Ondernemingen krijgen tegen betaling vertrouwelijke regeringsinformatie Blairs ex-adviseurs verkopen Labour

Het woord sleaze - corruptie - was in de Britse politiek onverbrekelijk verbonden met de conservatieve regeringen van Thatcher en Major....

Van onze correspondent

Bert Wagendorp

LONDEN

Het hoogtepunt van de corruptie onder Major was de befaamde cash-for-questions-affaire: conservatieve parlementariërs stelden in ruil voor geld van lobbyfirma's vragen in het Lagerhuis. The Observer besloot, na een tip dat gevoelige regeringsinformatie zijn weg vond naar lobbyisten en via hen naar het bedrijfsleven, te onderzoeken in hoeverre binnen de inner circle van New Labour invloed en informatie viel te kopen.

Een Amerikaanse journalist, Gregory Palast, benaderde, zogenaamd uit naam van 'Amerikaanse energiebedrijven', een aantal lobbyfirma's met de vraag hoe binnen de regering 'een invloedrijke aanwezigheid' kon worden verkregen.

De benaderde lobbyisten hadden één ding gemeen. Voor de verkiezingsoverwinning van mei 1997 werkten zij voor Labour, als adviseurs van Blair, minister van Financiën Brown, minister zonder portefeuille Mandelson of minister van Binnenlandse Zaken Straw. Na de verkiezingen namen zij ontslag en besloten zij hun boekje met telefoonnummers te gelde te maken: lobbyisten vragen tot 70 duizend gulden per maand voor hun diensten.

In het gevecht om de vermeende nieuwe Amerikaanse klant binnen te halen, kwamen de adviseurs met opmerkelijke wapenfeiten. Zo verklaarde Derek Draper, voormalig assistent van Mandelson, dat hij in juni een Amerikaanse bank (Salomon Smith Barney) een week van tevoren had ingeseind dat Brown de overheidsuitgaven niet met 2,5 procent maar met 2,75 procent zou verhogen. 'Dat was inside-informatie. Als ze die hadden gebruikt, hadden ze een fortuin gemaakt', zei hij tegen Palast.

Karl Milner (tot mei 1997 in dienst van Brown) faxte, een dag voor het openbaar werd, een gevoelig rapport van het ministerie van Handel en Industrie naar de journalist. 'Ik dacht dat u hierin wellicht geïnteresseerd zou zijn', schreef hij erbij.

Een derde lobbyfirma, Lawson Lucas Mendelsohn, - eigendom van drie voormalige adviseurs van Blair - verklaarde dat zij de Amerikanen, mits er werd betaald, 'tot bij Gordon Brown konden brengen'. Draper - die maandag door de lobbyfirma waarvan hij een van de directeuren was, GPC, werd geschorst - schepte op dat hij erin was geslaagd een zakenman in een task force van de regering te manoeuvreren, dat hij via zijn contacten behulpzaam kon zijn bij het verkrijgen van goedkeuring voor fusies en mensen Downing Street 10 kon binnenloodsen.

De firma LLM was gaarne bereid Palast uit te leggen waarop haar invloed was gebaseerd. 'Wij weten hoe ze denken.' Volgens de drie New Labour-kenners is in de Britse regering sprake van 'niet-ideologisch vergiftigde besluitvorming', in welk ideologisch vacuüm lobbyisten de kans krijgen een doorslaggevende rol te spelen. 'Vooral bij belangrijke zaken, weten ze niet wat ze vinden. Blair zelf weet niet altijd wat hij van iets moet vinden.'

Mogelijk overdreven de lobbyisten hun invloed om de klant voor zich te winnen. Uit het verhaal in de Observer komen geen harde bewijzen naar voren dat ministers, hoge ambtenaren of parlementsleden zich in ruil voor geld voor het karretje van lobbyfirma's lieten spannen. Behalve misschien in het geval van Roger Liddle, het invloedrijke hoofd van Blairs Europese Policy Unit.

Liddle, voormalig lobbyist en samen met Mandelson schrijver van het boek The Blair Revolution, is bevriend met Derek Draper. Tijdens een ontmoeting met Palast verklaarde hij: 'Derek kent alle juiste mensen. Er is een circle, en hij maakt daar deel van uit.' En op de vraag wat híj voor de Amerikaanse klant kon betekenen: 'Als jullie klaar zijn, vertel me dan wat jullie willen, dan zullen Derek en ik het telefoontje voor jullie plegen.'

Liddle ontkende maandag niet de gewraakte woorden te hebben gebruikt, maar zei zich die niet te herinneren, omdat hij al 'een paar glazen champagne' achter de kiezen had. In een andere ontmoeting bevestigde Draper zijn sterke banden: 'Er zijn zeventien mensen die ertoe doen. En zeggen dat ik met al die mensen op intieme voet verkeer, is het understatement van de eeuw.' Tot de zeventien machtigen in Drapers adresboekje behoorden uiteraard Blair, Brown en Straw.

Over de beweegredenen voor zijn activiteiten was Draper ondubbelzinnig. 'Ik wil geen consultant zijn. Ik wil alleen mijn bankrekening spekken met 250 pond per uur.' Draper verloor maandag een andere bron van inkomsten. Hij werd ontslagen als columnist van de Express, vanwege zijn verklaring dat hij zijn column altijd ter goedkeuring voorlegde aan Mandelson, Labours opper-mediamanipulator.

Regeringsbronnen deden er maandag alles aan om de Observer-onthullingen van hun schadelijke werking te ontdoen. 'Opgeblazen', 'geen bewijzen' en 'mensen die hun eigen invloed overschatten', luidden de verschillende reacties.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden