Ook wiskundedocenten zijn het niet eens over de rekentoets

Ondanks de felle tegenstand in de Tweede Kamer woensdag, gaat de verplichte rekentoets in het onderwijs door. Twee wiskundedocenten leggen uit waarom dit een goed/slecht idee is.

Staatssecretaris Sander Dekker in gesprek met minister Jet Bussemaker van Onderwijs tijdens het overleg over de rekentoets.Beeld anp

Lonneke Boels geeft wiskunde in Delft

Blij dat de rekentoets gaat meetellen?
'Heel blij. Nu zal iedereen de toets eindelijk ­serieus nemen. Veel scholen dachten dat die toets wel zou overwaaien. Ze deden weinig om het rekenonderwijs te verbeteren. Pas nu de toets er komt, worden ze wakker. Het is een noodzakelijke stok achter de deur.
'Het was tot nu toe ook lastig leerlingen voor de toets te motiveren, het cijfer telde toch niet mee. In sommige van mijn lessen is een derde van de leerlingen afwezig. Ze kunnen hun tijd in het examenjaar wel beter besteden, zeggen ze. En geef ze eens ongelijk.'

De toets heeft niet veel voorstanders.
'Dat klopt niet. De voorstanders roeren zich ­gewoon niet zo in het debat en een paar tegenstanders genereren veel publiciteit. Binnen de ­onderwijsvakbonden en vakverenigingen zijn de geluiden veel minder eensluidend.'

Lonneke BoelsBeeld Marcel van den Bergh

Hoe is de kwaliteit van de toets?
'Ik wil dat een verpleegkundige die mij een ­injectie moet geven het verschil weet tussen milliliters en centiliters. En ik wil dat iedereen kan uitrekenen of het beter is een losse ­mobiele telefoon en een los abonnement te ­nemen of een abonnement inclusief telefoon.
'Veel jongeren kunnen dat niet. Dat vind ik zorgelijk. Daarom is het goed dat er veel praktische rekenvragen in de toets staan. Kale sommen kunnen de meesten wel, vragen met een context zijn een probleem. Critici zeggen dat de toets daardoor veel te talig is. Dat is onzin. Het examen bij vakken als economie of ­wiskunde is veel taliger.'

Wat zeggen uw leerlingen?
'Ik hoor niemand zeggen dat het een slecht idee is dat de toets gaat meetellen voor het ­diploma. Mijn indruk is dat ze rekenen ­belangrijk vinden.'

Volgend jaar gaat de toets echt tellen. Wat betekent dat voor u?
'We hoeven niet veel te veranderen. Op mijn school laten we de leerlingen nu aan het eind van elk jaar een oefentoets doen. Wie die toets niet haalt, krijgt een uur per week ­rekenles in groepjes van zeven tot vijftien kinderen. Die lessen worden gegeven door ­docenten wiskunde, natuurkunde, ­scheikunde of ­economie. Dat werpt zijn vruchten af. De laatste jaren scoorden de ­kinderen hier op school boven het landelijk gemiddelde. Op het vwo waren zelfs ­helemaal geen onvoldoendes.'

Karin den Heijer geeft wiskunde in Rotterdam

Blij dat de rekentoets gaat meetellen?
'Absoluut niet. Ik ben teleurgesteld in de Partij van de Arbeid, die kiest voor de coalitie en niet voor goed onderwijs. Het gevolg? Ik vrees dat de rekenvaardigheden van kinderen niet verbeteren, want deze toets heeft niet veel met ­rekenen te maken. Ook verwacht ik dat er straks duizenden leerlingen geen diploma krijgen, omdat ze deze toets niet halen. Reken maar uit: van staatssecretaris Dekker mag hooguit 5 procent van de leerlingen zakken. In het vmbo gaat het dan om 3.500 leerlingen!'

De toets heeft niet veel voorstanders.
'Ik ben nog geen enkele voorstander tegen­gekomen, met uitzondering van belanghebbenden. Wie dat zijn? Mensen van onderwijsadviesbureaus bijvoorbeeld, die nu door scholen worden ingehuurd voor advies. Maar er is geen draagvlak in het veld.'

Hoe is de kwaliteit van de toets?
'Deze toets meet amper de rekenvaardigheid van leerlingen. Het gaat om begrijpend lezen. Leerlingen moeten instinkers omzeilen en dubbelzinnigheden doorgronden. Er is bijvoorbeeld een vraag over de kosten van een ­tapijt. De prijs van het tapijt wordt ­gegeven in vierkante meters, maar dat ­kwadraatje is maar klein. Bovendien wordt ­tapijt normaal per strekkende meter verkocht. Iedereen, inclusief ikzelf, leest daar dus overheen. Dan heb je die hele som fout.
'Daarbij komt dat de rekenvaardigheid bij zo'n opgave niet eens getoetst wordt, want leerlingen mogen hun rekenmachine gebruiken. Dat is toch de grap van de eeuw, dat je bij de ­rekentoets een rekenmachine mag gebruiken?'

Karin den HeijerBeeld Marcel van den Bergh

Wat zeggen de leerlingen?
'Elke leerling die de toets maakt, vindt hem belachelijk. Iemand in de vijfde klas van het gymnasium zei: 'De vragen zijn gemaakt door mensen die niets van rekenen en wiskunde weten'.'

Nu gaat de toets echt tellen. Wat betekent dat voor u?
'Wij zijn al eerder extra rekenlessen in de ­onderbouw gaan geven, omdat we merkten dat kinderen sommige dingen op de basisschool niet hadden geleerd. Dat blijven we doen. Met zwakke leerlingen gaan we trainen op de rekentoets, teaching to the test, ja. Morgen begin ik met les één: het omzeilen van instinkers. En daarna volgt: het doorgronden van dubbelzinnigheden. Tja, dat is wel zonde van de wiskundeles.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden