Oordeel niet te snel over de krijgsmacht

Er is geen doofpotcultuur bij de krijgsmacht, zegt Dick Berlijn. Hij wil dat de krijgsmacht op feiten wordt beoordeeld...

Zaterdag verscheen een artikel over de cultuur bij Defensie met als subkop: ‘Ontkenning van doofpotcultuur door Commandant der Strijdkrachten Berlijn komt onder druk te staan’ (Binnenland, 31 maart). Deze conclusie werd getrokken naar aanleiding van recente publiciteit rondom de rechtszaak die tegen sergeant-majoor Eric O. is gevoerd.

Op de dag dat dit artikel verscheen, ging generaal b.d. Couzy nog een stap verder, door ’s avonds in NOVA te beweren dat er Defensiebreed sprake is van een afdekcultuur. Deze beschuldiging werd op tafel gelegd naar aanleiding van verklaringen van (ex-)mariniers over intimidatie en bedreiging.

Zoals bekend is inmiddels aangifte gedaan. De zaak wordt nu onderzocht door het Openbaar Ministerie en ik heb er vertrouwen in dat objectief vastgesteld zal worden wat de feiten zijn.

In plaats van af te wachten wat er uit dat onderzoek komt, werden vorige week in de publiciteit meteen al vergaande conclusies getrokken. Alsof er sinds het drama-Srebrenica bij Defensie niets veranderd zou zijn. Alsof met name bij de krijgsmacht het afdekken van zaken die fout zijn gegaan, tot de cultuur zou behoren.

Ik kan dat niet onweersproken laten. Ik neem stelling tegen de stemmingmakerij dat er Defensiebreed, in het bijzonder bij de krijgsmacht, een doofpot- of afdekcultuur zou bestaan. Die bestaat er niet. Natuurlijk gaan er dingen mis en worden er fouten gemaakt, zoals bij elke complexe organisatie.

Maar er is in de afgelopen jaren hard gewerkt om van Defensie een transparante organisatie te maken. Een organisatie die geen rechter in eigen zaak gaat spelen als het vermoeden bestaat van strafbare feiten. Waarin gestimuleerd wordt dat als er misstanden voorkomen, deze worden gemeld. Waar leidinggevenden worden aangesproken om hun verantwoordelijkheid te nemen. Waarin de politieke leiding dus in staat wordt gesteld verantwoording af te leggen aan de volksvertegenwoordiging.

In het artikel is helaas geen erkenning dat uit het verleden lessen zijn geleerd die nu worden toegepast, bijvoorbeeld in Uruzgan. Bij de aanvang van de Irak-missie zijn er inderdaad spanningen geweest tussen de mariniers en marechaussees. Daar is lering uit getrokken. De militaire leiding, de Koninklijke Marechaussee en het OM hebben de afgelopen jaren hard gewerkt aan een betere verstandhouding als het gaat om de toetsing van militairen op uitzending.

De krijgsmacht is zich ervan bewust dat de Nederlandse samenleving de lat hoog legt. Dat stelt eisen aan ons gedrag, ook als het uniform niet wordt gedragen. Vandaar de gedragscode die deze week wordt gelanceerd. De tijd dat je militair was van 9 tot 5, ligt achter ons.

De krijgsmacht mag echter ook iets terugverwachten. Namelijk dat er niet geoordeeld wordt op basis van veronderstellingen, maar aan de hand van vastgestelde feiten. Dat beschuldigingen pas worden geuit indien uit onafhankelijk onderzoek blijkt dat daartoe aanleiding is en niet zomaar.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden