Onderzoek MH17 wordt uitgebreid naar AIVD en MIVD

In het onderzoek naar het neerstorten van toestel MH17 in juli wordt het zoeklicht nu ook gezet op de geheime diensten AIVD en MIVD. Het kabinet wil dat de Commissie voor Toezicht op Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD) achterhaalt wat de diensten wisten over de snel verslechterende veiligheidssituatie in het Oekraïense luchtruim in de dagen voor de crash.

Beeld ANP

De Onderzoeksraad Voor Veiligheid (OVV), die het overkoepelende onderzoek leidt, vroeg het kabinet in november om de inlichtingendiensten onder de loep te nemen. Anders dan de OVV zelf heeft de toezichthouder de bevoegdheid om alle informatie van de diensten op te vragen en in te zien, ook als het om staatsgeheimen gaat. De ministers Plasterk (Binnenlandse Zaken) en Hennis (Defensie) hopen dat de CTIVD komend voorjaar rapporteert aan de OVV. Die zal de uitkomsten meenemen in het eindrapport dat op z'n vroegst eind 2015 wordt verwacht.

De toezichthouder benadrukt dat het toeval is dat de aankondiging nu komt, vlak na alle publiciteit over de veiligheid van het Oekraïense luchtruim. Sinds de crash op 17 juli is er grote onduidelijkheid over de vraag of het wel verantwoord was op dat moment nog boven Oost-Oekraïne te vliegen. Een maatschappij als British Airways meed het gebied al sinds half mei. De Amerikaanse luchtvaartautoriteiten maanden al in april tot 'uiterste voorzichtigheid'. Op 30 juni kwam daar de publiekelijke waarschuwing van de NAVO bij. Het bondgenootschap meldde dat de pro-Russische separatisten aan het trainen waren met een zeer geavanceerd raketsysteem om vliegtuigen uit de lucht te schieten, met een hoogtebereik tot wel 25 kilometer. In de dagen daarna gingen inderdaad de eerste Oekraïense vliegtuigen neer.

Het is onduidelijk wat in Nederland met die informatie is gedaan. Zeker is dat de KLM, Malaysia Airlines en veel andere luchtvaartmaatschappijen over het gebied bleven vliegen. De KLM, die partner was in vlucht MH17, heeft steeds volgehouden dat er 'geen aanwijzingen' waren dat het onveilig was. 'Het was gewoon een veilig verklaarde route', aldus toenmalig president-directeur Camiel Eurlings.

Onduidelijkheid

De NOS meldde zaterdag dat Oekraïne een gezelschap van diplomaten, onder wie ook een Nederlandse vertegenwoordiger, kort voor de ramp heeft bijgepraat over de verslechterende veiligheidssituatie in het luchtruim. Dat gebeurde op 14 juli, vlak nadat een Oekraïens transportvliegtuig was neergehaald. Oekraïne zelf hield het luchtruim officieel open. De regering hield er naar eigen zeggen simpelweg geen rekening mee dat de gevechtshandelingen ook burgertoestellen zouden kunnen treffen.

De onduidelijkheid over de Nederlandse informatiepositie en de absolute radiostilte rond het onderzoek voeden intussen de speculaties over de ramp en de afhandeling daarvan. Via hun advocaten en diverse media uitten enkele nabestaanden de afgelopen dagen hun zorgen over de voortgang van het onderzoek. Het feit dat op de plek van de crash nog steeds volop wrakstukken liggen, leidt tot de vraag of zo wel een goede reconstructie van het toestel kan worden gemaakt.

De Onderzoeksraad wil alleen kwijt dat de onderzoekers 'bijna alle stukken hebben gekregen die op het verlanglijstje stonden' en dat het onderzoek zich met name zal richten op de cockpit en de vleugels. Verder is het officiële kanaal stil. Onafhankelijk vliegtuigexpert Harry Horlings toont zich kritisch over de gesloten houding van de OVV. 'Waarom niet gewoon open kaart spelen? Ik zou bijvoorbeeld best eens willen weten wie het onderzoek uitvoert en wat de stand van zaken is. Het gebeurt nu wel allemaal erg stiekem.'

Monnikenwerk

Volgens luchtvaartdeskundige Joris Melkert van de TU Delft is het juist goed dat het onderzoek in stilte wordt gedaan. 'Een reconstructie is monnikenwerk, dat moet in alle rust gebeuren. Bovendien wordt dit onderzoek bekeken met een groot politiek en juridisch vergrootglas en daarom is het belangrijk dat er geen invloed van buitenaf is.'

Vlak voor de Kerstdagen liet het kabinet de Tweede Kamer weten dat het ook niet is uitgesloten dat er nog stoffelijke resten van de slachtoffers op de rampplek liggen, op of rond achtergebleven wrakstukken. De ingevallen winter verhindert het onderzoek ter plekke. 'Voor nader forensisch onderzoek is het afgraven van de grond noodzakelijk', aldus de betrokken ministers. 'Dat kan niet als de grond bevroren is. Ruiming van de wrakstukken op de burnsites (waar na de crash brand woedde, red.) verstoort het forensisch onderzoek te veel. Daarom is ervoor gekozen deze wrakstukken vooralsnog niet te ruimen.' Het kabinet hoopt dit in het voorjaar alsnog te kunnen doen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden