Analyse Nederlands landbouwsysteem

Ons landbouwsysteem is failliet, maar ideeën genoeg over hoe het anders kan

Het platteland in Nederland is de afgelopen decennia ingericht om zo efficiënt en intensief mogelijk te produceren. Daar plukken we nu de wrange vruchten van: minder biodiversiteit, slechtere bodemkwaliteit, een vergrijzende plattelandsbevolking. Daarom schreef het College van Rijksadviseurs een prijsvraag uit: landbouw en veeteelt moeten anders, maar hoe? ‘Geen boer wil het land slechter achterlaten dan hij het aantrof’

Overijssel. Beeld Harry Cock.

Het Nederlandse platteland vertoont alle kenmerken van een ‘failliet systeem’, zegt Rijksbouwmeester Floris Alkemade. De biodiversiteit daalt, de bodemkwaliteit neemt af, het landschap verschraalt. Boeren moeten stoppen omdat ze het hoofd niet meer boven water kunnen houden, de plattelandsbevolking vergrijst.

Het is een doos van Pandora, aldus Alkemade. ‘We hebben in Nederland een enorm efficiënt landbouwsysteem opgebouwd. Ons eten wordt steeds goedkoper.’ Maar de maatschappelijke prijs die we daarvoor betalen is torenhoog. ‘Het platteland lijdt.’

Alkemade is een van de drie rijksadviseurs, een onafhankelijk college dat het kabinet gevraagd en ongevraagd van advies kan dienen over de ruimtelijke kwaliteit van Nederland. Dit jaar heeft het college zijn pijlen gericht op de inrichting van het platteland. Want daar gaat van alles mis, zegt ook Berno Strootman, Rijksadviseur voor de fysieke leefomgeving.

Het evenwicht is zoek

Het landschap is van ons allemaal, benadrukt Strootman. Maar het zijn de boeren die het vormgeven. ’70 procent van ons land is boerenland. Dat stellen wij als maatschappij beschikbaar aan boeren om te beheren en voedsel op te produceren. Daarin zijn ze doorgeschoten. Het landschap is de afgelopen decennia opgeofferd om zo efficiënt en intensief mogelijk te produceren. Het evenwicht is zoek. We zijn een grens gepasseerd van wat nog gezond is voor ons en voor de landbouw zelf.’

Het moet anders, vinden de Rijksadviseurs. Dat zien de boeren zelf heus ook wel, meent Alkemade. ‘Ik ken geen boer die het land slechter wil achterlaten dan hij het aantrof. We moeten op zoek naar andere verdienmodellen voor boeren die niet ten koste gaan van het landschap.’

Die zoektocht naar alternatieven is de inzet van Brood & Spelen, een prijsvraag die het college heeft uitgeschreven voor grondeigenaren en ontwerpers om met nieuwe ideeën te komen. Er moet een omslag in denken plaatsvinden, aldus Strootman.

‘Het landschap is tot nu toe altijd het resultaat geweest van agrarisch gebruik. Dat zouden we moeten omdraaien. Ik vind dat wij als maatschappij randvoorwaarden moeten stellen aan de landbouw. Dat kan zaken omvatten als beeldkwaliteit, cultuurhistorie, biodiversiteit, zuivere lucht, schoon water en een gezonde bodem. Binnen die randvoorwaarden mag een boer dan voedsel produceren.’

Beeld Marcel van den Bergh.

Eindeloze maisakkers

Strootman vindt het ‘droevig’ om te zien hoe uitgekleed het landschap op veel plaatsen is, met zijn eindeloze maisakkers. ‘Per jaar gaat er via de Europese Unie 850 miljoen euro steun naar Nederlandse boeren. Dat is gemeenschapsgeld. Ik vind dat wij daar als maatschappij meer voor terug mogen verwachten.’

Onder de winnaars van de prijsvraag (die deze week bekend zijn gemaakt) zitten projecten die de band tussen boeren en burgers willen versterken, bijvoorbeeld door de vorming van nieuwe coöperaties. Ook zijn er voorstellen gedaan voor nieuwe teelten, de herintroductie van gemengde bedrijven of landbouw in combinatie met voedselbossen.

Het is misschien niet allemaal even revolutionair, beaamt Alkemade. ‘Maar waar het om gaat is dat we een andere manier van denken willen oproepen. Je kunt wel zeggen dat een boer met een paar duizend varkens of honderd koeien nu toch ook zijn geld verdient.’

‘Maar als je alle kosten door zou rekenen, zoals de achteruitgang van het landschap en het verlies aan biodiversiteit, dan komt het verdienmodel van de intensieve veehouderij ineens heel anders te liggen. Dan ga je niet uit van een louter economisch model, maar bereken je de werkelijke kosten. Daarvoor is een omwenteling nodig. Daar willen wij naartoe.’

Beeld Marcel van den Bergh.

Export

Nederlandse boeren produceren voor een groot deel voor de export. Eenvijfde van de Nederlandse uitvoer bestaat uit landbouwproducten. De vraag is of dat zo moet blijven, zegt Strootman.

‘Het is natuurlijk idioot dat wij toestaan dat ons land wordt uitgeput om melkpoeder te maken voor China. Onze boeren produceren voor de wereldmarkt, terwijl wij een groot deel van ons voedsel van elders halen. Dat zou je op een andere manier moeten organiseren. Je moet boeren veel meer koppelen aan de lokale bevolking en je afvragen: wat hebben wij nou nodig als land? Dan sla je veel vliegen in één klap. Dan kun je zowel de landschapskwaliteit verbeteren als de boeren een beter inkomen geven.’

Gemakkelijk zal het niet gaan, erkent Alkemade. ‘Boeren zitten in een fuik. Maar als je met ze praat, hoor je dat ze zelf ook een diep gekoesterd verlangen hebben om het anders te doen. Daar kun je ze op aanspreken. Daarom ben ik ervan overtuigd dat als wij goede ideeën hebben, die laten zien hoe het anders kan, we een omslag kunnen bewerkstelligen.’

Wat Strootman betreft is het tijd voor een ‘New Deal’ tussen boeren en maatschappij. ‘Als we voorwaarden stellen aan boeren moet daar iets tegenover staan. Boter bij de vis, zou ik zeggen.’

‘De inkomenssteun die boeren krijgen, gaat nu vooral op aan lagere prijzen in de supermarkt. Wat mij betreft gaat dat geld voortaan alleen nog naar boeren die maatschappelijke meerwaarde leveren. Het geld dat wij als belastingbetalers aan boeren geven, daar wil je wat voor terugzien. En het is nog beter voor de boeren zelf ook.’

Al ruim een jaar lang loopt journalist Caspar Janssen gestaag door Nederland, om zo veranderingen in het landschap te observeren én op te schrijven. En dat deed hij onlangs met lezers. Bekijk de video hieronder.

Brood & Spelen: de winnende voorstellen

1. Maak lokale consumenten mede-eigenaar

Maak consumenten mede-eigenaar van de boerderij waarvan ze hun voedsel betrekken. Dat is een van de uitgangspunten achter het voorstel van een boerencoöperatie in Boxtel. De gedachte is dat als consumenten zelf mee praten, boeren datgene kunnen produceren waar daadwerkelijk behoefte aan is.

Boxtel ligt in de stedendriehoek Den Bosch-Tilburg-Eindhoven waar 800 duizend mensen wonen. De inrichting van het Brabantse boerenland werd oorspronkelijk vooral vorm gegeven door kleine gemengde bedrijven. Na de oorlog is dat door schaalvergroting en ruilverkaveling drastisch veranderd. Nu wordt het beeld bepaald door megastallen en kassen die vooral voor de export produceren.

Op die manier gaat het kleinschalige Brabantse landschap verloren, stellen de initiatiefnemers van dit plan. Ze willen die ontwikkeling tegengaan door gemengde bedrijven terug te brengen die vooral voedsel produceren voor de directe omgeving. Op die boerderijen moeten oude landschapsstructuren weer in ere worden hersteld, zoals houtwallen, bomenlanen en slootjes. Via zogenaamde ‘food-hubs’ worden consumenten van voedsel voorzien.

2. Natuurinclusieve streekboerderij Slabroek

Een streekboerderij, gebaseerd op de principes van de permacultuur: een vorm van landbouw waarbij de oogst komt van vaste planten, in plaats van eenjarige gewassen. Dat willen de indieners van dit plan beginnen in Slabroek, een dorp tussen Oss en Uden. Kunstmest en bestrijdingsmiddelen komen daar niet aan te pas.

Rond het erf van de boerderij worden drie soorten landschap aangelegd: een boomgaard met noten- en fruitbomen waaronder koeien grazen, een veld met bessenstruiken en rondscharrelende kippen, en een bomengalerij van noten- en fruitbomen met daartussenin graanakkers of graslanden. Op het erf worden kaas en andere zuivelproducten gemaakt.

Inkoop en afzet van de boerderij blijven binnen een straal van 25 kilometer rond Slabroek. Daarvoor moet een netwerk van vrijwilligers, streekbewoners, leveranciers en afnemers worden opgebouwd. Het plan wordt ondersteund door een fonds voor natuurinclusieve streekboerderijen. Met dit fonds moeten op meer plekken in Nederland soortgelijke streekboerderijen worden gefinancierd.

3. Twentse eikels

Waarom zouden we geen eikels gaan eten?, vraagt een groep Twentenaren zich af. Eikenmeel bevat evenveel energie als tarwemeel. Een hectare tarwe brengt weliswaar meer op dan een hectare eikenbomen, maar voor tarwe zijn mest en bestrijdingsmiddelen nodig. Eiken kunnen zonder.

Eikenmeel bevat bitter looizuur, maar dat kan er met water uit gehaald worden. Van het meel kunnen brood, pannenkoeken en pasta worden gemaakt. Volgens de bedenker van dit plan zijn er wereldwijd eeuwenlang volkeren geweest die eikels in hun voedselpakket hadden.

Het idee is om op het Woldhoes, een vijf hectare groot gebied bij Weerselo, eikenbomen aan te planten voor consumptie. Het Woldhoes moet een ontmoetingsplek worden voor iedereen die zich bezighoudt met het ontwikkelen van eikelproducten, zoals koks en levensmiddelentechnologen. Melkveehouders kunnen zich hierbij aansluiten door eikenbomen te planten langs hun weiden.

4. Sterboeren

In de restaurantwereld zijn Michelinsterren een begrip. Waarom zouden we die ook niet voor boeren kunnen invoeren?, stellen de bedenkers van dit Gelderse plan. Veel boeren zoeken naar andere manieren van bedrijfsvoering, meer in overeenstemming met het landschap en de natuur. De toekenning van sterren zou ze een zetje in de rug kunnen geven.

De gedachte is dat boeren punten kunnen verdienen met activiteiten die goed zijn voor natuur en milieu. Zoals houtwallen aanleggen, ruimte bieden voor waterberging, bloemrijke graslanden inzaaien, kringlopen sluiten, of producten lokaal afzetten. Die punten geven recht op zogenaamde ‘landschapssterren’. Boeren met twee sterren of meer mogen zich sterboer noemen.

https://prijsvraagbroodenspelen.nl/

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.