Ook driesterrenboek verdient vijfsterrenrecensie

Column Jean-Pierre Geelen

'Wie gelooft er nog in de criticus?' Ik. Als-ie z'n ballen maar laat zien.

Dansende schrijvers op het Boekenbal. Beeld anp

Een niet nader te noemen recensent vertelde me vrijdag op het Boekenbal dat hij vriendelijk een bekende schrijver had begroet. Die reageerde stomverbaasd: 'Wij hebben toch een vete?'

Nu was de recensent verbaasd. Hij bleek de auteur jaren geleden negatief te hebben besproken. Iets wat de recensent na gedane arbeid allang weer was vergeten, maar de arme auteur had na dit laatste oordeel enkel nog het hellevuur zien branden.

'Wie gelooft er nog in de criticus?' Dat is de onheilspellende kop boven een artikel in het tijdschrift Boekman, dat het jongste nummer geheel wijdt aan de status van de (kunst)kritiek. Een weinig florissant beeld doemt op: 'De traditionele criticus van het (papieren) dag- of weekblad verliest terrein'. Alles moet anders: 'Niet meer de topdown benadering van ouderwetse kunstpausen', hij/zij 'moet naast de lezer staan in plaats van erboven of eronder'.

De talloze besprekingen op internet lijken het hedendaagse alternatief, maar ja, lezen we elders in Boekman: 'De ontwikkeling van het internet naar een enorme marketingmachine ondermijnt de kritiek.'

Bij een themanummer hoort onderzoek, met de onvermijdelijke conclusie: 'De uitkomsten bevestigen dat het internet belangrijker wordt, en dat de legitimiteit van de traditionele criticus onder druk staat. Maar er is nog altijd een substantiële groep die wel in de traditionele criticus gelooft.

Komt dat schot: 'Nader onderzoek is gewenst.'

Het hangt in de lucht. In het programma De Nieuws BV (Radio 1) schetste de hoofdredacteur van Oor vorige week de verandering in de muziekkritiek: 'Vroeger kon een recensie een plaat maken of breken. Tegenwoordig lezen mensen misschien een recensie, maar denken wel: dat maak ik zelf wel uit. En checken de besproken plaat meteen op Spotify.'

Toch vond hij 'traditionele' besprekingen nog steeds van belang, en gelijk heeft hij.

Ik hou van het genre. Ik lees meer recensies dan boeken. Mij gaat het om de gloed van het betoog, zodat je ook bij een matig(e) boek/film/expositie tevreden kunt spinnen: de recensie was beter.

Wel stoor ik me aan die zee van laffe drie sterren bij recensies. Natuurlijk: veel is gemiddeld, maar met alle mitsen en maren krijgt het hele leven drie sterren. Ook een driesterrenboek moet een vijfsterrenrecensie opleveren.

Nader onderzoek is gewenst naar het effect van recensies. Call me oldfashioned, maar ik heb afgelopen zaterdag genoten van het fakkelvuur dat Arjan Peters in deze krant aanmaakte met Ilja Leonard Pfeijffers jongste brievenbundel uit Genua. 'Selfiesticklectuur'. Peters bedeelde het met twee magere sterretjes, maar trakteerde de lezer op een heerlijk vlammend betoogje. 'Nu weer op je kont gaan zitten, als de anale fistel helemaal genezen is, haal die verentooi eruit die je er zelf in gestoken hebt, en schrijf weer een echt boek.'

Heerlijk. Dat boek ga ik dus lezen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.