'Onze relatie met eten is verstoord'

De mens kan niet zonder eten, maar als je in de stad woont, is voedsel onzichtbaar geworden. Het moet weer rond de steden worden verbouwd.

Eten vormt de wereld om ons heen, zegt de Britse architecte Carolyn Steel (51). Waar we ons voedsel vandaan halen, wat we eten en hoe we dat doen, bepaalt niet alleen de inrichting van het platteland, maar ook van onze steden, schrijft ze in haar boek Hungry Cities. Dat is nu in een Nederlandse vertaling verschenen als De hongerige stad. 'Je eet het landschap.'

Hoezo hongerige steden? Er is een overvloed aan goedkoop eten in steden.

'Ja, maar wat er niet bij staat, is dat voor ons eten het regenwoud wordt gekapt, het klimaat opwarmt en de lucht wordt vervuild. Zet daar een prijs op en een Big Mac kost geen twee, maar tweehonderd dollar. Goedkoop voedsel is een mythe. Maar als je in de stad woont, heb je daar geen idee van. We zien niet meer hoe ons eten wordt gemaakt. Voedsel is onzichtbaar geworden.'

Waarom is dat erg? We zien ook niet hoe auto's of kleren worden gemaakt.

'Voedsel is een essentieel onderdeel van ons leven. Als het moet, kun je zonder auto, je kunt een tijdlang geen nieuwe kleren kopen. Maar eten moet je elke dag.

'Voedsel is het belangrijkste dat we delen met de mensen om ons heen. Eten bepaalt ons leven, we kunnen niet zonder.'

Hoe heeft ons eten de wereld gevormd?

'De eerste steden waren boerennederzettingen. Tot aan het pre-industriële tijdperk waren steden ingericht rond voedselvoorziening. Rond de stad lagen akkers waar groente en fruit werden verbouwd. In de ring daaromheen waren de weiden voor het vee. De centrale plaats in de stad was de markt waar het voedsel werd verkocht.

'Je kunt het nog terugvinden in oude straatnamen zoals Groenmarkt, Beestenmarkt en Kalverstraat. De voedselvoorziening was ook een beperking. Steden konden niet groter worden dan het omringende platteland kon voeden.

'Dat veranderde met de komst van de spoorwegen en moderne koeltechnieken. Voedsel kon van steeds verder worden aangevoerd en dus konden steden groeien.

'Daardoor is voedsel zijn centrale plaats in de stad kwijtgeraakt. Met het verdwijnen van de markten is het leven uit onze steden gesneden. We kopen ons eten in dozen in de supermarkt.'

U schrijft dat driekwart van het voedsel in de wereld wordt geconsumeerd in steden, terwijl die maar 2 procent van het oppervlakte beslaan. Wat is daar verkeerd aan? 70 procent van de mensen leeft in steden. Door efficiënte vormen van transport zijn we in staat miljoenensteden van voedsel te voorzien.

'Ja, maar tegen enorme kosten en zo lang als het duurt. Boeren in de Punjab plegen zelfmoord omdat ze hun schulden niet kunnen betalen, de orang-oetans worden uitgemoord. Voor elke calorie voedsel die we produceren, verbruiken we 10 calorieën energie. En zo efficiënt is ons systeem niet. Een miljard mensen hebben niet genoeg te eten.

'Wat er gebeurt, is dat steden die problemen verhullen. Onze relatie met eten is verstoord. Je hebt mensen die protesteren tegen het gebruik van proefdieren. Maar thuis eten ze kip uit de intensieve veehouderij. Dat zijn dezelfde mensen! Als mensen zouden zien hoe ons eten wordt gemaakt, zouden ze anders eten.'

Wat is de oplossing? Varkensflats in de stad, akkers in het stadspark?

'Stadslandbouw kan maar voor een klein deel in de voedselvoorziening van steden voorzien. Maar het is een begin. We kunnen voedselproductie en stedelijke bebouwing meer mengen. En ophouden mensen samen te pakken in steeds grotere steden die hun voedsel van steeds verder moeten halen. Eten moet weer meer rond steden worden verbouwd. Breng de markten terug naar de stad. En stop de ontvolking van het platteland. We moeten boeren weer aantrekkelijker maken. Het is leuk om voedsel te verbouwen.

'Maar wat we vooral moeten doen, is onze relatie met eten veranderen. De discussie gaat steeds over de vraag: hoe kunnen we straks genoeg voedsel produceren voor iedereen? Terwijl we zouden moeten vragen: wat willen we eigenlijk? Wat voor leven willen we leiden? Dat zijn filosofische vragen, geen logistieke. Eten gaat over het leven.'

Voedsel is te belangrijk om over te laten aan private bedrijven, schrijft u. Wat bedoelt u daarmee?

'Wie het voedsel heeft, heeft de macht. Kijk naar China dat stukken Brazilië opkoopt om zijn voedselvoorziening zeker te stellen. De Nederlandse Gouden Eeuw was gebaseerd op de controle over de graanhandel uit de Baltische staten.

'Wij hebben de controle over ons eten uit handen gegeven aan een handvol grote bedrijven. Dat is angstaanjagend, want daarmee geef je een deel van je vrijheid weg: de controle over je eigen lichaam. We moeten ons eten democratiseren.'

Hoe doen we dat?

'Ik denk dat we op alle niveaus actie moeten ondernemen om de macht van grote bedrijven in te perken. We moeten verbieden dat bedrijven eigenaar kunnen hebben van zaden. We moeten nieuwe voedselnetwerken opbouwen, zorgen dat labels op voedsel begrijpelijk zijn.

'We moeten eten weer centraal stellen in ons leven. Stem met je voeten: koop je eten ergens anders dan in de supermarkt. Leer je kinderen koken, eet samen aan tafel.

'Als het oorlog is, begrijpen mensen het belang van eten. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de helft van alle groente en fruit in Groot-Brittannië verbouwd in volkstuinen. Als er nog eens een oorlog komt: wie van ons weet nog hoe je moet zaaien, planten en oogsten? Wie weet nog hoe je moet ploegen zonder tractor? Die kennis zijn we kwijtgeraakt.'

Carolyn Steel:De hongerige stad. Hoe voedsel ons leven vormt. NAi Uitgevers/Publishers ISBN 978-90-5662-805-5 384 pagina's, 19,95 euro.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden