Nieuws

Ook Den Haag wil eigen slavernijverleden laten onderzoeken

Den Haag gaat zijn slavernijverleden laten onderzoeken. Daarmee volgt de stad het voorbeeld van Amsterdam, Rotterdam en Utrecht. De vier grote steden lopen vooruit op een nationaal onderzoek, waar zij zelf voor pleiten, naar de rol van de Nederlandse staat in de slavernij.

Het slavernijmonument in Rotterdam.  Beeld ANP
Het slavernijmonument in Rotterdam.Beeld ANP

Wethouders van Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht pleitten vorige week in een brief aan de Kamercommissie voor Binnenlandse Zaken om van het afschaffen van de slavernij een nationale feestdag te maken. Zo’n dag moet het symbool worden van een grotere betrokkenheid van het nieuwe kabinet bij het Nederlandse slavernijverleden.

In hun ‘lobbybrief’ bevalen de wethouders ook enkele andere initiatieven aan om de Nederlandse betrokkenheid bij het slavernijverleden te vergroten. Zo moet er een nieuw, nationaal onderzoek komen naar de rol van de Nederlandse staat in de slavernij, dat een aanloop kan zijn naar mogelijke excuses van de Nederlandse regering voor het slavernijverleden.

Historici

Vooruitlopend op dat onderzoek laat Den Haag historici van het Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde (KITLV) zijn eigen slavernijverleden onder de loep nemen. De studie moet volgend jaar worden afgerond en kijkt ook naar het koloniale verleden van de stad.

Eerder lieten Amsterdam, Rotterdam en Utrecht hun slavernijverleden onder de loep nemen. Burgemeester Femke Halsema zal deze week namens de gemeente Amsterdam bij de Keti Koti-viering excuses aanbieden voor de rol van de stad in het slavernijverleden. Ook in Den Haag en Rotterdam gaan er stemmen op namens het gemeentebestuur excuses aan te bieden.

‘Wij hebben drie boeken gepresenteerd over het koloniale slavernijverleden van Rotterdam’, zegt KITLV-directeur Gert Oostindie op de vraag waarom Den Haag uitgerekend zijn instituut benaderd heeft. Voor dit onderzoek krijgt het KITLV wat minder tijd. ‘Daarom zullen we vooral mensen vragen een bijdrage te schrijven die al een tijd met dit onderwerp bezig zijn en Den Haag goed kennen.’

Voor het onderzoek bekijkt Oostindie samen met historicus Esther Captain en Valika Smeulders, hoofd geschiedenis van het Amsterdamse Rijksmuseum, naast het slavernijverleden ook de bredere, koloniale geschiedenis. ‘Het besteedt ook aandacht aan twee andere groepen die in Den Haag prominent aanwezig zijn’, aldus Oostindie. ‘De Indische en de Hindoestaanse gemeenschap. De contractarbeid in Suriname is immers de directe opvolger van de slavernij geweest.’

De vaste Commissie in de Tweede Kamer voor Binnenlandse Zaken heeft woensdag een algemeen overleg over discriminatie en racisme, waarin de brief van de vier wethouders ook besproken zal worden.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden