Ook moderne kip is niet gelukkig

Ieder jaar rond Pasen laait de discussie weer op over de manier waarop in Nederland eieren worden geproduceerd (zie ook Dag in Dag uit van 2 april)....

Geef een kip de keus. De hele dag in een prettig, gecontroleerd klimaat, met op tijd een natje en een droogje waar ze haar snavel maar voor hoeft uit te steken. Of buiten, steeds met een schuin oog moeten letten op roofvogels of katten, het gevaar om platgereden te worden, kletsnat regenen en je ren te zien veranderen in een modderpoel, ongewenste intimiteiten van maagdarm-wormen en ander ongedierte.

We weten niet precies wat een kip onder een prettig leven verstaat. Ik pretendeer daar wel een vermoeden van te hebben, maar bewijzen kan ik niets.

De pluimveehouderij heeft, naast de roep om meer welzijn voor de kippen, ook te maken met andere randvoorwaarden. Uiteraard moet hij of zij een inkomen uit het bedrijf halen. Het vergroten van het welzijn van de kippen leidt tot een verhoging van de kostprijs van het ei. Daar kunnen we als consument gemakkelijk aan tegemoet komen door het dubbele voor ons ei te betalen.

Maar daarnaast worden in toenemende mate milieu-eisen gesteld aan pluimveehouderijen. In moderne legbatterijen wordt de kippemest onder de kooien opgevangen en meteen gedroogd. Daardoor stoten deze stallen veel minder ammoniak uit dan bijvoorbeeld scharrelstallen met eenzelfde aantal kippen. Vanuit ecologisch oogpunt is het misschien heel goed dat de kippen hun keutels direct op het land deponeren, maar helaas denkt de huidige mestwetgeving daar heel anders over. (Dit bewijst maar weer eens hoe krom we in Nederland bezig zijn.)

Daar komt nog bij dat er minder batterijkippen nodig zijn om de gewenste hoeveelheid eieren te produceren. Als we alleen EKO-kippen zouden hebben die drie eieren per week produceren, zouden we er daar zestig miljoen van nodig hebben in plaats van de dertig miljoen batterijkippen met hun zes eieren per week. Het zou minstens een verdubbeling van de ammoniakuitstoot uit de legpluimveehouderij betekenen.

Hieruit kan alleen maar volgen dat de oplossing niet ligt in het betalen van een hogere prijs, en daarmee het afkopen van onze verantwoordelijkheid, maar in het verminderen van de gigantische overconsumptie van dierlijke produkten.

En dan nog wat. Kippen wier eieren met groene namen op de markt worden gebracht zien het daglicht, maar hebben ze wel zo'n goed leven als gesuggereerd wordt? Bij een aantal van deze merken staat op de doosjes dat de kippen naar buiten kunnen. Kùnnen, ja. Want de zelf opgelegde houderijvoorschriften geven niet aan hoe groot de uitgang van de stal voor de kippen moet zijn. Vaak heeft een stal met tienduizend kippen maar één uitgang ter grootte van een A-viertje. Het zou dus best kunnen dat de legster van uw grasei nog nooit gras heeft gezien.

BARNEVELD Jan Steverink

instructeur pluimveehouderij

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden