Onrustbarende toevalligheden

De nieuwe verhalenbundel van Nadine Gordimer - tien verhalen, en wat voor verhalen - opent met een uiterst bondig geformuleerde geschiedenis....

De mensen van de kust storten zich erop. Begerig slaan ze aan het jutten. Dan komt de vloedgolf terug. Alleen de invaliden, de verlegenen en bescheidenen, zij die thuisbleven en vanuit hoge positie het tafereel hebben gadegeslagen, overleven de ramp. 'De schrijver', zegt Gordimer halverwege het verslag, 'weet iets dat niemand anders weet; de zeewisseling van de verbeelding.'

Dat is, mede door het vreemde, nieuw geconstrueerde woord, een wonderlijke en intrigerende bewering, zoals dat incident iets wonderbaarlijks heeft, iets buitengewoons.

'Loot', heet het verhaal, dat is 'buit' en 'roof' ineen, en zo heet ook de bundel. De daad en het gewin, ze zijn hier de kernachtige samenvatting van wat de schrijfster aan het doen is en zo wekt de titel zowel triomfantelijke als verontschuldigende indrukken.

Zij is nu bijna 80, Nadine Gordimer, gelauwerd en erkend over de hele wereld, een autoriteit, niet alleen onder liefhebbers der schone letteren: bekroond met de Nobelprijs voor de Literatuur, ingeschakeld door de Verenigde Naties. En ze schrijft met de koortsachtigheid van iemand die zichzelf nog helemaal bewijzen moet. Twee romans, de afgelopen vijf jaar, een essaybundel - en nu dus deze verhalen. Ondertussen bereist ze nog altijd de gehele wereld, neemt deel aan conferenties, adviseert, leest voor.

Maar dat is niet het voornaamste dat ontzag voor haar afdwingt. Het grootste respect brengt 'de zeewisseling' van de verbeelding teweeg. Keer op keer construeert zij, ook in deze verhalen, een situatie, waarin een ingewikkelde morele kwestie bijna naar een conclusie wordt toegeschreven. De zaak waar het over gaat, is complex, het aangedragen materiaal overweldigend - maar er volgt geen slotsom. De toon is dwingend, maar de dwang treft de lezer: de schrijfster onttrekt zich op het allerlaatste moment aan de verplichting de lezer de hand te reiken. Het effect daarvan is een soort antimoralistisch moralisme: er moet wel een oordeel volgen, maar de ruimte voor dat oordeel is ineens beangstigend groot.

In het tweede verhaal bijvoorbeeld, 'Mission Statement', het langste uit de bundel, volgen we een vrouw van middelbare leeftijd, die voor een internationale organisatie in een Afrikaans land gaat werken. Alles blijft ongespecificeerd: de organisatie, het land, zelfs de vrouw, ze kunnen overal, alles en iedereen zijn. Alleen daardoor al wordt de indruk bevestigd met een verhaal als een parabel van doen te hebben, vul maar in, lezer, doe je best maar.

De vrouw heeft nauwelijks een geschiedenis. Brits, gescheiden en kinderloos, dat is alles wat we van haar weten. In dat Afrikaanse land krijgt ze, spijts alle regels die haar werkgever oplegt inzake de omgangsvormen met de lokale bevolking, een verhouding met een hoge ambtenaar. Een rustige verhouding, dat wel; beiden beseffen het tijdelijke karakter van hun amourette, beiden weten wat ze van elkaar mogen verwachten. Vriendelijke liefde, gedisciplineerde passie.

En dan ineens speelt een onopgelost, schuldig verleden op. De grootvader van de vrouw heeft indertijd een mijn in het Afrikaanse land bezeten en die mijn echoot in haar verste herinnering na in de formulering van een wrede anekdote. Zij moet die als kind hebben gehoord. Een werknemer werd iedere maandag op pad gestuurd om, vijftig mijl verderop, een krat whisky te kopen, bestemd voor het feestje in het weekeinde. Iedere vrijdag was hij weer terug, de krat op zijn hoofd. Taai, een kop als van hout, had haar grootvader gezegd. Die herinnering dreigt de verhoudingen alsnog te verstoren.

Maar niet alleen de herinnering, ook het verlangen. De hoge ambtenaar vraagt haar ten huwelijk, juist als de vrouw instructie krijgt af te reizen naar een ander ontwikkelingsproject, in een ander land. Hij is echter al gehuwd, met een meisje van zijn dorp, de moeder van zijn kinderen. Dat hoeft in het Afrikaanse land niet per se een beletsel te vormen. Langzaam zwemmen we de fuik van de moraal in, schuld en boete, verlangen en hindernis, oordeel en mildheid, elkaar aflossend als de getijden van de zee, ze liggen onoplosbaar voor ons.

Dat laatste doet zij telkens, Gordimer, laten zien hoe het verleden echo's produceert in het heden, niet in een dwingende, causale formule, maar als een onrustbarende en overrompelende toevalligheid. Ineens is het er en zijn wij, haar personages, een stuk minder vrij dan we met al onze onafhankelijkheidszin, ons goede verstand, onze mooie loopbaan, onze modieuze en obscene vergeetachtigheid, hadden gemeend. Lucie, in het verhaal dat haar naam draagt, gaat met haar vader, net weduwnaar geworden, vanuit Zuid-Afrika naar diens geboortedorp in Italië. Daar bezoeken zij het graf van haar overgrootmoeder, die zij nooit gekend heeft en van wie zelfs haar vader, die immers op jeugdige leeftijd is vertrokken, vrijwel niets weet. Oog in oog met een vervallen zerk is zelfs de geschiedenis van die Lucie zo nabij, dat je haar invloed op de huidige Lucie niet kunt ontkennen.

En opnieuw klapt het perspectief van het verhaal ineens om. Er hangt een lijkenlucht op het kerkhof - als van een vergiftigde rat, ergens onvindbaar in het huis, een opgezwollen kadaver van een hond langs de snelweg. In een van de muurgraven ligt een dode jongeman, verleden week omgekomen bij een verkeersongeluk. De zee geeft en de zee neemt. De dode overgrootmoeder heeft meer dan een naam gemeen met haar achterkleinkind.

De verhalen in Loot zijn bijna haastig opgeschreven. Er wordt, anders dan in Gordimers romans, niets in uitgelegd of verklaard of geduid; ze boekstaven slechts. Het is alsof Gordimer in gevecht is met de tijd die haar nog rest: zoveel te vertellen, zoveel te vergaren nog, terwijl de vloedgolf elk moment kan terugkeren.

En ook dat is een grond voor oeverloze bewondering.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden