Ons kent Oster

Er was geen tentoonstelling, receptie, nazit of ander ons-kent-ons-partijtje of diva Oster was erbij. Geldings-drang, ze heeft het nog steeds en schreef er een boek over.

Zeventig wordt ze binnenkort. Je zou het haar absoluut niet geven, maar persoonlijk is Annemarie Oster daar niet zo zeker van. Lezers van haar wekelijkse ontboezemingen in de Volkskrant kennen wat dat betreft het klappen van de zweep. Haar preoccupatie met de voortschrijdende ouderdom. Met haar uiterlijk. Met de blikken van mannen en vrouwen die tegenwoordig, naar haar stellige overtuiging, meteen van haar wegglijden wanneer ze zich buitenshuis begeeft.


In Mooi geweest rijgt Annemarie Oster de ene ironische verzuchting erover aan de andere. Zo kijkt ze


's ochtends in de spiegel regelmatig tegen een 'oude kerel' aan. Voelt ze mee met lotgenotes met 'Juliaantjes' (verslapte binnenbovenarmen). En moet er van tijd tot tijd met een haarstukje worden gefoefeld om toch nog enigszins met een vol kapsel voor de dag te komen: 'Wat is erger dan een kale man? Een kale vrouw. Groter schrikbeeld bestaat bijna niet.'


En ja, ze meent het. Er mag (en kán) weliswaar volop gelachen worden als La Oster zichzelf in haar stukjes, als seniorista tegen wil en dank, weer eens de maat neemt. Maar de paniek over haar tanende schoonheid, het lichamelijk verval, is wel degelijk echt. Die fnuikende onzekerheid begon al op jonge leeftijd.


Lijdt de schrijfster mogelijk aan body dysmorphic disorder, ofwel BDD - de dwangmatige strijd die sommige vrouwen en mannen voeren tegen hun vermeende fysieke tekortkomingen? Oster heeft de aflevering van Je zal het maar zijn die BNN er kortgeleden aan wijdde, gezien en er wel iets in herkend:


'Je een lelijk eendje voelen en dus alles in het werk stellen om je tot een zo mooi mogelijke zwaan te ontpoppen. Hoe ik er zelf als meisje uitzag, hield geen gelijke tred met mijn ideaalbeeld. Ik wilde toch wel erg op een filmster lijken en vond dat ik daarin terdege tekortschoot. Ik vond niets vervelender dan dat me werd verteld dat ik best een 'leuke toet' had. Een belachelijke eigenschap was dat.'


Wás?

'Ik heb het misschien nog wel een beetje. Maar dat vind ik nogal beschamend. Er zijn veel oudere vrouwen die onterecht onder hun uiterlijk verval lijden. Je moet iets anders aan je hoofd hebben, bijvoorbeeld een goed boek lezen. Iets constructiefs doen in plaats van met jezelf bezig te zijn.'


Waarom is en blijft dat uiterlijk dan toch zo belangrijk voor je?

'Het zal een vorm van compensatie zijn. Ik had een rare jeugd, werd toch een beetje verwaarloosd. Mijn vader (acteur Guus Oster, red.) was een groot versierder. Die wilde ik klaarblijkelijk evenaren. In mijn puberteit liep ik de Leidsestraat vijf keer op en neer op hoge hakken, alleen maar om te zien of de mannen in de espressobar wel naar me keken. Ik stak mijn kop steeds maar weer reikhalzend boven het maaiveld. Mijn moeder (de actrice Ank van der Moer, red.) wilde me daarom op kostscholen in Zwitserland en Engeland plaatsen - ze bedoelde het goed.


Maar je werd wel verbannen.

'Ach, daarvóór was ik ondergebracht bij twee opeenvolgende pleeggezinnen. Dat was erger. Niet dat ik het destijds zo heb ondergaan, want het waren heel aardige mensen. Maar een kind wil nu eenmaal het liefst bij zijn ouders zijn, dus zat ik daar in Leusden en Amersfoort altijd naar Amsterdam te verlangen. Daar leidden mijn interessante ouders het bijzondere leven waarvan ik kennelijk geen deel mocht uitmaken aangezien ik nou eenmaal niet zo bijzonder was en flaporen had.


'Dat heeft me als kind toch wel gestoken. Daar zullen mijn verongelijktheid en mijn kop-boven-het-maaiveld-uitstekerij vandaan zijn gekomen. Maar laten we stoppen met al dat gepsychologiseer, het is allemaal zo evident als wat. En dit boek gaat natuurlijk niet alleen over uiterlijk.'


Klopt. Met veel zelfspot en de gepaste afstand van een grande dame beschrijft Oster in Mooi geweest ook wat ze op haar bijna-70ste allemaal aan kleine en grotere avonturen achter zich heeft liggen. Het brengt het gesprek op het wereldse, het wuft-mondaine, het frivole, het oh-la-la dat ze als 'vrouw van de wereld' in haar boeken en columns door de jaren heen met verve heeft uitgedragen. Er kon in de hoofdstad bij wijze van spreken geen tentoonstelling, toneelpremière, receptie, nazit of ander ons-kent-ons-partijtje worden georganiseerd, of diva Oster was erbij in die journalistieke feestvermomming.


Maar het misverstand dat zij, óók buiten functie, altijd iemand was van zien-en-gezien-worden, van l'amour en tralala mag hierdoor vooral niet worden gewekt. 'Dat is dus helemaal niet zo. Ik ben een groot gedeelte van mijn leven ongelukkig geweest. Heel veel alleen, als kind én als volwassene. Ik ben een tijdje in Zandvoort blijven wonen voor mijn zonen, toen ik al gescheiden was van mijn tweede man. Had ik een pied-à-terre in Amsterdam gekocht, omdat ik naast mijn moederschap de kost moest verdienen als Volkskrant-columniste en als toneelrecensente voor HP/De Tijd en avondenlang in het theater zat.


'Ik zie mezelf nog staan op die vluchtheuvel in de regen als ik mijn Fiat Panda aan de rand van de stad moest achterlaten omdat ik geen parkeervergunning bij dat pied-à-terre had. Ik heb het pandje ook weer moeten verkopen, omdat ik het niet langer kon betalen.


'Ik vind het knap van mezelf dat ik dat beeld van mij als 'vrouw van de wereld' heb kunnen scheppen, maar het stelt niks voor uiteraard. Ik heb me altijd vrij schaamteloos voorgedaan, maar het is spel. Ik ben eigenlijk heel verlegen. Mijn oudste zoon vindt het ook helemaal niks, dat vrouw-van-de-wereld-gedoe. Die tomeloze geldingsdrang. Dat er alsmaar willen zijn, omdat je anders niet opvalt. Ik zou moeten gaan strijken en me meer met de kleinkinderen moeten bezighouden.'


Heeft het feminisme van de jaren zeventig jou nog aangeraakt?

'Nee, daar was ik veel te koket voor en te veel op mannen gericht. Ik hing ook wel een beetje een domme blondine uit. Ik verbeeldde me dat ik links was, en in mijn kringetje betekende dit dat linkse jongens ervan uit gingen dat ze je zonder veel plichtplegingen mee het bed in konden sleuren. Dat deed je dan, je moest een flinke meid zijn. Daarover staat ook een verhaal in Mooi geweest. Ik was een piepmuis, een angstig kind, maar niemand mocht dat merken. Ik wilde mijn partijtje meeblazen.'


Heb je veel minnaars gehad?

'Ik heb ze nooit geteld. Ik vind het ook een lichtelijk genant onderwerp moet ik zeggen.'


Toch wek je in boeken en columns wel de indruk dat je in dit opzicht een rijkgevuld leven hebt gehad. Jij wil niet, à la Jeroen Pauw, zeggen dat het er tweehonderd zijn geweest?

'Tweehonderd gaat wat ver, geloof ik. Ik heb twee huwelijken achter de rug en verder wat verhoudingen. In mijn adolescentie waren dat voornamelijk affaires met getrouwde mannen. Niet in de bedoeling om ze van hun echtgenotes af te pikken, als wel het omgekeerde: hoefde ik zelf niet met ze door te gaan. Ik durf het woord 'bindingsangst' niet uit te spreken, want dat ligt zo voor de hand.'


Zit je imago je nu nog weleens tegen?

'Mensen die me kennen, weten dat ik echt niet die 'vrouw van de wereld' ben. Aan de andere kant hoor ik ook wel van vriendinnen dat mannen een beetje bang voor me zijn omdat ik eruit zou zien als een onbereikbaar type. Het komt mogelijk door mijn gezicht, die kaaklijn. Die geeft me iets strengs, iets ongenaakbaars. Nou, niets is minder waar. Als iemand me een complimentje maakt, zit ik al te stralen. Ik maak ze zelf ook veel, om mensen te ontwapenen.'


Laat je in je columns ook steeds meer van je ware zelf zien?

'Renate Rubinstein is nog steeds mijn grote voorbeeld, omdat ze zo waarachtig was in haar columns. Dat streef ik ook na. Mijn Volkskrant-stukje van afgelopen donderdag (11-10, red.) ging over depressie, dat vond ik al ver gaan. Ik heb af en toe flink last van vervelende gevoelens. Vroeger bleef ik dan nog weleens in bed liggen, maar dat sta ik mezelf niet meer toe. Zonde van de tijd. Het is toch het verhaal van dat kluwentje wol dat steeds sneller afrolt. Ik ga zo nu en dan nog wel naar mijn oude psychiater, maar ik kan intussen wel leven met degene die ik ben.'


Valt er beroepshalve nog veel te wensen?

'Ik zou het liefst fictie schrijven. Ik heb ooit een bundel met vier verhalen geschreven, maar die heeft niet veel gedaan. Een eigen toneelstuk schrijven en regisseren is een van mijn ambities, al is het maar een eenakter. Want? Omdat ik er zo veel verstand van heb, en dat zeg ik zonder me op de borst te slaan. Ik kan niet toneelspelen, want daarvoor ben ik erfelijk te veel belast, ik weet te goed hoe het moet en niet moet, maar een theaterstuk schrijven moet ik toch wel kunnen.


'Punt is wel dat ik het uit angst maar voor me blijf uitschuiven. Er moet een nóódzaak zijn voor een toneelstuk hè, een premisse zoals dat heet. 'Liefde is sterker dan de dood' - haha, ik noem maar iets. Ik ben me nu maar aan het bekwamen in het schrijven van een kolderieke eenakter, iets voor De Parade of zo. Best leuk. Ik ben op de helft. Maar of ik ermee doorga? Als je Coetzee leest, of Philip Roth, of Ian McEwan dan kun je wel inpakken. Maar tegelijkertijd ben ik ook blij dat mijn columns gelezen en leuk gevonden worden, hoor.'


Heb je een idee van wie je lezers zijn?

'Vrouwen van middelbare leeftijd en ouder, voornamelijk. Maar ook jongere vrouwen. En nichten. Er is nog nooit zo gelachen als die keer dat ik thuis bij twee nichtenvrienden een voorleesmiddag gaf. Vrouwen begrijpen mijn hang-up's, nichten zien de humor in de ergernissen die ik in mijn stukjes de vrije loop laat. Ik heb me, net als mijn vader, veel geërgerd in mijn leven en kan er in columns goed mee uit de voeten. Mijn vader zou ze met plezier hebben gelezen.'


Je ergert je in Mooi geweest aan Freek en Hella de Jonge, die bij crematies en begrafenissen van beroemde landgenoten altijd vooraan blijken te zitten.

'Het viel me gewoon op. Freek is een van onze grootste komieken, ik heb professioneel een ongelooflijk hoge pet van hem op. Maar ik vind hem ook wel irritant, zoals-ie zich manifesteert buiten het podium. Ik herinner me dat hij een soort conférence deed op de uitvaart van Ramses Shaffy, waarbij ik me afvroeg hoe goed hij Ramses eigenlijk had gekend.'


Je belangrijkste ergernis is gereserveerd voor leeftijdgenotes die capituleren voor de ouderdom.

'Kijk eens, het is onvermijdelijk dat je je moet conformeren aan de ouderdom. Je moet je daar niet tegen willen verzetten door vast te willen houden aan een jonge vrouwen uiterlijk. Maar het tegenovergestelde is ook afschuwelijk: vrouwen die zichzelf nadrukkelijk profileren en gaan kleden als 'mal oud mens'. Zo'n Nelleke van der Krogt, die dan ineens een grote bril en een lange, grijze vlecht draagt. Lidewij Edelkoort idem dito. Dat zijn geen mensen meer, dat zijn types! Of oudere actrices die over zichzelf met een nasale stem en in de derde persoon gaan praten als: 'Nou, dan krijgt moederrrrs iets over zich...'. Vreselijk!


'Nee, dan Hedy d'Ancona of Cisca Dresselhuys: die kleden en gedragen zich niet als oude vrouwen, maar zijn gewoon stijlvol en elegant, zichzélf gebleven. Zo wil ik het zelf ook. Ik snap dat Golda Meir, Marguerite Yourcenar en Annie M.G. Schmidt zich niet hoefden op te maken om tóch wel gewaardeerd te worden, maar laat het bij mij maar én-én zijn.'


Daar ben je als enigszins oudere, mooie vrouw dan goed in geslaagd.

'Vind jij dat? Dank je wel.'


Extra: De Herfst van de Liefde

Als ook de liefde jaargetijden kent, dan is de herfst het seizoen waarin het eropaan komt. Want hoe houd je het samen leuk, spannend en duurzaam ná de verliefdheid? Is tantraseks dan echt de oplossing? En: wat koop je nog op de relatiemarkt als je zelf geen groen blaadje meer bent?


Zondag 28 oktober om 15.00 uur in Hotel Arena in Amsterdam: De Herfst van de Liefde, de derde Volkskrant- talkshow over liefde en relaties anno 2012. Annemarie Oster is tafelgaste en leest voor uit Mooi geweest. Andere gasten die middag o.a.: Aaf Brandt Corstius, Hans Aarsman, Kees Moeliker, Siemon de Jong (De taarten van Abel) en Saskia Noort. Presentatie: Hanneke Groenteman en Wim de Jong. Kaarten à 12,50 en 15 euro zijn verkrijgbaar via: devolkskrant.nl/zomervandeliefde


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden