Ook in Nederland orgaanhandel

Orgaanhandel vindt ook in Nederland plaats. Twee patiënten geven toe dat zij in Nederland hebben betaald voor een donornier, hoewel dat is verboden. Daarnaast komt het geregeld voor dat Nederlandse patiënten naar het buitenland reizen voor commerciële orgaantransplantatie.

Het Erasmus MC in Rotterdam heeft onderzoek gedaan naar illegale orgaanhandel Beeld anp

Dit blijkt uit een onderzoek van het Erasmus MC in Rotterdam naar illegale orgaanhandel. Uit een enquête onder 241 zorgverleners die nierpatiënten behandelen, blijkt dat bijna de helft (46 procent) van hen 1 tot 4 patiënten kent die in het buitenland een niertransplantatie hebben ondergaan. 65 zorgverleners vermoeden dat die nier is gekocht en 31 van hen zeggen dit zeker te weten.

Het gaat om patiënten die plotseling met een nieuwe nier in het ziekenhuis verschijnen en bevestigen dat ze veel geld voor nier en transplantatie hebben betaald, of niet willen zeggen hoe ze aan die nieuwe nier zijn gekomen. Meestal zijn het patiënten van buitenlandse afkomst, die zijn geopereerd in het land van herkomst of in een land 'waarmee ze affiniteit hebben', zegt criminoloog en internationaal jurist Frederike Ambagtsheer, hoofdonderzoeker van het project.

Uit gesprekken met patiënten blijkt dat de kosten uiteenlopen van 6.000 euro tot 100 duizend dollar. Landen waar zulke operaties worden gefaciliteerd zijn onder meer Pakistan ('het goedkoopst', aldus Ambagtsheer), India, Colombia en China. In China zijn de wachttijden het kortst; dit land maakt er ook geen geheim van dat de organen afkomstig zijn van geëxecuteerde gevangenen.

Armoede

De koop en verkoop van organen is wereldwijd, met uitzondering van Iran, verboden. In landen waar grote armoede heerst, is het afstaan van organen niet altijd geheel vrijwillig. Er treden bovendien vaak complicaties op omdat de donor geen rechten heeft of nazorg krijgt.

Het onderzoek van het Erasmus MC, uitgevoerd door twee criminologen, is niet gericht op opsporing en vervolging van patiënten en donoren, maar op het aanpakken van de mensen die de handel mogelijk maken, zoals artsen, ronselaars, verzekeraars en tussenpersonen die zich met de illegale handel verrijken.

Van de 546 transplantatiechirurgen, coördinatoren, nefrologen, verpleegkundigen en maatschappelijk werkers die in Nederland met nierpatiënten werken, hebben 241 personen aan het onderzoek meegewerkt. Dit kan dubbeltellingen tot gevolg hebben, omdat menig patiënt door verschillende specialisten wordt behandeld. Anderzijds is dit mogelijk het topje van de ijsberg, omdat 305 geënquêteerden geen respons gaven, zegt hoogleraar Interne Geneeskunde Willem Weimar, de leider van het onderzoek.

Het afstaan van de organen gaat niet altijd vrijwillig. Beeld anp

Gedwongen

Uit de enquête blijkt dat 17 zorgverleners vermoeden dat hun patiënten een nier in Nederland hebben gekocht. Drie geënquêteerden melden dat de donor heeft verteld dat die was gedwongen een nier te af te staan, door druk binnen de familie of doordat de donor een afhankelijkheidsrelatie heeft met de patiënt.

Het overgrote deel van de zorgverleners (zo'n 80 procent) heeft behoefte aan richtlijnen voor de omgang met patiënten en donoren van wie wordt vermoed dat ze een orgaan willen (ver)kopen. De onderzoekers vinden dat er een meldpunt moet komen waar artsen, zonder hun beroepsgeheim te schenden, misstanden kunnen melden bij de politie.

Eind 2012 pleitte de Nationaal Rapporteur Mensenhandel, Corinne Dettmeijer, al voor een instantie die illegale orgaanhandel gaat onderzoeken en registreren. Volgens Dettmeijer komt gedwongen orgaandonatie in de Nederlandse statistieken niet voor 'omdat we er niet naar kijken'. Zij draagt oplossingen aan om misstanden tegen te gaan, zoals het levenslang vrijstellen van donoren van ziektekostenpremies. Dit zou zowel het orgaantekort als de commerciële orgaanverwijdering kunnen terugdringen.

735 mensen wachtten eind 2013 op een nier

Eind 2013 waren 735 patiënten in Nederland in afwachting van een niertransplantatie. Dat is een daling van 14 procent ten opzichte van eind 2012 (855 personen), blijkt uit cijfers van de Nederlandse Transplantatie Stichting (NTS). Die daling is te danken aan het feit dat vorig jaar een recordaantal van 520 levende donoren een nier afstond. In heel 2013 werden 954 nieren getransplanteerd.

In 2013 werden 336 postmortale orgaandonoren gemeld bij het Orgaancentrum van de NTS. Daaronder waren er 225 (76 procent) bij wie daadwerkelijk een of meer organen werden uitgenomen voor transplantatie.

Afgelopen week tijdens de Donorweek, van 12 tot en met 19 oktober, hebben aanzienlijk minder mensen aangegeven wel of geen donor te willen zijn dan een jaar geleden. De Donorweek 2014 leverde 27.433 registraties op, tegenover 31.285 in 2013. Van de 27.433 mensen die zich lieten registreren, gaf ruim 86 procent aan bereid te zijn een orgaan te doneren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden