Onzichtbare verwoesting

Ook na de kernramp van Fukushima gaat het leven gewoon door. Straling wordt genegeerd. Drie docu's laten dat zien.

FLOORTJE SMIT

Er valt inmiddels niets meer te zien in Fukushima, letterlijk en figuurlijk. Het gebied waar de tsunami een spoor van vernieling achterliet en waar een kernramp plaatsvond als gevolg van de zeebeving, is afgesloten; in de toegankelijke dorpen waar de straling nog steeds hoog is, gaat het dagelijks leven gewoon door. 'Het is een parallelle werkelijkheid', citeert een van de sprekers in de documentaire Friends after 3.11 een onderzoeker uit Tsjernobyl die het gebied bezocht. 'Het ziet er doodnormaal uit. Maar zodra je metingen gaat doen, blijkt dat de kinderen net zo goed op de resten van de kernreactor hadden kunnen spelen.'

Het is een van de vele ontluisterende verhalen die worden geschetst in de drie documentaires over Japan na de natuur- en kernramp, die tijdens de 62ste Berlinale worden vertoond. Ze behoren tot de eerste lichting over het onderwerp; het is nog geen jaar geleden dat een tsunami het gebied overspoelde, waarna de kernreactoren van Fukushima beschadigd raakten. Mede door het gebrek aan nieuw beeld heeft de reguliere pers de interesse verloren, zo menen de makers. Hun documentaires zijn tegelijkertijd een aanklacht en een schreeuw om aandacht. Van een welbespraakte activiste in schooluniform tot doodgehongerde koeien: het maakt allemaal deel uit van hun betoog tegen kernenergie en een regering die zijn kop in het zand steekt.

In Friends after 3.11 bezoekt Iwai Shunji de mensen die hij leerde kennen na de ramp en praat hij met hen over kernernergie en de toekomst van Japan - van acteurs tot een architect van kerncentrales, van professoren tot scenaristen. Regisseur Fujiwara Toshi trekt in No Man's Zone de (toen nog niet verboden) zone in. Het is tegelijkertijd een portret van de (vaak oude) mensen die weigerden te vertrekken en een poëtische reflectie op onze fascinatie met beelden van destructie. Fujiwara toont net zo goed puin als bloesem. 'Je vraagt je af hoeveel lentes hier nog onopgemerkt voorbij zullen gaan', zegt een voice-over dan.

Maar de meest interessante film is Nuclear Nation van Funahashi Atsushi. Hij laat een voormalige middelbare school zien waar 1.400 evacués uit hetzelfde dorp zijn gehuisvest. Het is een fascinerende mini-maatschappij, compleet met arbeidsbureau en gemeentehuis.

Funahashi volgt de inwoners bijna een jaar: hij hoort hun verhalen over familieleden onder het puin die ze niet mochten zoeken door de straling, hij gaat met ze mee als ze - twee uurtjes, gekleed in witte pakken - wat persoonlijke bezittingen uit het puin mogen halen. Waar ze aanvankelijk slechts mopperen over het uitblijven van 'persoonlijke excuses van de minister', krijgen ze steeds meer het idee te worden vergeten door regering en energiemaatschappij, en zie je hun woede groeien. Dit wordt het best verwoord door de 'burgemeester zonder stad' - een prachtig tragisch personage - die kernenergie zag als de manier om zijn dorp te laten opbloeien, maar die nu beseft dat hij misschien wel een pact met de duivel heeft gesloten. De prijs voor vooruitgang was te hoog.

En dat is ook wat de documentairemakers vinden. Misschien zijn ze wat te vroeg - in hun haast Japanners een stem te geven, lijken ze huiverig om hun sprekers af te kappen en zijn hun films te lang - maar daarmee is hun woede ook nog vers. Hun films laten zien wat er voor nodig is om een maatschappij, waar emotie tonen dicht bij gezichtsverlies ligt, in opstand te laten komen.

undefined

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden