Onvaste normen

Niet alleen de 1.040 lesuren per jaar zouden ter discussie moeten staan, ook de lange schoolvakanties.


Tot voor kort werden leerlingen in de onderbouw van het voortgezet onderwijs geacht jaarlijks 1.067 uren klassikaal onderwijs te genieten. Maar die norm was niet bestand tegen de praktijk. Ouders beklaagden zich bij het ministerie van Onderwijs en de Inspectie over lesuitval en over het verschil tussen de officiële en feitelijke duur van vakanties. De politiek en de onderwijsorganisaties waren het er dus over eens dat de norm van meer realiteitsbesef moest getuigen. Op voorspraak van de commissie Onderwijstijd kwamen ze uit bij een norm van 1.000 uur - in combinatie met kortere vakanties, zodat de werklast van docenten over meer weken kon worden verdeeld.


Tegen de zin van de meeste betrokkenen, en zonder deugdelijke argumenten, werd die norm onder het vorige kabinet ineens weer verhoogd naar 1.040 uur: een politiek zoenoffer van CDA en VVD aan gedoogpartner PVV die het eenvoudige standpunt huldigde dat het onderwijs beter wordt naarmate leerlingen langer in de klas zitten.


Dat zou misschien het geval zijn als de budgettaire ruimte van scholen zou meegroeien met de norm. Maar dat is, zoals bekend, niet het geval. In de praktijk zou invoering van de 1.040-urennorm dus leiden tot meer 'ophoktijd': een verplicht verblijf op school buiten de reguliere lesuren. Vorig jaar steunde de Tweede Kamer dan ook een motie van D66 waarin staatssecretaris Dekker werd opgeroepen de - inmiddels in de wet vastgelegde - 1.040-urennorm weer los te laten. Dekker heeft in afwachting van het nationaal onderwijsakkoord, waarover hij met onderwijsorganisaties onderhandelt, nog geen gehoor gegeven aan die aansporing. Bij hun planning voor het komende schooljaar hebben de roostermakers echter al een voorschot genomen op de verdwijning van de norm.


Van een staatssecretaris kan niet worden verwacht dat hij de in de wet vastgelegde urennorm negeert - ook niet als alleen de PVV nog aan die norm lijkt te hechten. Vandaar dat Dekker deze week in een brief kenbaar maakte dat het naleven van de norm bij de beoordeling van scholen wel degelijk een rol kan spelen. Onderwijsorganisaties meenden dit als een aankondiging te moeten interpreteren dat streng op de naleving van de 1.040-urennorm zal worden toegezien. Dit zegt meer over het chagrijn van een sector die vaak onder politieke bemoeizucht te lijden heeft gehad dan over de intenties van deze staatssecretaris. De onderwijsorganisaties zouden meer sympathie wekken - zeker bij de ouders van de leerlingen - als ze niet alleen op een nieuwe urennorm zouden hameren, maar ook het mes in de schoolvakanties zouden willen zetten.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden