Column

Ook bij remake moet je zwelgen in jeugdsentiment

We neigen ertoe de onaangenamere kanten van de goede oude tijd te wissen.

Beeld uit de film My Big Fat Greek Wedding 2.

Als de dochter van Toula en Ian tijdens een voorlichtingsmarkt op zoek gaat naar een geschikte universiteit in My Big Fat Greek Wedding 2, duikt als verrassing haar hele familie op. Tantes, ooms, aangetrouwd volk: een zwerm mensen met te hoog getoupeerd haar, te veel botox en te veel decolleté (m/v). Ze zijn irritant luid en twee ooms bedreigen een voorlichter. Gelukkig heeft een klein, zwijgend omaatje - van top tot teen in het zwart gekleed - Griekse hapjes meegenomen.

Een opstapeling van stereotypen: is dat alles wat My Big Fat Greek Wedding 2 te bieden heeft? Maar die onverwacht succesvolle eerste film uit 2002 was toch best aardig? Onschuldig vermaak, geschreven door de Griekse hoofdrolspeelster zelf? Of heeft de tijd de herinnering vertroebeld?

Ja. De romance was beter, die film draaide om een cultuurclash, maar de manier waarop de Grieken erin worden afgeschilderd is even simplistisch.

Het zijn idiote tijden voor de nostalgicus. Zo'n beetje elke film of televisieserie waaraan een significant publiek warme herinneringen heeft, krijgt een remake. The Gilmore Girls (2000-2007) bijvoorbeeld. Of Ghostbusters (1982).

Maar dan verdiept The Huffington Post zich opeens in Michel Gerard, toch een van de leukste personages uit The Gilmore Girls. O ja, een Celine Dion-fan met geaffecteerde maniertjes, die officieel nooit uit de kast kwam en gewoon 'Frans' was. Kan zo'n personage nu nog werken?

In de trailer van de nieuwe Ghostbusters blijkt de enige niet-wetenschapper de Afro-Amerikaanse ghostbuster te zijn die pas halverwege wordt geïntroduceerd en meedoet omdat ze zo lekker sassy en street smart is. Hoe zat het ook weer met die rol van de Afro-Amerikaanse 'vierde' ghostbuster in het origineel uit 1982? Even googlen levert een schrijnend stuk op van acteur Ernie Hudson, die in Entertainment Weekly vertelt hoe zijn rol werd gereduceerd van intelligente ghostbusteroprichter tot iemand die pas na 68 pagina's het script binnenwandelt met de woorden: 'Als jullie me genoeg betalen, geloof ik alles.' Hij zat destijds niet eens in de trailer.

Deze week gaat The Jungle Book in première. Een verfilming van Rudyard Kiplings boek (1894) die natuurlijk meteen doet denken aan Disneys Jungle Book uit 1967. Een van de aspecten waarop de makers uiterst alert waren, vertellen ze in interviews, is het racisme uit die eerdere werken. De tijden zijn veranderd. Wat toen normaal was, kan nu niet meer - daar moet je rekening mee houden.

Dat moeten alle remake-makers zich realiseren, ook als ze 'maar' een jaar of tien na het origineel komen. De kijker moet zwelgen in jeugdsentiment. Geconfronteerd worden met ongemakkelijkheden die destijds niet opvielen, werkt dan averechts.

Floortje Smit, filmrecensente, werpt haar blik op de hedendaagse beeldcultuur.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden