Online hulp: van liefde tot suïcide

LEIDEN In een krap kantoortje in de Leidse binnenstad schuiven hulpverleensters Jacqueline, Hayat en Stephanie van Hulpmix stipt om vier uur achter hun pc - thee en speculaas op tafel. De eerste gesprekken ploppen direct hun scherm in. 'En ik maar wachten tot het eindelijk vier uur is', zegt een van de chatters.

Elke werkdag wordt er aan het eind van de middag gechat op Hulpmix.nl. Op vijf locaties in Nederland zitten medewerkers van Bureau Jeugdzorg en de GGZ klaar om jongeren tot en met 20 jaar advies te geven. De vragen kunnen over van alles gaan, van een onbeantwoorde liefde tot een verkrachting. 'De laatste tijd wordt de problematiek zwaarder', zegt Stephanie Kernizan. 'We krijgen veel vragen van jongeren met suïcidale gedachten, depressies en slachtoffers van huiselijk geweld.'


Dit keer heeft ze een gesprek over een wat alledaagser probleem: Sofie is 15 en durft bijna niet te praten in het gezelschap van vreemden. Ze typt: 'ik ben wel onzeker... ik weet van mezelf da ik nie dik ben maar ook nie graatmager en dat ik nie lelijk ben maar ook nie suppermooi, en toch ben ik onzeker.' Kernizan raadt haar aan de volgende keer eens te proberen met één iemand een praatje aan te knopen in een vreemd gezelschap, in plaats van zich direct in een groepsgesprek te mengen.


Hulpmix.nl is een van de vele websites waar jongeren terechtkunnen om te chatten over hun problemen. Gripopjedip.nl, Kindertelefoon.nl, Klikvoorhulp.nl, Shit.nl en sinds kort Drugsinfo.nl - het is maar een kleine greep uit het aanbod van meer dan honderd sites. Hulpmix.nl onderscheidt zich door zich specifiek te richten op jongeren met een gemengde culturele achtergrond en het werkt samen met Marokko.nl en Hababam.nl (een Turkse jongerensite). 72 procent van de chatters heeft een tweede nationaliteit.


'Juist die groep is gebaat bij anonieme hulpverlening', zegt Frank Schalken van stichting E-Hulp.nl, die Hulpmix.nl ontwikkelde. 'Vooral in de moslimcultuur heerst een taboe op het vragen van hulp.'


Omdat ze anoniem zijn, durven hulpvragers zich meer bloot te geven dan in een gesprek onder vier ogen, stelt Schalken. Er zijn meer voordelen: patiënten kunnen de verkregen informatie teruglezen. Er is aan beide kanten even tijd om na te denken. 'Hulpverleners kunnen dus ook even snel met collega's overleggen als ze ergens niet zeker van zijn.' En: online hulp is een stuk goedkoper dan reguliere zorg.


Breed georiënteerde websites als Hulpmix.nl zijn er vooral ter preventie. Maar in de geestelijke gezondheidszorg wordt ook in toenemende mate gericht behandeld via internet, waarbij patiënten opdrachten krijgen en psychologen feedback geven.


Pim Cuijpers doet aan de Vrije Universiteit (VU) in Amsterdam onderzoek naar de effectiviteit van online behandelprogramma's. 'Met name depressies en bepaalde angststoornissen blijken zeer effectief verholpen te kunnen worden met online hulp.' Uit een studie van Cuijpers en collega's die in december wordt gepubliceerd, blijkt dat er voor dergelijke psychische problemen geen verschil is in effectiviteit tussen reguliere gesprekstherapie en online therapie. Maar, zo benadrukt Cuijpers, dat geldt alleen als de patiënt zelf achter de gekozen behandelvorm staat. 'Er moet altijd een keuze zijn.'


De online behandelprogramma's zijn bijna nooit anoniem en worden in de meeste gevallen wel vergoed door de verzekeraar. Dat geldt niet voor anonieme sites als Hulpmix.nl, waarvan niet duidelijk is wie er precies een beroep op doen. Cuijpers: 'Je kunt de effectiviteit daardoor ook nauwelijks meten.'


Dat maakt dat de financiering vaak afhankelijk is van tijdelijke fondsen en subsidies. Regionale zorginstellingen mogen van gemeenten en provincies hun geld vaak niet gebruiken voor hulpsites - die bedienen het hele land. Frank Schalken: 'Eigenlijk zou er vanuit de landelijke overheid een potje moeten komen waaruit een aantal websites kan worden betaald. Ik ben ervan overtuigd dat dat op termijn kostenbesparend werkt, omdat mensen in een vroeg stadium met hun problemen aan de slag gaan.'


Maar niet iedereen is geschikt voor online hulp. Hulpvragers moeten hun problemen goed kunnen verwoorden. Onderzoeker Wouter van Ballegooijen van de VU: 'Voor lageropgeleiden of allochtonen die de taal niet goed beheersen, is online hulp daarom soms minder geschikt.'


Ook de hulpverleners zelf moeten zich goed weten uit te drukken. Om misverstanden te voorkomen, probeert Hulpmix-medewerkster Hayat Jouaoui in de chatgesprekken telkens samen te vatten wat de ander bedoelt: 'Je zegt dus eigenlijk dat¿?' Jouaoui: 'Je hebt geen lichaamstaal waar je op af kunt gaan. Gelukkig gebruiken jongeren wel vaak smileys om hun emoties te verduidelijken.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden