Ook snedigheid valt te trainen

Flapuit

Zelden herken ik mezelf in Frans Timmermans, behalve als hij er iets onhandigs uitflapt. Zoals laatst bij Pauw over die zuurstofkapjes in vlucht MH17 - dat had mij ook kunnen gebeuren, zij het niet in zestien talen. Niettemin kan ik bogen op een ruime variëteit aan uitlatingen waarop niemand zat te wachten, ikzelf incluis.

Zo werd ik niet lang geleden voorgesteld aan Monique van de Ven, ze zag er fantastisch uit, viel me op, zozeer dat ik daar op charmante wijze gewag van moest maken. Dus vertelde ik haar dat ik iemand kende die haar vroeger altijd de mooiste vrouw van Nederland vond, te weten: mijn opa, waarop ik haar gezicht zag betrekken. De meneer die naast haar zat mompelde 'au' en stak om me te steunen een verhaal af over een diplomaat die een keer iets grofs had gezegd tegen - ik geloof - Nancy Reagan.

Camera's hebben een funeste invloed op dit 'hersendefect', aldus mijn lijfarts, jaarclubgenoot en ambulant psychiater Arnold Baars, over wiens medisch toezicht zometeen meer.

Zijn gelijk bleek toen ik een paar jaar terug meedeed aan het Nationale Dictee, die keer geschreven door Arnon Grunberg. In de pauze stroopte een camera de wandelgangen af, zoals gebruikelijk op zoek naar snedig commentaar. Wat ik van Grunbergs dictee vond, luidde de vraag, waarop ik mezelf hoorde antwoorden dat het me 'Grunbergs beste roman tot dusver' leek - wat ik bedoelde als grotesk compliment voor het dictee. Pas toen de camera alweer bij Bart Chabot was, besefte ik dat je mijn charmeoffensief ook andersom kon uitleggen, of eigenlijk, nu ik er eens goed over nadacht, alléén maar andersom, wat de charme ervan niet ten goede kwam, vond ook de NTR, die het niet heeft uitgezonden, wat me toch wel opluchtte, voor je het wist ging tot in 2021 de helft van de Voetnoten over mij en mijn mislukte schrijverschap, ik stond al schrap.

Dan kun je beter een kleurling beledigen. Hier komt dr. Arnie weer in het spel, lezer. Lang geleden zaten mijn lijfarts en ik samen met tien andere studenten intern bij TNO-voeding, onze ingewanden voor een habbekrats ter beschikking van de wetenschap gesteld. We deelden een kamer met stapelbed, en tijdens een indolent uur wandelde Sigi binnen, een Ambonese collega die we nog nauwelijks hadden gesproken, wat misschien verklaart waarom er geen gesprek op gang kwam. De jongen liep zwijgend naar de vensterbank waarin dr. Arnie zijn schoeisel had uitgestald, drie paar Van Bommels met vergiet, schoenklemmen erin, het leek wel de Weense behandelkamer van dr. Freud. Wellicht uit ongemak pakte Sigi een paar schoenen op van bruin suède. Hij hield de molières op ooghoogte, streelde het leer, en vroeg aan niemand in het bijzonder: 'Zeg, waar zijn deze schoenen eigenlijk van gemaakt?'

Zoals de jongeling geen kunst van kitsch kan onderscheiden, een pizza bedolven onder een halve moestuin aanziet voor haute cuisine, zo was ik in die jaren tastende naar het wezen van de lollige opmerking.

'Die schoenen, Sigi', bracht ik in het midden, en zelfs nu weer zie ik de bliksems van ontsteltenis die mijn gespreksgenoten onmiddellijk moeten hebben waargenomen, 'zijn gemaakt van gelooide negerhuid.'

Van de lachpauze die ik inlaste, werd geen gebruik gemaakt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.