Ongezond verstand

Op Imagine, het filmfestival voor sciencefiction, horror en fantasy, is een compilatie te zien van de geschiftste professoren uit de filmgeschiedenis. Want deze excentriekelingen zien we veel liever dan hun keurige, traag voortwerkende collega's uit het echte leven.

Er waart een kannibalistische seriemoordenaar rond en alle sporen leiden naar het onderzoeksinstituut van professor Xavier. Een van Xaviers collega's moet de dader zijn, in de gekkeprofessor-film Doctor X (1932). Maar wie?

Is het neuroloog Haines, een man die ooit als schipbreukeling mensen schijnt te hebben gegeten? Hoogst opvallend dat er door zijn smoezelige laboratorium allerlei seksblaadjes slingeren.

Is het astronoom Rowitz, een éénogige griezel met een fascinatie voor gekmakend maanlicht? Let op de bloedspetters op zijn laboratoriumjas!

Of moet de politie vooral doktor Wells in de gaten houden - een sujet met een geschifte oogopslag, warrig haar, ongeschoren kin, kunsthand en een kloppend hart op zijn bureau? Ze zouden het eigenlijk allemaal kunnen zijn: iedere geleerde in Michael Curtiz' Dr. X doet gestoord volgens het boekje.

Ook als je niet meteen weet wie in Dr. X de dader is, herken je de goed bewaarde clichés van de gekke filmwetenschapper meteen. Al hebben de borrelende flesjes in diens lab plaatsgemaakt voor computers en beeldschermen vol onontcijferbare berekeningen, de krankzinnige filmgeleerde is sinds films als Doctor X, Metropolis (1927), Dr. Jekyll and Mr. Hyde (1931) en Frankenstein (1931) net zo'n iconisch, vastomlijnd horrorfiguur als de vampier of de weerwolf. Een extreem intelligent karakter dat vaak boosaardig is en meestal tragisch, doorgaans even menselijk als monsterlijk - en altijd gebrandmerkt door de allesverterende drift om onbreekbaar geachte barrières te slechten.

Wat is dan de eeuwigheidswaarde van de gestoorde wetenschapper? Hoe grotesk zulke lieden ook mogen zijn, volgens filmkenner Michael Helmerhorst zijn ze om te beginnen veel aantrekkelijker dan hun werkelijk bestaande collega's. 'De empirische wetenschap, waarbij de geleerde geduldig zijn gegevens verzamelt en het ene bouwsteentje secuur op het andere plaatst, heeft een traagheid die we graag vervangen zien door de onbesuisde experimenteerdrift van de fantasieprofessor.'

Helmerhorst, sidekick van Jan Doense en Jan Verheyen bij de laatste editie van de Nacht van de wansmaak, stelde speciaal voor Imagine een compilatie samen met de gekste wetenschappers uit de filmgeschiedenis: een dertig minuten durende loop die boven in de hal van EYE Filminstituut in Amsterdam draait, als hommage aan de talloze filmprofessoren die in naam der wetenschap (en amusementsindustrie) hun gezond verstand verloren. De ene geleerde vindt de oermens in zichzelf (Jekyll and Mr. Hyde, Altered States), de ander bouwt robotten (Metropolis). Hij knutselt een teleportatiemachine (The Fly), klooit met de dood (Frankenstein) of fabriceert een scharenman (Edward Scissorhands). En steeds weer hebben de heren geleerden dat rare uiterlijk en schalt hun maniakale lach door het schimmige, met prularia volgepropte lab.

Een waar rariteitenkabinet dus. Maar vergis je niet: ook zulke fictieve mannen van de wetenschap (gekke film-wetenschapsters zijn vooralsnog zeldzaam) verrichten pionierswerk. Ze confronteren ons met wetenschappelijke kwesties die in werkelijkheid taboe, onethisch of te angstaanjagend worden geacht, maar in een fictief jasje smakelijke kost opleveren. Helmerhorst: 'Gekkewetenschappers-films snijden onderwerpen als genetische manipulatie, kunstmatige intelligentie of de sinistere praktijken van medicijnmultinationals gemakkelijk aan, omdat je dan altijd nog kunt denken dat het maar film is. Op die manier worden we warm gemaakt voor things to come. We willen ook zien hoe ver die wetenschappers kunnen gaan. Gelukkig voor ons bekopen ze hun experimenten meestal met hun gezond verstand of de dood. Hun laboratorium wordt ook vrijwel altijd vernietigd, waarmee de orde zich vooralsnog herstelt en het goede overwint.'

Helmerhorst denkt dat het filmbeeld van de gestoorde wetenschapper erg is beïnvloed door Nikola Tesla (1856-1943), en dan vooral door het maffe imago dat deze Servisch-Amerikaanse uitvinder en natuurkundige aankleeft. 'De bolbliksems en elektrische vonken die Tesla in zijn laboratorium opwekte, zie je direct terug in Metropolis en James Whale's Frankenstein. Tesla was een genie, een visionair: hij verrichtte baanbrekend werk op het gebied van de transformator en röntgenstraling en bedacht al in 1894 de principes van de radio. Maar bij het grote publiek legde hij het door zijn ongebreidelde ideeën en werkwijze af tegen zijn als veel fatsoenlijker en geestelijk gezonder beschouwde rivaal Thomas Edison. Vlak na Tesla's dood vonden FBI-agenten blauwdrukken voor een uitvinding waarmee men hersengolven kon omvormen tot gedachteweergaven. En dat terwijl ze zochten naar Tesla's vermeende plannen voor een dodelijke straal.'

Andere deskundigen voeren de oorsprong van het gekke wetenschapper-personage terug tot de krankzinnige alchemisten uit de 14e eeuw, of tot geleerden als Paracelsus (1493-1541), die naar eigen zeggen een minimens had gekweekt uit sperma en paardenmest. Wat het uiterlijk van de gestoorde professor betreft, heeft volgens sommigen evenwel niets zo veel invloed gehad als Albert Einsteins wilde haardracht.

Dat pluizig witte warhoofd zie je bij hedendaagse gekke filmprofessoren niet meer zo snel terug. Uit clichémoeheid schetsen filmmakers liever een normaler, 'menselijker' beeld van de wetenschapper. Zie bijvoorbeeld het gekke professorenpaartje uit Vincenzo Natali's Splice (2009): ze mogen dan wel vol obsessieve gedrevenheid een eng wezen brouwen uit menselijk en dierlijk DNA, ze zien er hip uit en doen ook alledaags romantisch met elkaar.

Zulke 'gewone' gekke wetenschappers zijn de verdienste van speciaal aangestelde adviseurs, die de stereotype geleerde buiten boord moeten houden. David Kirby beschrijft in zijn boek Lab Coats in Hollywood (2011) hoe de adviseurs van het sf-spektakel The Day the Earth Stood Still (2008) ervoor waakten dat de wetenschapspersonages werden afgeschilderd 'als klembord dragende, in werkjas gestoken nerds'. De wetenschappelijke consulenten van de meteoren-rampenfilm Deep Impact (1998) beklaagden zich succesvol over een excentrieke astronoom die poedelnaakt door zijn observatorium rondrende. Een derde door Kirby opgevoerde adviseur spreekt zich goedkeurend uit over een script waarin het professor-personage vreemd gaat. 'Natuurlijk hebben wetenschappers óók affaires,' zegt de deskundige tevreden.

Michael Helmerhorst heeft zo zijn bedenkingen bij deze vermenselijking van de filmprofessor. 'Hoe minder gemakkelijk je de gekke wetenschapper herkent, hoe gevaarlijker hij wordt.'

----

Witte jassen

Imagine besteedt in 'Fantastic Science' aandacht aan onder meer de vervlechting van wetenschap en film. Op donderdag 10 april geeft de Amerikaanse auteur David Kirby onder de titel Lab Coats in Hollywood een lezing over de relatie tussen wetenschappers en de Amerikaanse filmindustrie. Kevin Grazier vertelt op dinsdag 15 april in The Science of Hollywood over de invloed van wetenschappers op de geloofwaardigheid van sf-films als Gravity. imaginefilmfestival.nl

Langste mensen op aarde

Gekke wetenschappers zijn op Imagine onder meer te zien in Terry Gilliams The Zero Theorem, waarin een computerhacker (Christoph Waltz) de zin van het leven probeert te ontdekken. In het programma Fantastic Science Shorts draaien ook twee kortfilms rond gekke wetenschappers: in Jana Minarikova's km² maakt een uitvinder juwelen van vuurpijlen, en in Mikhail Mestetskiy's nepdocumentaire Legs - Atavism sleutelt een Russische geleerde aan de langste mensen op aarde.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden