Onbewijsbare klachten

Psychiater F. Koerselman veroorzaakte vorige week beroering op het congres van de Whiplash Stichting. Zelfhulpgroepen van mensen met Whiplash en chronische vermoeidheid (ME), vindt hij, moeten de maatschappij aanklagen in plaats van hun leden in de rol van zieke te bevestigen....

EIND VORIGE eeuw was er de railway spine. Op grond van een moeilijk te constateren rugletsel konden mensen na spoorwegongevallen schadevergoeding eisen. 'Het was in Engeland een soort epidemie', vertelt F. Koerselman, die als psychiater verbonden is aan het Amsterdamse St.Lucas- Andreasziekenhuis en als hoogleraar aan de Universiteit van Utrecht. 'Maar rond de eeuwwisseling verdween de diagnose.' Het was een 'modeziekte'.

Staatssecretaris Terpstra heeft het woensdag op het congres nog eens gezegd: Whiplash is als ziekte erkend. 'De minister van Volksgezondheid erkent het', zegt J. Smit-Filarski, de voorzitter van de Whiplash Stichting.

'De minister gaat daar niet over', reageert Koerselman. 'Er is een wisselende jurisprudentie over gevallen waarin aanspraak gemaakt wordt op een wao-uitkering. De rechters van de Centrale Raad van Beroep zijn uiterst terughoudend met het erkennen van dit soort aandoeningen als ziekte. In de wet staat dat de ziekte objectief vast te stellen moet zijn.

'Dat kan niet met Whiplash. Toch is het opgenomen in het rijtje dat recht geeft op een uitkering wegens invaliditeit, op grond van een compromis dat een jaar op zeven geleden gesloten is met de neurologenvereniging.'

Whiplash gaat niet alleen de neurologen aan. Koerselman ziet vaak mensen bij wie niets neurologisch te constateren valt. Sommigen komen er door psychotherapie achter waarom zij het nodig hebben zich als zieke te gedragen.

'De hele samenleving is nu doortrokken van de gedachte dat iedereen autonoom moet zijn, op ieder terrein. Wie daar geschikt voor is, heeft een goede tijd. Maar wie meer behoefte heeft aan bescherming, valt buiten de boot. In Nederland is de hele ideologie van paars gebouwd op individuele autonomie als onaantastbaar goed. Het is totalitair liberalisme. Als je niet autonoom kan zijn, hoor je er niet meer bij. Een rare paradox.'

Het is een forse epidemie. 'Ik heb honderden mensen gezien. Geen kinderachtige mensen, integendeel. Ze klagen niet, ze zeggen niet dat ze affectief verwaarloosd zijn. Harde werkers die een licht ongeval nodig hebben als alibi om, zonder eerverlies, uit de race te ontsnappen. Of een griep, met eeuwigdurende vermoeidheid erna. De patiëntenverenigingen zijn met een verkeerd gerichte emancipatie bezig als ze dit erkend willen zien als vreselijke ziekten. Nee: ze moeten aan de orde stellen dat het absoluut onzin is wat iedereen nu wordt opgelegd. En dat is ook onze taak, als artsen, in plaats van mensen te fixeren in een ziektegedrag waar ze nooit meer uitkomen.'

Het is voldoende, aldus richtlijnen van de neurologenvereniging, dat de patiënt tegen een arts zegt dat hij bepaalde klachten heeft, binnen 48 uur na een ongeval. Bij de meeste mensen die na een ongeval nekklachten hebben, gaan die na enige tijd over. Een ander deel blijft klagen: het post-Whiplash-syndroom.

Ieder medisch specialisme heeft zijn eigen criteria om tot een percentage invaliditeit te komen. Koerselman: 'Iemand die volledig gezond is heeft nul procent invaliditeit, iemand die dood is 100 procent. Daartussen bewegen zich de percentages. Bij nekklachten gaan de neurologen uit van percentages gebaseerd op de beperking van het bewegen: zoveel graden naar links, zoveel naar rechts. Aangezien die Whiplash-patiënten zeiden dat ze hun nek helemaal niet konden bewegen, kreeg je heel hoge invaliditeitspercentages. Daar wilde men een eind aan maken en daarom is er een compromis gesloten: 5 procent invaliditeit en dan hoeft er niets aangetoond te worden.

'We weten het eigenlijk niet', zegt de neurologenvereniging. Niet moeilijk doen: als de patiënt het zegt, dan is het zo. Aan de andere kant: meer dan 5 procent invaliditeit zit er niet in.' 5 procent is dus het 'percentage' dat een patiënt met een post-Whiplash-syndroom krijgt toegewezen van een Nederlandse neuroloog.

Voor 5 procent begint geen advocaat een procedure. Het percentage moet omhoog en daarom trekt er een stoet mensen met het post-Whiplash-syndroom langs specialisten om 'percentages in te zamelen'. De oogarts kan een percentage geven voor wazig en dubbel zien, de keel-, neus- en oorarts voor duizeligheid en de psychiater wegens depressie ten gevolge van een ongeval. De psychiatrische criteria zijn vaag en kunnen aardig wat punten opleveren.

Koerselman: 'Men probeert te komen tot boven de 30 procent. Dan krijg je een claimbaar arbeidsongeschiktheidspercentage. Men heeft nu de gewoonte te claimen voor het hele verdere beroepsleven. Ik heb hier een net afgestudeerde jongen van 26 gehad die nog niet eens werk had. De advocaat claimde het inkomen dat die jongen tot zijn vijfenzestigste gehad zou hebben met een academisch beroep. Miljoenen.'

Er zijn clusters ontstaan in de wereld van Whiplash en ME: vaste specialisten die keuren en vaste advocaten, zegt hij. 'De verzekeraars veto-en bepaalde specialisten voor onderzoek, de advocaten veto-en weer anderen. Ik weet dat ik zelf het veto heb van de Whiplash Stichting: geen expertise door Koerselman. Dat is hun goed recht. Toch keur ik ook voor de andere kant: er zijn advocaten die de Whiplash niet raadplegen en mij gewoon opdracht geven. Ik vind het ook niet gelukkig dat de verzekeraars hun circuit hebben van mensen die zij aanwijzen. Natuurlijk moet ik uitkijken dat ik me niet in die hoek laat duwen. Wat ik probeer te bieden, is kwaliteit. Gemotoveerde rapportages.'

Eindelijk valt de term simulatie, het woord dat de patiëntenverenigingen woedend maakt. 'De Whiplash Stichting verwijst de mensen de laatste tijd naar neuropsychologen, voor concentratie-testen. Concentratiestoornis zou een bewijs zijn van Whiplash, maar ook dat is niet exact. Als ik mijn best niet doe in zo'n test, gaat het opnemen langzaam. Het verschil tussen niet meewerken en echt niet kunnen, is heel moeilijk te constateren. Op een congres van Amerikaanse psychiaters gaan ze in juni een hele ochtend besteden aan het herkennen van simulatie. Het speelt, maar het is een taboe.'

T OCH IS ER al een rechter die gezegd heeft: 'Simulatie is ook een stoornis want een normaal mens zou zoiets niet doen.' Maar simulatie is geen psychiatrische stoornis. Wél zijn er andere mogelijkheden, die oppervlakkig gezien simulatie lijken, maar erkende psychiatrische stoornissen zijn. 'Eentje is genoemd naar de baron Von Münchhausen, omdat die zo mooi kon verzinnen. Zo heet het syndroom van mensen die een pathologische behoefte hebben om onderzocht te worden.

'Zij komen met bloedarmoede die ze zelf veroorzaken door aderlating. Of met blaren die ze zelf maken. Dat is geen simulatie: ze beleven iets essentieels aan dat ziek zijn. Het hebben van een aandoening is voor hen gekoppeld aan bevredigende ervaring. Normaal is pijn gekoppeld aan onlust, maar als pijn in het leven van een mens met genoeg kracht gekoppeld geraakt is aan aandacht en erkenning, dan kan het dat de hersenen pijn als lust gaan registreren. Mensen die een triatlon lopen, beschrijven pijn als lustvol. De opiaten, die het gevoel van lust geven, maak je zelf, in je brein.'

Mensen kunnen in hun eigen fantasieën gaan geloven, zoals Von Münchhausen deed. Zijn navolgers komen bij de dokter met, bijvoorbeeld, grote zweren op de benen. Laten we er gips omheen doen, besluit de arts. De zweren genezen onder het gips, maar komen 'spontaan' terug zodra het gips er af is. 'Het letsel dat mensen zichzelf toebrengen omdat ze ziektegedrag nodig hebben, kan heel ver gaan. Het is een psychiatrische stoornis. En ik zie die mensen ook af en toe.' Een ziekte dus, die recht geeft op uitkering. 'Als iedereen nou zegt dat ik de mensen hun uitkering wil afnemen, is dat onzin', zegt Koerselman. 'Een psychiatrische ziekte is ook een ziekte.'

Toch is het begrijpelijk dat mensen liever 'iets aan hun nek' hebben, met een neutrale Engelse naam, dan een klassieke psychiatrische stoornis. 'Dat kan wel zijn, maar het is ook een gegeven dat 10 procent van de mensen eens in hun leven een ernstige depressie hebben. Dat is óók een psychiatrische stoornis.'

Je moet de ziekte benoemen om te kunnen behandelen, betoogt Koerselman. Daarom treedt hij in het strijdperk met zijn hypothese dat bij een groot deel van de mensen die jarenlang onbewijsbare klachten hebben, een conversie de oorzaak is. 'Conversie is van alle tijden en neemt verschillende vormen aan. Pseudo-verlamming, pseudo-blindheid, pseudo-heesheid en ga maar door. Nog niet lang geleden heb ik iemand gezien die, na Whiplash, jarenlang in een rolstoel heeft gezeten. Vanaf zijn nek verlamd. Hij leek verlamd, maar was dat niet. Ik heb de arts van het revalidatie-oord gevraagd of hij niet aan conversie gedacht had. ''Eerlijk gezegd wél'', antwoordde hij, ''maar het zag er zo echt uit''.

'In mijn opleiding heb ik iemand gezien die zo ernstig verlamd was dat hij beademd moest worden. Na jaren viel het iemand op dat de patiënt niet blauw werd als de slang verwisseld werd. De veronderstelling dat het een neurologische ziekte was, klopte dus niet. Toen is iemand aan de slag gegaan met de achtergrond van deze man. Na een psychotherapeutische behandeling heeft hij lopend het ziekenhuis verlaten.'

Dat was eind jaren zeventig. Whiplash en ME bestonden toen nog niet. Wél schizofrenie, een ziekte die toen door invloedrijke psychiaters werd toegeschreven aan maatschappelijke onderdrukking. Autonomie, persoonlijke vrijheid, gold in de jaren zeventig als het hoogste goed. Jonge mensen, op de grens van de volwassenheid, zouden vluchten in schizofrenie om te ontkomen aan een dwingende omgeving. Die opvatting is inmiddels verlaten: nieuwe methoden van hersenonderzoek toonden aan dat schizofrenie een hersenziekte is, die zichbaar wordt aan het eind van de puberteit. Inmiddels heeft de achterhaalde opvatting uit de jaren zeventig veel kwaad aangericht voor schizofrenen en hun familie.

Houdt Koerselman er rekening mee dat zijn theorie over het omzetten van onvermogen de eisen van de maatschappij bij te houden in ziekten als Whiplash en ME, ook door toekomstige wetenschappelijke inzichten onderuit gehaald kan worden, net als die opvatting over schizofrenie?

'Zeker', zegt hij. 'Het is een hypothese die onderzocht zou moeten woren. Ik breng het niet als iets dat vaststaat.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden