Onverwoestbare koningin van de minimale dans

De Châtel, choreografe van de gespierde dans, ontvangt vanavond in Maastricht een Gouden Zwaan voor haar oeuvre.

De jury van de VSCD Dansprijzen maakt vanavond, tijdens het Gala van de Nederlandse Dans in Maastricht, bekend dat Krisztina de Châtel (67) de Gouden Zwaan krijgt voor haar 'onschatbare bijdrage aan het Nederlandse polderdanslandschap gedurende haar hele carrière'. Het is de tweede grote prijs die de choreografe binnen korte tijd in de wacht sleept. Vorige maand ontving ze de Amsterdamprijs voor de Kunst, 35.000 euro groot. Wat is het geheim van deze onverwoestbare Koningin van de Minimal Dance?


Ze zal zeker spontaan een grap maken, vanavond bij de ontvangst van de Gouden Zwaan, met die scherpe tong van haar, in halve en hele Nederlandse zinnen. De van oorsprong Hongaarse choreografe kan van zich afbijten, man en paard niet sparend. Impulsief, fel, maar met humor. In een volle foyer kan ze een criticus openlijk voor heks uitmaken, als ze meent dat haar werk onterecht is bekritiseerd. Toch wordt ze door iedereen in de Nederlandse danswereld, hoog gewaardeerd.


Natuurlijk vooral vanwege haar rijke en constante oeuvre, dat wel als minimal dance en hogere danswiskunde is omschreven vanwege haar voorliefde voor repetitieve, geometrische patronen. In al haar werk, vaak in samenwerking met even vormvaste beeldend kunstenaars, komt haar wil tot het bedwingen en beheersen van emoties tot uitdrukking in militaristische formaties. Gespierde uitputtingsslagen waarin dansers het opnemen tegen hardvochtige kunstwerken zoals felle neonbuizen, briesende windturbines of adembenemende watercilinders.


Op het oog lijkt haar werk sereen, wie dieper kijkt, voelt onderhuids een broeiend temperament. Ook haar eigen temperament, dat ze in haar geboorteland kwijt kon in turnen en ritmische gymnastiek en later in Duitse expressiedans. De Châtel wikt en weegt emoties om ze in abstracte vormen te vangen. Heel soms particulier verdriet zoals de rouw om een ex-geliefde die dodelijk verongelukte. Dit omvangrijke oeuvre - 65 choreografieën - lijkt inmiddels wel af.


Naast reprises van klassiekers zoals Föld (1985), Lines (1979), Typhoon (1986) en Imperium (1990) voegt ze nog wel mooi werk toe, zoals vorig jaar een onheilspellende benadering van walsmuziek in Waltz. Maar radicaal nieuwe wegen slaat ze niet meer in. Wel blijft ze onvermoeibaar nieuwsgierig naar volgende generaties. Daar ligt nu haar grootse kracht. De toegekende prijzen zijn evenzeer een erkenning van De Châtels betrokkenheid als scout en coach. Niet alleen dansers winnen onder haar vleugels aan lef, ze steunt ook jonge choreografen in hun prille carrière.


Van alle Nederlandse choreografen tref je De Châtel het vaakst in het publiek. Als een experiment haar bevalt, doet ze moeite de maker aan een opdracht te helpen. De Châtel was een van de eerste gerenommeerde choreografen die autodidact Marco Gerris, inmiddels beroemd met zijn jongerengezelschap ISH, uitnodigde om op skates een gastchoreografie te maken. Ook gebruikte ze ooit vuilnismannen in ZOOI en footballplayers in een dansfilm.


De Châtel houdt van 'kunst met kloten', rechttoe rechtaan, niet te lyrisch en te intellectueel, wel ritmisch, puur en strak. Daarom hangt thuis aan de muur een gedicht van Gerard Reve: Scheppend Kunstenaar: 'Naarmate ik ouder word, wordt, wat ik schrijf, hoewel fraaier verwoord, steeds enkelvoudiger van inhoud: liefde (of geen liefde), en ouder worden, en dan De Dood'.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden