Oom Karels oude Ford

Alle personenauto's in Nederland tezamen legden in 1997 negentig miljard kilometer af. Dat veroorzaakte opnieuw méér milieubelasting dan de overheid zichzelf had voorgenomen, stelt het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu in zijn jaarlijkse milieubalans....

Maar weten de wetenschappers dat wel precies? Houden ze wel rekening met oom Karel in zijn twintig jaar oude Ford Taunus die zijn choke altijd laat aanstaan, of met de eerste koude kilometers die het gunstige effect van zelfs de nieuwste katalysatorauto's teniet doen?

Als er een grond van waarheid zit in de klacht dat het RIVM zich meer baseert op rekenmodellen dan op metingen, zouden de emissiecijfers weleens sterk kunnen afwijken van de werkelijkheid. Toch steken de cijferaars uit Bilthoven hun hand ervoor in het vuur. Los van de gebruikelijke statistische marge vertellen de getallen de waarheid over wat er feitelijk op de weg gebeurt, bezweren onderzoekers dr. Bert van Wee en drs. Jan Anne Annema van het RIVM.

Eerst wordt becijferd welk deel van de negentig miljard kilometer gereden wordt met auto's op benzine en welk deel op diesel of gas. Ook het aantal wagens met katalysator wordt apart berekend. Vervolgens telt mee wáár de auto heeft gereden: op de snelweg, de provinciale weg of in de bebouwde kom. Elk wegtype heeft zijn eigen verkeersgedrag, met bijbehorend emissiepatroon.

Bovendien tellen de onderzoekers van elke auto het bouwjaar mee. Oudere auto's belasten het milieu doorgaans zwaarder dan nieuwere. Van elk bouwjaar en brandstoftype hebben het Centraal Bureau voor de Statistiek en TNO-Wegtransport vastgesteld hoeveel de uitstoot is bij elk van de drie wegtypes.

Die metingen werden eerst gedaan in een laboratoriumsituatie: op de rollenbank met bij wijze van spreken een grote ballon aan de uitlaat. Dat simulatiemodel is getoetst aan de werkelijkheid. TNO plukt bij wijze van steekproef jaarlijks een aantal auto's van de weg, en vergelijkt de uitstoot daarvan met eerdere aannames. Voor zover dit een afwijking oplevert, wordt die in de gegevens meegenomen. Zelfs oom Karel komt zo in de statistieken terecht.

Een voorbeeld: een auto met het bouwjaar 1981 met een bezinemotor zonder katalysator stoot volgens de CBS-tabellen in de bebouwde kom per kilometer 21,9 gram koolmonoxide uit.

Op de provinciale weg is dat 7,1 gram en op de snelweg 12,5 gram. En zelfs een auto uit 1997 met een driewegkatalysotor stoot in de stad nog relatief veel stikstofoxiden uit (0,23 gram per kilometer), vergeleken met de provinciale weg (0,16 gram) en de snelweg (0,39).

Maar hoe weet het RIVM waar iemand rijdt? Daarvoor beschikt het over het CBS-personenautopanel, een representatieve doorsnede van de autogebruikers die hun rijgedrag bijhouden. Bovendien meet de Algemene Verkeers Adviesdienst van Rijkswaterstaat met lussen onder de weg de feitelijke verkeersbewegingen. Die gegevens worden gewogen en gecombineerd.

Ten slotte wordt de vraag hoe hard de auto's gemiddeld rijden, beantwoord door het landelijk meetnet van Rijkswaterstaat. Dat bestaat uit snelheidsverklikkers die géén bonnen uitdelen, maar alleen de waarheid willen weten.

Van Wee: 'De kwaliteit van de steekproef is zodanig dat we van 80 procent van de personenauto's een statistische marge aanhouden van minder dan 1,3 procent.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden