ONKUNDE EN EMOTIES

HET IS al weer een tijdje geleden dat minister Borst opriep tot een maatschappelijk debat. Onder regie van het Rathenau-instituut moest de Nederlandse bevolking plotseling gaan discussiëren over diverse aspecten van een doorbraak in de biotechnologie, namelijk het kloneren (in de volksmond ook wel klonen genoemd)....

Dit was natuurlijk een nogal vreemd initiatief. Nederlanders hebben de overheid niet nodig om over belangrijke maatschappelijke ontwikkelingen van gedachten te wisselen. In heel wat media waren dan ook al uitvoerig de mogelijkheden en problemen van het creëren van klonen belicht. De modale Nederlander deed bij deze debatten wellicht geen duit in het zakje, maar het lijkt onwaarschijnlijk dat het Rathenau-instituut met zijn bijeenkomsten de man in de straat wel bereikt.

Overigens is het ook maar de vraag of beleidsmakers op dit vlak zo'n waarde moeten hechten aan de opvattingen van leken. Met betrekking tot kloneren hebben de meeste mensen wel een mening (en zeker gevoelens), maar op de vraag wat een kloon nu precies is, krijg je in de regel hemeltergend domme antwoorden.

Wat vormt dan nu ineens de reden voor een gang onder het volk? Hebben wij geen representatieve democratie, waarin volksvertegenwoordigers, mede op grond van adviezen van allerlei deskundige commissies, besluiten nemen? Waarom geen brede maatschappelijke discussie over het financieringstekort of de kwaliteit van het onderwijs?

Echt veel lijken de beleidsmakers zich ook niet gelegen te laten liggen aan het maatschappelijk debat. Ongeveer in dezelfde tijd dat Borst liet weten zo'n brede discussie op prijs te stellen, stemde de Nederlandse regering in met een Europees verbod op het kloneren van mensen (een techniek die vooralsnog slechts in theorie tot de mogelijkheden behoort). En minister Van Aartsen heeft het Leidse bedrijf Pharming reeds verboden runderen te kloneren.

Na de presentatie van de Schotse zoogdieren Dolly (een gekloneerd schaap) en Polly (een gekloneerd schaap met een menselijk gen) is zo'n verbod allerminst academisch. Biotechnologische bedrijven, zoals Pharming, lijden door de overheidsregulering flinke schade en zoeken hun heil in het liberalere buitenland.

De tegenstelling tussen ondernemers (en wetenschappers) enerzijds en vertegenwoordigers van de dierenbeweging anderzijds wordt meestal goed zichtbaar tijdens discussiebijeenkomsten over kloneren, zoals vorige week van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen op de Amsterdamse walletjes. Centraal in de discussie staan dan de grenzen van de maakbaarheid van het dier.

Sinds Peter Singer in 1975 zijn Animal liberation publiceerde, is de aandacht gegroeid voor het onnodige leed dat wij dieren berokkenen. Tegenwoordig spreken sommigen al over dierenrechten. Iedere politicus zal inmiddels beamen dat dieren 'intrinsieke waarde' hebben en 'een object van morele zorg' zijn.

Maar wat de implicaties van deze morele zorg zijn, is allesbehalve duidelijk. Niet alleen de machthebbers in Orwells Animal Farm valt het moeilijk alle dieren als gelijken te beschouwen. Mensen die zonder wroeging een mug doodslaan, kunnen zich erg druk maken om het lot van zeehondjes. Met apen voelen wij meer affiniteit dan met kakkerlakken. Blijkbaar verschilt de intrinsieke waarde van de diverse diersoorten in menselijke ogen nogal.

Volgens de Nederlandse dierenbescherming is kloneren zeker in strijd met deze mysterieuze 'intrinsieke waarde'. Dieren zouden door een dergelijke ingreep in de natuur worden beschouwd als productiefactoren die naar de wens van mensen kunnen worden aangepast en vermenigvuldigd.

Nu grijpt de mens continu in de natuur in om de kwaliteit van het menselijk en dierlijk leven te vergroten. Sterker nog: afgezien van een klein groepje vegetariërs zien mensen er geen been in om dieren te doden voor voedsel en kleding. Waarom zou men wel een koe mogen slachten ten behoeve van een lekker diner, maar niet een koe mogen kopiëren?

Dat kopiëren kan bovendien profijt afwerpen. Zo bevat de melk van het gekloneerde schaap Polly eiwitten die gebruikt kunnen worden bij de bestrijding van hemofilie. Daarom ook betoogde de Nederlandse Vereniging van Hemofiliepatiënten op de hoorzitting van het Rathenau-instituut dat op termijn de productie van eiwitten in de melk van transgene dieren een oplossing kan bieden voor de behandeling van ziekten die momenteel niet, moeilijk of slechts tegen hoge maatschappelijke kosten te behandelen zijn.

In een van zijn aardige columns in Intermediair heeft Ronald Plasterk opgemerkt dat je in Nederland wel varkensharten aan je hond mag voeren, maar geen kopieën van dieren mag maken terwille van medicijnen. Het zou nuttig zijn als de dierenliefhebbers in dit land ons eens met zakelijke argumenten uitlegden hoe zo'n discrepantie te rechtvaardigen valt. Emoties vormen in ieder geval niet zo'n goede basis om kennis- en kapitaalintensieve, innoverende biotechnologische bedrijven het land uit te jagen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden