Ondanks Lebeds akkoord laten Russische troepen zich nauwelijks meer zien Tsjetsjenen zijn weer heer en meester in Grozny

'De Russische vlag heeft hier wel lang genoeg gewapperd, nu zijn wij weer aan de beurt', vindt de Tsjetsjeense strijder Rizvan....

BERT LANTING

Van onze correspondent

Bert Lanting

GROZNY

De Russische politieagent die een paar meter verderop zit, doet alsof zijn neus bloedt. Na ruim twee weken samen patrouilleren met de Tsjetsjenen - een uitvloeisel van het akkoord dat generaal Lebed vorige maand met de Tsjetsjeense opstandelingen sloot - is hij het macho-gedoe van de strijders wel gewend.

'In het begin stonden we erg wantrouwig tegenover elkaar', zegt hij. 'Maar nu kunnen we het goed met elkaar vinden.' De Russische militairen die voor de gemeenschappelijke patrouilles worden ingezet, zijn allemaal nieuwkomers. 'Wij hebben hier nooit gevochten en dat maakt de samenwerking makkelijker'.

Helemaal is het wantrouwen echter nog niet verdwenen. De Russen lopen 's nachts geen wacht uit vrees overvallen te worden en de politieagent geeft toe dat hij en zijn collega's bang zijn dat zij in de val zullen komen te zitten als er opnieuw gevechten uitbreken. 'Dan worden we gijzelaars', zegt hij somber.

Rizvan verzekert dat zijn Russische collega's niets te vrezen hebben, maar het is duidelijk dat de Russen als het erop aankomt toch afhankelijk zijn van de gunsten van de Tsjetsjeense strijders. Na anderhalf jaar oorlog zijn de Tsjetsjenen weer heer en meester in Grozny en een groot deel van de rest van het land. Her en der zie je Tsjetsjeense strijders openlijk rondrijden in gestolen Russische legertrucks met het portret van hun gesneuvelde president, Dzjochar Doedajev, erop.

'De oorlog is helemaal voor niets geweest', erkent een broodmagere Russische soldaat, die wacht loopt bij de Russische legerbasis bij Chankala aan de rand van Grozny. Hij hoopt dat de regering in Moskou inziet dat verder vechten geen zin heeft. Volgens hem zijn veel militairen verbitterd dat Lebed 'Grozny in handen heeft gegeven van de Tsjetsjenen', maar wil de meerderheid zo snel mogelijk naar huis. 'Wie heeft er nu zin te sneuvelen voor een zinloze zaak? Ze hadden hier nooit troepen heen moeten sturen.'

Naar schatting zijn er nog zo'n veertigduizend Russische militairen en commando's van het ministerie van Binnenlandse Zaken in de Kaukasusrepubliek, maar de Russische troepen laten zich nauwelijks meer zien. Ze hebben zich teruggetrokken op een paar strategisch gelegen bases rond de Tsjetsjeense hoofdstad.

In het zuiden van de republiek en in Grozny zelf hebben de Russen nauwelijks meer iets in de melk te brokkelen. Volgens het vredesakkoord dat Lebed en de Tsjetsjeense bevelhebber Maschadov in elkaar timmerden, hebben de Russen en de Tsjetsjenen een gelijke stem in het Centrale Verenigde Hoofdkwartier, dat sinds de vlucht van de regering onder leiding van de Moskou-gezinde politicus Dokoe Zavgajev tijdelijk het bestuur over de stad heeft. In feite zijn het echter de Tsjetsjenen die de lakens uitdelen.

Bij de poort van het gebouw staan Russische en Tsjetsjeense militairen, maar de Tsjetsjenen bepalen wie naar binnen mag. Een invalide Rus die komt klagen dat zijn moeder is verdwenen - volgens hem hebben Tsjetsjenen uit de buurt haar auto ingepikt en haar vervolgens vermoord - krijgt te horen dat hij over een paar dagen maar moet terugkomen. De Russische commandant krijgt hij niet te zien. 'Ze zeggen dat ze het aan hem zullen doorgeven, maar daar geloof ik niets van', zegt hij bitter.

Volgens het bestandsakkoord mogen alleen strijders die een vergunning hebben van het Verenigde Hoofdkwartier wapens dragen. Maar de Tsjetsjeense leden van de gemeenschappelijke patrouilles hebben zo hun eigen uitleg van deze bepaling. Strijders van de guerrilla-eenheid van Sjamil Basajev - de Tsjetsjeense commandant die vorig jaar de leiding had over de gijzeling in Boedjonnovsk en deze zomer een hoofdrol speelde in de herovering van Grozny - laten ze ongemoeid, vertelt Rizvan. Het is dan ook geen wonder dat het in de stad wemelt van de gewapende Tsjetsjeense strijders.

In de zuidelijke wijk Tsjernoretsje maken de Tsjetsjeense strijders zelfs helemaal alleen de dienst uit. De Tsjetsjeense commandant van de wijk vertelt dat de Russen het tot nog toe laten afweten. 'Ik denk dat ze te bang zijn om hier te komen', zegt hij. Bij ontstentenis van de Russen zijn de bojeviki (Russisch voor strijders) druk bezig de sjaria, de islamitische wetten, aan de bevolking op te leggen.

Voor de inwoners van de verwoeste hoofdstad is het vertrek van de Russische troepen een opluchting. Nu hoeven ze niet meer bang te zijn dat ze bij een controlepost zomaar opgepakt worden en in de filtr, de beruchte Russische zuiveringskampen, verdwijnen.

Maar tegelijkertijd hebben ze het sombere voorgevoel dat hen een nieuwe en misschien nog verwoestender ronde van de oorlog te wachten staat, nu de Tsjetsjeense strijders de stad weer in handen hebben. 'Daar heb je ze weer, die helden', zucht een Tsjetsjeense chauffeur, als een groep bojeviki hangend uit de ramen van hun jeeps en wild in de lucht schietend door het platgebombardeerde centrum scheurt. Ze zijn op weg naar een bruiloft. 'Dat soort idioten zorgt ervoor dat de oorlog nooit ophoudt', zegt hij.

De jongste ronde van de oorlog, waarbij de weinige gebouwen die nog overeind stonden in Grozny aan puin werden geschoten, heeft de bevolking murw gebeukt. 'Er is bijna niemand die gelooft dat het vrede zal blijven', zegt Magomet Sjejchov, de directeur van het stedelijk gymnasium, gelaten. 'Als we naar bed gaan, houden we er altijd rekening mee dat het de volgende dag weer oorlog kan zijn.'

Zijn school was net helemaal opgeknapt, toen de 'tweede oorlog', zoals de Tsjetsjenen de gevechten om Grozny van vorige maand noemen, uitbrak. Nu kan hij opnieuw beginnen: de Russische militairen die in het gebouw zaten, hebben het meubilair kort en klein geslagen en de wc's opgeblazen .

Het gonst in de stad van de geruchten dat de Russen Grozny opnieuw onder vuur zullen nemen of dat er een aanval ophanden is van aanhangers van Zavgajev. 'Wij vertrouwen Lebed wel, maar ik vraag me af hoeveel steun hij heeft in het Kremlin', legt een Tsjetsjeen uit. Sommige mensen kunnen de spanning niet meer verdragen en besluiten de wijk te nemen; een moeilijk besluit, omdat de kans groot is dat hun huis wordt leeggeplunderd.

De Moskou-gezinde Tsjetsjenen hebben zich teruggetrokken in het noorden van de republiek . De verbittering is er groot. 'De Russen hebben ons verraden. Eerst hebben ze ons gebruikt om van Doedajev af te komen en nu laten ze ons in de steek', zegt Oesman Satoejev, de commandant van het 'regeringsregiment' dat uit Grozny verjaagd is. 'Ons regiment is er nog, maar de regering bestaat niet meer', vat hij het probleem samen.

Satoejev beweert dat hij een leger van zo'n vijfduizend man op de been kan brengen, maar een bezoek aan het dorp Ken-joert, waar de Moskou-gezinde strijders zich hebben verschanst, bewijst dat dat grootspraak is. Satoejevs leger blijkt te bestaan uit een handjevol slecht bewapende agenten, die in een lekkende legertent op de leiders in het Kremlin zitten te schelden.

Toch heeft Edoe Kazlajev, de commandant van het oppositionele Nadteretsjnyj-district, de moed nog niet verloren. 'Moskou zal nooit toestaan dat Tsjetsjenië onafhankelijk wordt, want dan valt heel Rusland uit elkaar', zegt hij. Maar ook als Rusland niet ingrijpt, zal het volgens hem snel afgelopen zijn met de 'separatisten'. 'Langer dan twee of drie maanden houden zij het niet uit, dan raken ze onderling slaags' voorspelt hij.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden