onderwereld doorgaan. Er wordt in het milieu onderling onvoldoende gecommuniceerd, wordt gezegd, en de dood van Barsoum zal niet zonder reactie blijven. Om aan te geven dat liquidaties in het publieke domein niet worden getolereerd, deed de Amsterdamse politie na de moord op Sam Klepper invallen in kringen van vermeende Joegoslavische criminelen. Een soortgelijke actie zou momenteel niet in voorbereiding zijn.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden