Ontroostbare Li Jie Chinese ballen blijven hard komen, altijd

ROTTERDAM - Het rumoer zwelt aan bij Wang Hao tegen Ryu Seung Min. De volgepakte eerste ring van Ahoy begint zich te roeren. Het geroezemoes gaat vervolgens hier en daar over in aanmoediging. Het is een verschijnsel dat zich slechts een enkele keer aandient bij de WK tafeltennis.


Het hoopvolle gezoem begint wanneer een Chinees in de problemen komt. Wang, de nummer één van de wereld en de plaatsingslijst, wankelt, komt met 2 tegen 3 games achter tegen de Koreaan die als een reuzendoder bekendstaat. In 2004 werd Ryu olympisch kampioen in Athene, een regelrechte vernedering voor China.


'Snap je nu de druk die op de Chinese spelers staat? Ze mogen niet verliezen', stelt Trinko Keen, de voormalige Nederlandse topspeler die vele keren een ticket naar Peking kocht.


In de zaal verspeelt Ryu langzaamaan zijn voorsprong. Keen zegt de Koreaan te kennen, hij heeft nog met hem gespeeld. 'Een aardige vent.' Wang is eigenlijk een onuitstaanbaar kereltje, klein, explosief en verliezer van de olympische finale van Peking, tegen de immens populaire Ma Lin, wiens echtscheiding maandenlang nieuws was in de Chinese media.


Keen voorspelt de uiteindelijke zege van Wang Hao. 'Tegenstanders die tegen Chinezen voor komen te staan gaan lichtjes inhouden. Even iets meer op zekerheid spelen. Maar dan ga je eraf. De Chinees houdt zijn basis, de ballen blijven hard komen. Daarom verliezen ze bijna nooit.'


De Nederlandse observant krijgt gelijk. Het wordt 4-3. Wang mag door naar de laatste acht. De zaal in Rotterdam gaat weer terug in volume. Het wachten is op een volgende partij, waarin een Chinees niet direct doet wat van hem of haar verwacht wordt: gemakkelijk winnen.


Wang slaat op de beslissende momenten toe met zijn kracht en techniek. Hij hanteert de penhoudergreep, volgens Keen een grip waarbij de Chinees zich uiterst comfortabel voelt. Hebben zij immers niet leren eten met stokjes?


De penhoudergreep begint internationaal achter te lopen op de 'shakehandgreep'. Maar Keen ziet, net als winnaar Wang Hao, nog wel de voordelen: het kort achter de bal kunnen prikken om effect te minimaliseren en een beter bereik te krijgen, ook frontaal voor de buik. Daarbij is de slag door de Zweden gemoderniseerd.


Het rubber dat op het batje van de gemiddelde Chinese topper is gemonteerd, is ook van extreem goede kwaliteit. Keen, die eens drie weken in het nationale trainingscentrum van China werd uitgenodigd, weet ervan. 'Er is rubber en er is rubber voor Chinezen. Aan de buitenkant kun je het verschil niet zien. Het valt dan ook niet af te keuren door een scheidsrechter, maar het is echt veel beter.'


Het Chinese sponsrubber geeft extra snelheid aan de bal. Het vereist gevoel en gewenning. 'Ik zou er niet mee kunnen spelen', aldus Keen. 'Ik zou het balletje, dat na de vergroting toch trager is geworden, te veel snelheid geven.'


China behaalde in 1959 in Dortmund de eerste wereldtitel in het tafeltennis. Rong Guotan brak in het enkelspel voor mannen de hegemonie van de gehate Japanners. De Chinese leider Mao Zedong omarmde de sport. Ten tijde van de Culturele Revolutie was tafeltennis bijna de enige sport die beoefend mocht worden.


Sinds dat baanbrekende toernooi in Dortmund wonnen de Chinezen 114 wereldtitels. De laatste tien jaar waren 33 van de 35 wereldkampioenschappen tafeltennis voor China. In Rotterdam staan er vijf op het spel. Niemand denkt een kans te hebben de Chinezen te weerstaan.


Trino Keen vindt de overmacht van China niet vreemd en ook niet onrechtvaardig. 'Ze verdienen het in mijn ogen, want ze werken het hardst. Als de tafeltennissers in Europa vakantie houden, dan gaan de Chinezen er gewoon tegenaan.'


Van Europeanen is bekend dat ze vijf uur per dag trainen. Chinezen halen acht uur.


De ijver is één, de structuur is twee. Er is veel aanwas, concurrentie en expertise. Er is oog voor het detail. Keen: 'Als spelers uit Europa of Korea het een Chinees moeilijk kunnen maken, dan leiden de Chinezen een speler op die op dat type lijkt. Dat zijn dan echte sparringpartners.'


De Nederlandse commentator eindigt zijn beschouwing met een analyse van het vrouwentoernooi. Keen: 'Bij de vrouwen is wat China doet echt een andere sport dan wat de andere landen op tafel brengen. Vrouwen worden in China net zo gehard als mannen. Dat is het grote verschil.'


In de ochtenduren van donderdag leden twee Chinese vrouwen (Feng en Mu) in het dubbelspel een ongewone nederlaag tegen twee Koreaantjes (Lee en Park). Later die middag werd het Koreaanse dubbel echter gediskwalificeerd, wegens te dik aangebracht rubber op het batje. Daarmee bleef het totaal van nederlagen voor China steken op één.


'Een groot verschil. Ik heb helemaal geen kans gehad', snikte Li Jie na haar uitschakeling in de achtste finales van de WK tegen de oppermachtige Chinese Guo Yuan. De Nederlandse zei dat ze niet ging huilen, maar ze was wel ontroostbaar in haar teleurstelling over zoveel gezichtsverlies.


In de ochtenduren had Jie met haar maatje Li Jiao al pingpongles gekregen van dezelfde Guo en haar dubbelspelpartner Ding Ning. De nederlaag van 0-4 voltrok zich in 28 minuten. De 0-4 in de avonduren, in het enkelspel, nam één minuut langer in beslag. In de ochtenduren had Li Jie (27) al de conclusie getrokken dat er tegen Guo eigenlijk niet viel te spelen. 'Ze maakt geen enkele fout', sprak ze. Op de vraag hoe het voelde, zei Lie: 'Leuk is het niet.'


Na de afstraffing in de avond kwam er geen zinnig woord uit haar mond. Tegen China is niemand opgewassen, zelfs niet door een meisje dat opgroeide in het land zelf.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.