Onze soevereiniteit is allang naar de vaantjes

In 1983 gaf Nederland zijn monetaire soevereiniteit op, en niet omdat eurofielen dat zo graag wilden.

Het Burgerforum EU onder aanvoering van Thierry Baudet en Ewald Engelen heeft 63 duizend handtekeningen verzameld en mocht onlangs in de Tweede Kamer zijn bezwaren uiteenzetten. Het Burgerinitiatief protesteert tegen de sluipende soevereiniteitsoverdracht aan de Europese Unie en vindt dat aan elke overdracht van soevereiniteit een bindend referendum vooraf moet gaan.


Als voorbeeld van deze sluipende machtsoverdracht naar de EU noemt Ewald Engelen in het Journaal het monetaire beleid van De Nederlandsche Bank; sinds de invoering van de gemeenschappelijk munt hebben Nederlanders niets meer te zeggen over het monetaire beleid omdat dat sluipenderwijs is overgedragen aan een Europees instituut in Frankfurt.


Feit is echter dat Nederland de laatste vier decennia helemaal geen monetaire autonomie heeft gehad. Ontwikkelingen in Nederland worden steeds meer bepaald door ontwikkelingen in de wereldeconomie. De ophanden zijnde bankenunie bijvoorbeeld komt er niet vanwege de Europese integratiewens van een politieke elite, maar omdat de Europese banken op een internationale markt opereren, uiterst kwetsbaar zijn en met elkaar verbonden zijn.


Nederland is niet veel meer dan een postzegel die ronddobbert op de golven van de internationale geliberaliseerde markten. Laat mij deze stelling illustreren aan de hand van een bijna vergeten voorval uit de nationale politieke geschiedenis: de 'devaluatie van 1983'. Het toont aan hoe weinig autonomie een klein land als Nederland feitelijk nog heeft.


Begin jaren tachtig wordt Nederland, als kleine open economie, hard getroffen door de wereldwijde recessie en de werkloosheid loopt op tot 12 procent. Nederland is lid van het EMS, het Europese Monetaire Stelsel, waarin een aantal Europese landen hun valuta aan elkaar hebben gekoppeld via vaste wisselkoersen. In 1983 doet zich de situatie voor dat de Duit-se mark moet revalueren (in waarde toenemen) ten opzicht van de overige valuta in het EMS. De Nederlandse centrale bank is zich er terdege van bewust dat Nederland economisch gezien gewoon een provincie van Duitsland is en volgt daarom traditiegetrouw de besluiten van de Duitse Bundesbank.


Maar het in 1982 aangetreden CDA-VVD kabinet-Lubbers I oordeelt dat de crisis in Nederland zo ernstig is dat het beter is de Duitsers deze keer niet te volgen. De regering stelt voor de gulden minder te laten revalueren dan de D-mark, wat in feite neerkomt op een devaluatie van de gulden. Een goedkopere munt zou de export doen toenemen, zo is de redenering.


In het kabinet heeft Lubbers de steun van de CDA'ers Gerrit Braks (Landbouw) en De Koning (Sociale Zaken). De CDA'er Onno Ruding (Financiën) is aanvankelijk tegen maar laat zijn oppositie na politieke druk van Lubbers varen. Bij De Nederlandsche Bank (DNB) bestaat echter grote weerzin tegen dit besluit. De net aangetreden president, PvdA'er Wim Duisenberg, is mordicus tegen een devaluatie van de gulden. Hij is bang dat de financiële markten deze beslissing zullen interpreteren als een teken dat De Nederlandsche Bank niet onafhankelijk is en dat de rente in Nederland zal oplopen.


In een overleg in het Torentje op zondag 20 maart valt het machtswoord en besluit de regering toch tot een devaluatie van 2 procent ten opzichte van de D-mark. De consequenties zijn desastreus. De devaluatie leidt inderdaad tot de door DNB al voorspelde kapitaalvlucht van beleggers, die de gulden nu geen harde en veilige munt meer vinden. Uiteindelijk ziet DNB zich genoodzaakt de rente te verhogen. De kosten zijn enorm: acht jaar lang betaalt Nederland een hogere rente over de staatsschuld dan Duitsland. De extra en onnodige rentelasten lopen in de vele miljoenen terwijl de werkgelegenheid niet toeneemt.


De devaluatie van 1983 is de laatste keer dat Nederland gebruik maakt van zijn monetaire soevereiniteit. Ruding trekt uit de gebeurtenis de conclusie dat 'wat er ook gebeurt met de Duitse mark, wij volgen'. Duisenberg grijpt de gebeurtenis aan om een strak hardemuntbeleid te voeren en de Duitsers nog nauwgezetter te volgen. In Frankrijk krijgt hij de bijnaam Monsieur Cinq Minutes omdat Nederland de Duitse renteaanpassingen bijna onmiddellijk volgt.


In 1983 is De Nederlandsche Bank definitief een bijkantoor geworden van de Bundesbank en heeft Nederland vrijwillig zijn monetaire autonomie opgegeven. Niet omdat eurofiele technocraten dat zo graag willen, maar omdat Nederland nu eenmaal een klein land is in een geglobaliseer-de wereld. En in een geglobaliseerde wereld heeft de machtsoverdracht naar gedereguleerde markten al lang geleden plaatsgevonden.


Het Burgerinitiatief is een achterhoedegevecht dat zich verzet tegen een voldongen feit. Niet de EU maar de globalisering heeft de soevereiniteit allang aangetast.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden