Ook na 450 doden wil Bush niet horen dat er verzet is in Irak

Terwijl een oorlog nadert, weigert de minister van Defensie, Donald Rumsfeld, telefoontjes te beantwoorden van de nationale veiligheidsadviseur, ‘Condi’ Rice....

En de vader van de president twijfelt zo aan de invasie in Irak, dat hij niet kan slapen. George Bush zelf wil tot november 2003, wanneer al 450 Amerikanen zijn gedood door het Iraakse verzet, het woord opstand niet eens horen.

Noodkreten van de commandanten in Irak om de troepenmacht snel te versterken, negeert het Witte Huis. ‘Ik wil dat niemand in het kabinet zegt dat het een opstand is’, zegt de president.

De beschrijvingen en citaten staan in State of Denial, het nieuwste boek van de befaamde journalist Bob Woodward, waaruit The Washington Post en The New York Times vrijdag publiceerden.

Woodward schetst, in tegenstelling tot zijn twee eerdere boeken over de regering-Bush, het beeld van een ernstig verdeeld en ongeïnteresseerd Witte Huis tijdens de Irak-invasie. De Washington Post-journalist sprak met vele hoge functionarissen van de regering. Bush weigerde echter hem te woord te staan.

Hoewel de president en Rumsfeld tot nu toe verklaren dat de legermacht uitgebreid wordt als de generaals daarom vragen, werd een dringende waarschuwing in september 2003 over de noodzaak van extra troepen genegeerd.

In een lang memo aan Rice waarschuwde Robert Blackwill, de hoogste Irak-adviseur van de nationale veiligheidsraad, dat zeker 40 duizend extra militairen nodig waren. Samen met Paul Bremer, de bewindvoerder in Irak, hield Blackwill nog een briefing voor Rice om haar te overtuigen.

Het Witte Huis ondernam echter geen actie. Ook na een soortgelijke briefing twee maanden voor ‘11/9’, over een verwachte terreuraanslag, had CIA-baas George Tenet het gevoel dat Rice de waarschuwing niet serieus nam.

Dezelfde passiviteit en zelfs desinteresse over de missie na de oorlog was er volgens Woodward begin 2003 toen Bush en zijn oorlogsplanners een uitleg kregen van Jay Garner. Deze voorganger van Bremer wilde Irak onder andere stabiliseren met 300 duizend soldaten van Saddams leger.

Na afloop stelde niemand een vraag. Het enige wat Bush deed, was de gepensioneerde generaal op luide wijze uitgeleide doen. In het boek wordt verder geschetst hoe Cheney, die altijd riep dat Saddam Hussein over massavernietigingswapens beschikte, alle moeite deed om zijn gelijk te krijgen.

Zo belden zijn medewerkers in de zomer van 2003 informatie door aan de wapeninspecteurs, compleet met satellietcoördinaten, over de plekken in Irak waar de wapens mogelijk lagen opgeslagen. Er werd echter niets gevonden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden