Column

Onder politici is de belofte een bal die je opgooit

Over een maand zijn de verkiezingen voor de Tweede Kamer en ondertussen kibbelen politici met wie zij al dan niet willen debatteren. Iedere politicus wil winnen en dat doe je door de stemmen te verwerven van zo veel mogelijk kiezers.

Beeld de Volkskrant

Maar hoe bereik je dat?

Tijd om ons te wenden tot de klassieken! De wereld mag complex zijn en snel veranderen, veel zaken blijven gewoon hetzelfde. De mensen moeten eten en drinken, zij schijten één of twee keer per dag, en hebben doorgaans lichamelijk contact wanneer zij zich willen voortplanten. Daarnaast worden zij gedreven door der Wille zur Macht.

Om te zien of in dit machtsstreven de laatste 2000 jaar iets is veranderd, sloeg ik de Verkiezingshandleiding op van Quintus Cicero, in de vertaling van J.A. van Rossum en H.C. Teitler (Ambo, 1994).

De Verkiezingshandleiding werd in 64 v. Chr. geschreven en was een cadeau van Quintus aan zijn broer Marcus Tullius Cicero, de grote redenaar en politicus die zich kandidaat had gesteld voor het hoogste Romeinse ambt, dat van consul. De verkiezing was geen gelopen race en de minder bekende Quintus vond het raadzaam enige adviezen op schrift te stellen - 58 in het totaal. Het is ondoenlijk alle 58 adviezen door te nemen, maar een enkele is te actueel om onvermeld te laten.

Voor Quintus is de belofte een cruciaal punt bij het winnen van verkiezingen. Wil een politicus zijn kiezers aan zich binden dan moet hij allerlei beloften doen die zijn electoraat aanspreken, een strategie die altijd is blijven gelden en eigenlijk nog steeds geldt.

De Amerikaanse journalist H.L. Mencken (1880-1956) heeft ongeveer hetzelfde gezegd, toen hij opmerkte: 'Een politicus die de stemmen nodig heeft van kannibalen, moet ze een kookpot met missionarissen beloven.'

Zo is het natuurlijk ook, maar veel beloven houdt ook een gevaar in. Beloften zijn er om je aan te houden en om ze na te komen. In de politiek is het nakomen van beloften echter vers twee. Onder politici is de belofte een bal die je opgooit en die niet op de grond valt, maar ergens in de lucht blijft zweven.

Quintus Cicero zag dat ook in, maar hij wees er al op dat voor een politicus eigenlijk maar twee perioden bestaan: die van voor en die van na de verkiezingen. Om bij die bal te blijven: je moet als politicus hopen dat de bal die je voor de verkiezingen zo hoog mogelijk hebt opgegooid, pas ver na de verkiezingen ergens ver weg neerkomt.

Toch voegt Quintus er nog iets aan toe. Alleen beloven is niet voldoende: 'De mensen willen immers niet alleen beloften horen, (...) zij willen ook dat je een breed gebaar maakt dat hun gevoel van eigenwaarde streelt.'

Het is onmogelijk hierbij niet onmiddellijk te denken aan Mark Rutte, die ons tijdens de vorige verkiezingscampagne maar liefst duizend euro in het vooruitzicht stelde als wij op hem zouden stemmen. Dat deden wij, waarop die bal ergens ver voorbij Tokio terechtkwam, om vervolgens tergend langzaam naar het Binnenhof terug te stuiteren.

Toen de bal weer tevoorschijn kwam, zei Rutte: 'Ik beloof dat ik nooit meer zoiets zal beloven.' Dat was een geniale oplossing voor een lastig probleem. De minister-president belooft ons wel degelijk iets, maar tegelijkertijd belooft hij ons niets.

Niettemin denk ik dat Quintus Cicero iets heel anders zou hebben aanbevolen als hij de campagneleider van Rutte was geweest. Vermoedelijk had hij Rutte geadviseerd dit te zeggen: 'Beste kiezers, vorige keer heb ik u duizend euro toegezegd. Door onvoorziene omstandigheden is dat helaas misgelopen. Excuses daarvoor. Maar dit keer beloof ik u tweeduizend euro, belastingvrij! Beloofd, op de gezondheid van mijn ouders!' Een belofte waarbij de minister-president zijn hand op zijn hart legt.

Opmerkelijk genoeg zei ook Geert Wilders in het RTL-interview dat hij geen beloften wilde doen, maar die had hij natuurlijk allang gedaan, bijvoorbeeld met: 'Wilt u meer of minder Marokkanen? Ja? Dan gaan wij dat regelen.' Over het gebaar dat hij daarbij maakte, zou Cicero heel tevreden zijn.

Een ander belangrijk advies van Quintus houdt in dat een politicus vrienden moet maken, die tijdens de verkiezingen voor hem een schuld gaan inlossen. Het onderhouden en het uitbaten van die vriendschappen vereist veel stuurmanskunst.

Als ik het goed heb, is Wilders niet echt sterk in het maken van politieke vrienden. Daarom zie ik hem wel een verkiezing winnen, maar geen consul van Nederland worden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden