Ook beelden van vochtige mozzarella in sappige ham gaan vervelen

Mooi hoor, Chef's Table. Maar hoeveel beelden van vochtige mozzarella in sappige ham kan een mens verdragen?

The Pizza Show.Beeld YouTube

Vorige week verscheen op Netflix het derde seizoen van Chef's Table, het culinaire paradepaardje van de streamingdienst. In de openingsscène van de derde aflevering (alle zes de episodes waren tegelijk beschikbaar) praat chefkok Nancy Silverton over brood bakken. 'Ik kreeg niet de open structuur in het brood die ik wilde. Ik mixte met water van 0 graden, met water van 7 graden, met water van 27 graden en water van 32 graden. Dan dacht ik: ik doe er vier eetlepels in. Niet lekker, dus ik ga terug naar drie. Ik probeer tweeënhalf. Steeds weer aanpassen. Dat is obsessie.'

Obsessie is een woord dat je vaker hoort bij Chef's Table, net als 'perfectie' en 'passie'. Vorig jaar schreef ik hier, naar aanleiding van het verschijnen van het tweede seizoen, dat Chef's Table de mooiste serie over eten van dit moment is. Dat is nog steeds zo. Maar nadat ik bij de vorige jaargang al niet stond te springen om alle afleveringen van voor naar achter te kijken, merk ik dat ik - nu Chef's Table is aanbeland bij het derde seizoen - na één aflevering eigenlijk wel voldoende gezien heb.

Hoewel er steeds weer allerlei nieuwe bezeten chefkoks voorbij komen, en Chef's Table er altijd wel in slaagt hun brille en manie mooi in beeld te brengen, zit er ook een bepaalde eentonigheid in al het prachtigs. Het gaat een beetje vervelen, de vertraagde beelden van vochtige mozzarella in sappige ham, de shots van een chef alleen in een schaars verlichte keuken, de aanzwellende vioolmuziek en de pompeuze teksten als: 'Het is een integer brood. Je snijdt het door en het gluten is prachtig. Alsof je een ijsgrot betreedt.' O ja.

Alleen maar in sterrenrestaurants eten gaat vervelen. Af en toe (oké, altijd) heb je gewoon behoefte aan een pizza. Daarom is The Pizza Show zo'n zegen. De serie van Munchies (het online-eetkanaal van mediaplatform Vice) behelst niet veel meer dan een pizzabakker (Frank Pinello) uit New York die allerlei Amerikaanse steden bezoekt op zoek naar de lokale pizzacultuur. Bijna elke stad blijkt een eigen traditie te hebben, en meestal is die begonnen met een van de miljoenen Italiaanse immigranten die in het begin van de 19de eeuw naar Amerika trokken.

(De tekst gaat verder onder de video)

The Pizza Show.Beeld YouTube

In New Haven bijvoorbeeld heet de lokale specialiteit 'apizza', en in Chicago is de pizza zo dik en hoog als een appeltaart. Pinello is niet bepaald het grootste presentatietalent, maar compenseert dat ruimschoots met een enthousiasme dat we in Nederland alleen kennen van Martin Gaus die aan het eind van een hindernissenparcours kletsnatte labradors staat op te wachten - en onuitputtelijk veel verstand van pizza's. Uiteindelijk is The Pizza Show (waarvan het helaas altijd een raadsel is wanneer er weer een nieuwe aflevering verschijnt) daarom meer dan alleen een vermakelijk programma over pizza's; het vertelt, zonder pretenties, over Amerikaanse culinaire cultuur, over immigratie, en leert je onderweg nog het een en ander over de perfecte pizzabodem. Die lijkt trouwens - spoiler alert - in niets op een ijsgrot. Maar prachtig gluten, dat dan weer wel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden