Ondanks die lange, enge kaping bleef hij verknocht aan het pilotenvak

Het eeuwige leven: Jan Peeters (1925-2017)

Als KLM-piloot maakte Jan Peeters in 1973 een drie dagen durende kaping mee van de Boeing 747 Mississippi. Een week na afloop vloog hij alweer.

Jan Peeters.

Het was de langste kaping van een KLM-toestel ooit. In 1973 vloog de 747 Mississippi met zwaar bewapende kapers drie dagen lang van de ene naar de andere bestemming in het Midden-Oosten.

Aan boord zaten 247 doodsbange passagiers en de bemanning, onder wie tweede piloot Jan Peeters. Continu weigerden de luchtvaartautoriteiten het gekaapte toestel te laten landen door de lichten van de landingsbanen te doven. Intussen probeerden de drie kapers, die de bijnamen 'Streepjespak', 'Pistolen Paultje' en 'Ketelbinkie' hadden gekregen, hun eisen ingewilligd te krijgen: vrijlating van zeven Palestijnse gevangenen en het stoppen van de Nederlandse hulp aan Israël.

'Heel spannend was vooral de ontsnapping vanaf het vliegveld van Tripoli, waar de Libische leider kolonel Kadhafi de startbaan had laten blokkeren. Via een noodbaantje dat eigenlijk te kort was voor een 747 stegen Jan Peeters en gezagvoerder Sjaak Risseeuw toen stiekem op. 'Dat had echt fout kunnen aflopen', aldus zoon Jan Peeters jr. Hij herinnert zich dat hij als 14-jarige op school via een transistor luisterde naar het nieuws over de kaping met zijn vader. 'En dat was echt wel eng, vooral toen je hoorde van de bommen aan de deuren.'

Tuinieren

Jan Peeters overleed op Allerzielen, 2 november, in zijn woonplaats Voorhout. Hij werd 92 jaar. Nadat Peeters in 1981 zijn epauletten bij de KLM had afgedaan, vloog hij nooit meer. Hij kocht anderhalve hectare bollengrond waar hij ging tuinieren en vele bomen plantte. Onlangs werd 'het landje' door de gemeente tot lusthof benoemd, een oude titel voor de parken op buitenplaatsen.

Peeters werd geboren in Oegstgeest als oudste in een gezin van elf kinderen. Vlak na de oorlog werd hij opgeroepen voor militaire dienst, waar hij de kans kreeg een vliegopleiding te volgen in Gilze-Rijen. Omdat er in Nederlands-Indië een groot tekort was aan piloten kon hij daar gaan werken bij een KLM-dochter die na de onafhankelijkheid opging in Garuda. In 1950 trouwde Peeters in Jakarta 'met de handschoen' met zijn verloofde uit Oegstgeest, die hij pas twee jaar later zou ophalen en meenemen naar Jakarta.

Daar werden de twee oudste dochters geboren. Pas in 1956 keerde het gezin terug in Nederland, waar het zich eerst vestigde in Oegstgeest en later in Voorhout. Er werden nog drie kinderen geboren, onder wie Jan jr.

Kaping

'Mijn vader was als piloot van de KLM toentertijd vaak van huis. Het was een schema van een week thuis, twee weken weg. Maar hij was verknocht aan het vak. Hij behoorde nog tot de generatie piloten die in alle toestellen vloog: van een dubbeldekker, zoals de Tiger Moth, waarin hij zat met een stofbril, leren muts en leren jas tot en met de jumbojet.' Peeters was meestal gezagvoerder maar was tweede piloot toen hij 25 november 1973 in Beiroet op de Boeing 747 stapte op weg naar Tokio.

Anderhalf uur na het vertrek doken de kapers op met in speelgoed verborgen wapens. Uiteindelijk eindigde de kaping, na talloze dreigementen van de kapers het toestel op te blazen, in Dubai. Peeters jr: 'Mijn vader kreeg een week vrij en is daarna weer gaan vliegen. Op de een of andere manier kon hij het toch relativeren. Omdat hij in de cockpit precies wist wat er gebeurde, had hij nog het idee enige controle te hebben. Hij vond het veel erger voor de passagiers en de cabin crew achter in het toestel. Die wisten de hele tijd niks.'

De cockpitbemanning zou daarna nog vele jaren een reünie houden op het landje van Jan Peeters. Van zijn gezin overleden eerder al zijn vrouw in 1996 en zijn dochter in 2012.

Meer over