InterviewAntropoloog Tine Molendijk

Onderzoeker: we moeten meer begrip hebben voor ‘morele verwondingen’ bij ex-militairen

Universitair docent en antropoloog Tine Molendijk sprak veteranen over de ‘morele verwondingen’ die ze overhielden aan hun missies. Haar conclusie: we moeten meer begrip hebben voor die innerlijke strijd.

Een Chinook-helikopter met daarin het lichaam van de de 25-jarige Nederlandse militair Luc Janzen, die is omgekomen bij een aanslag met een bermbom in de Afghaanse provincie Uruzgan, stijgt op van Kamp Holland. Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant

Stel: je wordt als Nederlandse militair uitgezonden naar Afghanistan. Je bent goed getraind en weet ongeveer wat je kunt verwachten. Je voert je taken zo goed mogelijk uit, doorstaat een paar hachelijke vuurgevechten en komt tevreden thuis.

Dan begint het. Je krijgt nachtmerries. Niet over kogels of over je maatje die gewond raakte. Nee, je ziet steeds die ene vrouw met haar zieke kind. Ze vroeg om hulp, maar je kon niks doen.

Militairen die psychische problemen overhouden aan hun missie krijgen vaak het stempel posttraumatische stressstoornis (PTSS). Maar wat we ons onvoldoende realiseren, zegt antropoloog en universitair docent aan de militaire academie Tine Molendijk (32), is dat er ook nog zoiets is als een ‘morele verwonding’. Die ontstaat bij gebeurtenissen die sterk ingaan tegen de eigen morele overtuigingen. ‘Vaak zijn er kinderen bij betrokken. Militairen vinden het verschrikkelijk als ze niets kunnen doen.’

Molendijk voerde voor haar proefschrift urenlange gesprekken met veertig Nederlandse veteranen van uitzendingen in Bosnië en Afghanistan en bestudeerde nog eens veertig interviews die het Veteraneninstituut afnam. Dinsdag promoveert ze aan de Radboud Universiteit. ‘We moeten op een volwassener manier over oorlog nadenken en over wat oorlog met militairen doet.’

Wat is het verschil tussen PTSS en een ‘morele verwonding’?

‘Een belangrijk verschil is dat bij PTSS de impact van een oorlog als een psychiatrische stoornis wordt gezien. PTSS is een medische term geworden, een begrip voor zaken die tussen je oren zitten en behandeld moeten worden met therapie. Vaak wordt een verband gelegd met gebeurtenissen van levensdreiging en emoties van angst. En als het al om andere gevoelens gaat, bijvoorbeeld schuld of schaamte, worden ze vaak gezien als misplaatste emoties. Bij een morele verwonding staan gevoelens van schuld, schaamte en boosheid juist centraal. En daarbij ook dat die emoties weleens op hun plaats kunnen zijn. Die mensen zijn er niet bij gebaat als iemand zegt: joh, je kon er niks aan doen. Hun schuldgevoel moet juist heel serieus genomen worden.’

Wordt het etiket PTSS verkeerd gebruikt?

‘Zo zou ik het niet noemen. Maar veel mensen die nu worden gediagnosticeerd met PTSS zullen in de toekomst misschien wel de diagnose morele verwonding krijgen.’

De term PTSS is bij defensie nog steeds beladen. Er wordt een verband gelegd met zwakte.

‘Ja, ik zie ook dat militairen zich daar nog steeds voor schamen. Het is niet voor niets dat de mensen die deze term introduceerden voor het woord verwonding hebben gekozen in plaats van stoornis. Ik merk dat het militairen aanspreekt. Je kan een fysieke verwonding hebben, een mentale verwonding en ook een morele verwonding. Het gaat er niet meer over dat je gek bent, maar dat je een opdonder van de oorlog hebt gekregen.’

Hoe reageren hogere militairen op deze term?

‘Dubbel. Iemand zei tegen me dat ik moest oppassen met die term, omdat het de indruk kan wekken dat de krijgsmacht mensen in onethische en onveilige situaties brengt. Als ik dat aan andere militairen terugkoppel, zeggen ze: ja duhhh, wat denk je dat er gebeurt als je mensen naar een oorlog stuurt. Natuurlijk is de kans groter op immorele situaties.’

U beschrijft dat militairen geen grote idealen hebben. Dat ze helemaal niet het idee hebben dat ze het voor hun land doen.

‘Dat is opvallend. Militairen die wel idealen hebben, wordt dat meteen afgeleerd tijdens de opleiding door hun ervaren collega’s. Die zeggen: ‘Als je denkt dat je de wereld gaat verbeteren, als je denkt dat je mensen kunt helpen, dan krijg je pas echt PTSS. Dat gaat niet lukken en dan raak je gedesillusioneerd’.’

Morele verwondingen, die militairen vaak tijdens de missie oplopen, kunnen leiden tot vervelende incidenten, schrijft u.

‘Sommige gebeurtenissen maken zoveel indruk dat ze als het ware afstompen, dat het ze niet meer raakt. Ze bouwen een schild om zich heen. Soms gaan ze wrede grappen uithalen.’

U beschrijft hoe militairen in Afghanistan kinderen wegduwden en volwassenen beledigden.

‘In Afghanistan waren er voorbeelden van kinderen die steentjes naar de Nederlandse militairen gooiden. Die militairen gingen stenen teruggooien.’

Een schild creëren om niet te snel geraakt te worden is begrijpelijk. Maar welke stap moeten ze dan nog zetten om met stenen naar kinderen te gooien?

‘Je bent gefrustreerd geraakt, hebt een schild gebouwd en toch word je nog zo geraakt door dingen om je heen dat je het oplost door het om te draaien. Als je een hekel hebt aan mensen, hoef je niet meer geraakt te worden als je ze niet kunt helpen.

‘Een ander voorbeeld. Ik sprak een vrouwelijke militair die actief was in Srebrenica. Ze vertelde over de vrouwen daar die hun kinderen kwijt waren. Ze waren doodsbang en wanhopig. De militair ging op eigen initiatief op zoek naar eten voor hen. Die vrouwen waren zo overstuur dat ze schreeuwden, spuugden en scholden. Op een gegeven moment gaf ze die vrouwen zo’n harde duw dat ze als dominostenen omvielen. En daar moest ze dan heel wreed en hard om lachen. Terwijl ze die vrouwen tegelijkertijd uit eigen beweging aan het helpen was.’

Hoe verklaart die militair dat zelf?

‘Als ze van een afstandje naar zichzelf keek, kon ze het begrijpen. Maar tegelijkertijd kon ze zich niet voorstellen hoe ze zo wreed had kunnen zijn. Daar heeft ze nog altijd nachtmerries en diepe schuldgevoelens over.’

U pleit ervoor dat de regering in de toekomst transparanter is over gevechtshandelingen van Nederlandse militairen, om zo meer begrip te creëren en de kans op morele verwondingen te verkleinen.

‘Nederland wil dat onze militairen teddybeerstrooiend voorwaarts gaan. We hebben ons een soort beschaafde humanitaire, niet-militaire identiteit aangemeten. Omdat de regering er zo geheimzinnig over doet zijn we elke keer weer stomverbaasd dat de krijgsmacht met geweld te maken krijgt. En dat er in een oorlog burgerslachtoffers vallen. Dat er ook nog eens fouten kunnen worden gemaakt, daar willen we al helemaal niet aan. Ik denk dat we kritisch moeten blijven op wat er gebeurt tijdens missies, maar dat we ook enige hypocrisie bij onszelf mogen onderzoeken. Dat zou voor veel militairen al helpen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden