Nieuws

Onderzoek leidt naar vermoedelijke verrader van Anne Frank

Anne Frank en de zeven andere onderduikers in het Achterhuis zijn in 1944 zeer waarschijnlijk verraden door notaris Arnold van den Bergh, lid van de Joodse Raad in Amsterdam. Die beschikte vermoedelijk over een lijst met onderduikadressen die hij moet hebben doorgegeven aan de Duitse Sicherheitsdienst, in ruil voor bescherming van zijn gezin.

Ellen de Visser en Sander van Walsum
Anne Frank. Beeld Anne Frank Fonds / Getty
Anne Frank.Beeld Anne Frank Fonds / Getty

Tot die conclusie komt het internationale coldcaseteam dat vijf jaar lang onderzoek heeft gedaan naar de inval in het Achterhuis tijdens de Duitse bezetting en het verraad dat daaraan voorafging. Het team, onder leiding van de gepensioneerde Amerikaanse FBI-agent Vince Pankoke (64), bestond uit bijna dertig Nederlandse deskundigen, van rechercheurs, criminologen en forensisch deskundigen tot archivarissen en tientallen vrijwilligers. Zij gebruikten de nieuwste onderzoekstechnieken, bekeken honderdduizenden documenten, vonden archiefstukken in acht landen en spraken met zeventig mensen. Met een speciaal ontwikkeld kunstmatige-intelligentieprogramma werden alle details rondom de zaak geanalyseerd. Mensen, gebeurtenissen en uitspraken die eerder over het hoofd waren gezien, konden zo met elkaar in verband worden gebracht.

Maandag verschijnt wereldwijd Het verraad van Anne Frank, het boek over het onderzoek, geschreven door de Canadese schrijfster Rosemary Sullivan. Het onderzoek is betaald door (internationale) uitgevers, de gemeente Amsterdam en particuliere geldschieters.

Otto Frank

De acht onderduikers werden op 4 augustus 1944 opgepakt op hun schuiladres aan de Amsterdamse Prinsengracht waar ze bijna 25 maanden lang verborgen hadden gezeten. Alleen Otto Frank, de vader van Anne, keerde na de oorlog terug. Volgens het coldcaseteam is Frank er na de oorlog waarschijnlijk achtergekomen wie zijn gezin heeft verraden, maar heeft hij dit om meerdere redenen niet bekendgemaakt.

Naar het verraad is na de oorlog twee keer politieonderzoek gedaan, maar dat leverde niets op. Ook onderzoek van historici en biografen gaf geen uitsluitsel. Het coldcaseteam deed onderzoek naar dertig scenario’s. Op basis van de ontdekte informatie concludeert het team dat er maar één scenario is waarin iemand kon beschikken over zowel de kennis, de gelegenheid als het motief om de Sicherheitsdienst naar het Achterhuis aan de Prinsengracht te dirigeren.

Voor Emile Schrijver, algemeen directeur van het Joods Historisch Kwartier in Amsterdam, is de voornaamste verdienste van het coldcaseonderzoek dat het aantal theorieën over het verraad van de bewoners van het achterhuis flink is uitgedund. Dit betekent niet, zegt Schrijver, dat nu onomstotelijk is komen vast te staan dat Arnold van den Bergh de dader was. ‘Je zou kunnen zeggen dat deze theorie van alle theorieën de meest waarschijnlijke is, maar hierover is het laatste woord nog niet gezegd.’

Het verraad van Anne Frank

Lees hier hoe het coldcaseteam onder leiding van voormalig FBI-agent Vince Pankoke tot het meest waarschijnlijke scenario kwam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden