Onverzettelijke fotograaf die tot het einde bleef borrelen van ideeën

Op 103-jarige leeftijd is Ata Kandó, de grande dame van de Nederlandse fotografie, overleden. De Hongaars-Nederlandse fotograaf bleef tot het einde borrelen van de ideeën.

Ata Kandó in 2012Beeld Stephan Vanfleteren

'Hoe meer mensen je werk zien, hoe beter je je voelt.' Dat zei Ata Kandó in 2005, tijdens een gesprek in haar flat in Bergen, waar de tafel bijna bezweek onder de lading koek en chocola die ze even daarvoor had neergezet. Ze kwam het zelf altijd graag even checken, de destijds 90-jarige kleine grande dame van de Nederlandse fotografie met haar spierwitte haren: of haar werk wel genoeg bezoekers trok. En zelfs toen haar hoge leeftijd het reizen definitief had gedwarsboomd, ging ze nog: was ze niet fysiek aanwezig, dan toch via een Skypeverbinding, zoals vorig jaar tijdens de opening van het grote retrospectief I Shall Use My Time in het Nederlands Fotomuseum in Rotterdam. Om zich goed te voelen - en ongetwijfeld ook om nog even snel te inspecteren of haar foto's er wel mooi bij hingen.

Zelfportret van Ed van der Elsken met zijn toenmalige geliefde Ata Kandó, Parijs, 1953Beeld Ed van der Elsken / Nederlands Fotomuseum / Hollandse Hoogte

Ata Kandó (geboren in 1913 als Etelka Görög) overleed vrijdag in haar flat in Huis de Rekere in Bergen, Noord-Holland, vlak voor haar 104de verjaardag. De Hongaars-Nederlandse fotograaf was een doorzetter en een perfectionist pur sang. Ze besteedde veel aandacht aan het afdrukken van haar foto's, en vond het vreselijk wanneer mensen 'die niet visueel zijn ingesteld' (deze uitspraak ging gepaard met een opgetrokken neus) zich bemoeiden met haar fotografie. Uren kon ze in de donkere kamer doorbrengen om het zwart er zo zwart mogelijk uit te laten komen en de contrasten zo scherp als maar kon.

In 1932 verhuisde Kandó met haar eerste echtgenoot, beeldend kunstenaar Gyula Kandó, vanuit Boedapest naar Parijs. Ze kregen drie kinderen. Het huwelijks strandde en Gyula ging terug naar Hongarije, waarna het IJzeren Gordijn zich achter hem sloot. Ata werkte na de Tweede Wereldoorlog als 'redactrice de laboratoire' bij het net opgerichte fotoagentschap Magnum in Parijs. Daar, in de donkere kamer, ontmoette ze in 1950 de Nederlandse fotograaf Ed van der Elsken, met wie ze vervolgens vijf jaar samen was.

Thomas en Madeleine Kandó in Zwitserland, uit het fotoboek Droom in het woud (1957)Beeld Ata Kandó / Nederlands Fotomuseum

Ze vestigde zich in Nederland, het land dat ze ondanks de kou en de nattigheid altijd heeft beschouwd als haar tweede vaderland. Ze werd lid van de Gebonden Kunsten Federatie (GKf), gaf les aan de Academie voor Kunst en Industrie in Enschede en de Grafische School in Utrecht, en maakte tussen het geld verdienen door haar eigen fotoseries. Haar reportage over de Hongaarse vluchtelingen na de opstand in 1956 (met collega Violette Cornelius) bezorgde Kandó wereldfaam. Ook het ijle fotografische sprookjesboek Droom in het woud (1957), waarin haar eigen kinderen figureerden, en haar publicatie over de uitstervende indianen in het Amazonegebied, Slaaf of Dood (1970), werden goed ontvangen.

Toch bleef de grote bekendheid in Nederland, zeker na een jarenlang verblijf in de Verenigde Staten, lange tijd uit. Ata Kandó moest erop wachten tot ze in de negentig was; in 2006 kwam het boek Kalypso & Nausikaä uit, met foto's uit 1956 waarvoor ook weer haar kinderen poseerden. En in 2016 werd ze geëerd met dat grote retrospectief in Rotterdam, waarvoor de Volkskrant vijf sterren gaf. De onverzettelijke Kandó bleef tot het einde borrelen van de ideeën.

Het gehele portret van Ata Kandó door Stephan Vanfleteren. Hij fotografeerde haar in 2012.Beeld Stephan Vanfleteren

Het archief van Ata Kandó is sinds 1993 in beheer bij het Nederlands Fotomuseum in Rotterdam, dat 75.000 objecten van haar heeft, waarvan 58.000 zwart-witnegatieven en 7.000 dia’s.

'Vroeger had ik geen tijd voor de dingen die ik wilde', zei ze tijdens het interview in 2005. 'Ik was alleenstaand, ik moest drie kinderen te eten geven. Nu kan ik eindelijk de dingen doen die ik wil doen. Je moet de dingen afmaken, vind ik.' Een boek over de door haar zeer bewonderde schrijver Jack London is er helaas niet meer gekomen. Maar niemand kan beweren dat Ata Kandó haar volle leven niet helemaal afgemaakt heeft.

Hongaarse vluchtelingen in het grensgebied van Oostenrijk en Hongarije, 1956Beeld Ata Kandó / Nederlands Fotomuseum
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden