Ook dit kabinet is kosmopolitisch

Alle beeldvorming ten spijt: dit gedoogkabinet voert in de praktijk een veel internationaler georiënteerd beleid dan de meeste kiezers willen.

POLITIEKE REPRESENTATIE - De Tweede Kamer is een betere afspiegeling van de opvattingen van kiezers geworden en daarmee veel democratischer dan vijftien jaar geleden, stellen politicologen Meindert Fennema en Jasper van Koppen (O&D, 26 oktober). Dat is goed nieuws, zou je zeggen. Nou en?, zou je ook kunnen zeggen. Het gaat immers niet om de opvattingen van de Tweede Kamerleden: het gaat erom wat er van die opvattingen in de praktijk terechtkomt. En daar schort het nog behoorlijk aan.


Lager opgeleiden hebben duidelijk andere politieke opvattingen dan hoger opgeleiden. Lager opgeleiden zijn aanzienlijk 'nationalistischer' en 'repressiever' ingesteld dan hoger opgeleiden. De meeste lager opgeleiden vinden dat het maar eens afgelopen moet zijn met de softe multiculti-benadering, dat de immigratie moet worden beperkt, dat criminelen harder moeten worden gestraft, dat er veel minder geld naar ontwikkelingssamenwerking moet en dat Nederland niet langer macht moet inleveren aan Europa. Fennema en Van Koppen betogen dat met de komst van SP, LPF en PVV de opvattingen van lager opgeleiden beter worden vertegenwoordigd in ons parlement.


Het klopt dat de conservatieve wensen van kiezers beter doorklinken in het politieke discours. Niet alleen bij PVV en - ten dele - SP zijn deze opvattingen te horen en te lezen, ook in de partijprogramma's van VVD, CDA en PvdA zien we pogingen aan te sluiten bij het gedachtegoed van Fortuyn en Wilders. Al deze partijen hebben de laatste vijf jaar eveneens eurosceptische geluiden laten horen.


Het heeft geresulteerd in een regeerakkoord van VVD en CDA waarin is te lezen dat het kabinet vooral de veiligheid en het welzijn van de Nederlanders zal bevorderen en de Nederlandse belangen in het buitenland zal veiligstellen. De Europese Unie mag van dit kabinet niet onbeperkt groeien en ook niet machtiger worden. Er is een forse daling van de instroom van immigranten beloofd en er komen zwaardere straffen voor criminelen en strenge regels voor nieuwe Nederlanders.


De PVV - en met haar de lager opgeleiden - heeft dus op veel punten haar zin gekregen, leek het. Op papier werd een conservatieve correctie mogelijk gemaakt die vanuit democratisch oogpunt noodzakelijk is. Maar in de praktijk komt er op belangrijke onderdelen niet veel van terecht: de Europese Unie groeit rustig door en 'Brussel' wordt alleen maar machtiger. En de beperking van de immigratie blijkt weinig maakbaar. Daar waar gesneden kan worden in de budgetten (Ontwikkelingssamenwerking, Defensie, Kunst & Cultuur) blijkt het voor de beleidsmakers makkelijker tegemoet te komen aan de wensen van de lager opgeleiden, dan waar beleid gemaakt of omgebogen moet worden (immigratie, integratie, Europa).


Enerzijds toont het de bescheiden macht van de Tweede Kamer op het beleid. Anderzijds ligt het kernprobleem er in dat de leidende politici binnen de middenpartijen VVD, CDA en PvdA totaal anders denken over de wereld, Europa en de manier waarop het land bestuurd moet worden dan de (lager opgeleide) achterban.


Uit onderzoek dat TNS NIPO in 2010 uitvoerde in het kader van de Volkskrant Top 200 bleek dat ruim 90 procent van de bestuurlijke elite progressief/kosmopolitisch georiënteerd is. Deze bestuurlijke elite komt bijna geheel voort uit CDA, PvdA, VVD en D66. Van de kiezers is tweederde juist nationaal georiënteerd. De oude elitepartijen nemen de retoriek van de politieke nieuwkomer over, maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Als het erop aankomt, kiezen CDA, VVD en PvdA voor de internationale benadering: de euro moet gered, we kunnen niet zonder een krachtig Europa, we moeten onze internationale handelspositie veiligstellen, alles hangt immers met alles samen en we kunnen de immigratie niet eigenhandig beperken. Prima, maar beloof het dan ook niet!


Alle beeldvorming ten spijt: de gedoogconstructie van VVD, CDA en PVV zorgt ervoor dat het kabinet een regeringsbeleid kan uitvoeren dat in de praktijk toch weer veel internationaler is georiënteerd dan de meeste kiezers willen. Mede mogelijk gemaakt door PvdA, GroenLinks en D66. En sociaal-economisch is het beleid veel rechtser dan kiezers willen. De PVV, die in 2010 zei 'als enige op te komen voor het behoud van de verzorgingsstaat', probeert te verhullen - bijvoorbeeld door Job Cohen de grote gedoger te noemen - dat zij het rechtse beleid mede mogelijk maakt. Het regeringsbeleid keert bijna ongemerkt terug naar de neoliberale, globalistische koers die al enkele decennia de boventoon voert, en ook dat wordt door de PVV toegestaan.


Doordat politici niet hun persoonlijke idealen volgen en ook geen oprechte dialoog met de kiezers aangaan, is de politieke markt van vraag en aanbod niet transparant en worden kiezers per saldo niet goed vertegenwoordigd. Politici en politicologen zoals Fennema en Van Koppen laten zich zand in de ogen strooien door de gedachte dat het democratisch allemaal dik in orde is in Nederland, bijvoorbeeld omdat het politieke vertrouwen nu hoger is dan veertig jaar geleden. Maar het cynisme onder de kiezers neemt toe en kiezers gedogen het politieke spel omdat ze niet weten wat ze anders moeten. Niet iedereen is bereid om het Beursplein te bezetten.


Peter Kanne is onderzoeker bij TNS NIPO en schrijver van het boek Gedoogdemocratie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden