Column

Ook boeken kunnen onsympathiek overkomen

Over vooroordelen gesproken: ook boeken kunnen al onsympathiek overkomen voor je ze gelezen hebt. Een onaantrekkelijk omslag is, zeker voor kinderen, een reden om het links te laten liggen. Zo had ik als kind een hekel aan Alleen op de wereld. Ik bezat een exemplaar waarop zowel Remi als Vitalis afgebeeld stonden als verwijfde minstrelen met pruilende kersmondjes en wuivende Wash&Go-lokken, alles in mierzoete limonadekleuren, dus dat kon nooit wat wezen. Ik weigerde het te lezen, ondanks de felle aanprijzingen van mijn ouders.

Hector Malot - Alleen op de wereld Beeld null
Hector Malot - Alleen op de wereld

Levende Bezems van Lisa Tetzner daarentegen zag er een stuk beter uit. Een zwarte pentekening van de daken van Milaan, met daarop een aantrekkelijk, stoer jongetje en, als ik het me goed herinner, hier en daar een rood accent. Het verhaal zelf bleek zonder meer geweldig.

Het speelt halverwege de 19de eeuw. Kinderen uit doodarme Zwitserse gezinnen worden uit nood door hun ouders verkocht en moeten werken als schoorsteenvegertjes in Milaan. Zo ook de hoofdpersoon, de kleine Giorgio. 'En als ik nu dood ga in Milaan, Nonna?' 'Een jongen van jouw slag gaat niet zo snel dood, Giorgio.' Nonna lachte een beetje vreemd. 'Bovendien kan een mens maar éénmaal sterven, en we weten niet, of ons dat in onze jeugd treft of wanneer we oud zijn'.

Arme Giorgio. Hij wordt inderdaad als een hond behandeld, krijgt amper eten, slaapt in een hok dat op slot gaat zodat hij niet weg kan lopen, het gemene zoontje van zijn baas (Anselmo met de kikkerogen) treitert hem onophoudelijk, en als enig soelaas heeft hij Angeletta, het inderdaad engelachtige, langzaam en schilderachtig aan tering stervende dochtertje des huizes.

Er volgen de heerlijkste avonturen, een lidmaatschap van de 'bond van zwartgezichten' (roetveegpieten avant la lettre) een bijna-dood in een gloeiend hete, verstopte schoorsteen, een redding door een goedhartige dokter, een ook al weer stervende boezemvriend Alfredo, Dickensiaanse wreedheden zover het oog reikt (die heerlijk geurende soeppan met een slot erop! Tussen die hongerende stakkers!) en voortdurend is er ook nog sprake van 'dampende plakken goudgele polenta', waarbij ik me als kind iets onweerstaanbaar heerlijks voorstelde. (Toen ik het veel later eens te eten kreeg was mijn teleurstelling immens. Het bleek een soort te stijve Brinta. Toen had ik nóg meer medelijden met die arme Giorgio.) Nou ja, het loopt natuurlijk allemaal goed af, terwijl in werkelijkheid die kleine 'spazzacamini' meestal al jong crepeerden.

Toen ik het boek uit had begon ik meteen weer opnieuw, en in de daarop volgende jaren las ik het zeker een keer of vijf. Zouden kinderen dat tegenwoordig nog weleens doen? Ik denk het niet. Mijn kinderen begínnen niet eens aan Levende Bezems. Hoe dan ook, toen ik het boek echt uit mijn hoofd kende begon ik toch maar, met lange tanden, aan Alleen op de wereld.

Te laat. Mijn referentiekader was gevormd, en al leken de boeken bij onpartijdige beschouwing veel op elkaar, Remi werd voor mij nooit zo'n held als Giorgio, en die oude Vitalis met zijn enorme baard bleef ik altijd een beetje griezelig vinden, net als dat aapje. (Aapjes zijn sowieso eng, omdat het geen dieren zijn, maar ook geen mensen.)

Had mijn exemplaar van Alleen op de wereld een beter omslag gehad, dan had ik dát het eerst gelezen en was alles misschien heel anders gelopen.

Zo gaan die dingen.

Reageren? s.witteman@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden