Onbegrip onder de nabestaanden: de agenten die vorig jaar een psychiatrische patiënt doodschoten worden niet vervolgd

Artikel 12-procedure ouders faalt

De twee agenten die in 2016 een psychiatrische patiënt (23) doodschoten in zijn Amsterdamse woning, handelden volgens het gerechtshof uit noodweer en hoeven niet te worden vervolgd. Dat blijkt uit een uitspraak in de zogenoemde artikel 12-procedure die de ouders van de jongeman aanspanden. Ze zijn nu van plan een gang te maken naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens.

Cyprian Broekhuis Foto RV

De ouders wilden met de rechtszaak het Openbaar Ministerie (OM) dwingen een strafzaak tegen het politieduo te voeren. Volgens de ouders zijn er te veel onopgehelderde vragen over onder meer de proportionaliteit van de schietpartij. Eerder had justitie na onderzoek van de Rijksrecherche besloten de agenten niet voor de rechter  te brengen.

In september 2016 kwamen drie hulpverleners en vier agenten het huis van de schizofrene en autistische Cyprian Broekhuis binnen voor een gedwongen opname. Terwijl de hulpverleners een ambulance regelden, wilden de agenten de patiënt fouilleren. Broekhuis, die nooit fysiek geweld gebruikte, zou volgens de politie hierop een mes hebben getrokken. Twee agenten vuurden vervolgens in totaal zes kogels op de man af. Hij overleed later aan zijn verwondingen.

‘Het vuurwapengebruik door beklaagden valt niet binnen de Ambtsinstructie voor de politie’, schrijft het hof. Maar omdat volgens de rechters aannemelijk is dat er sprake was van noodweer, hoeft het OM de agenten niet te vervolgen.

Tegenstrijdigheden

Uit het onderzoeksdossier van de Rijksrecherche, dat door de Volkskrant is ingezien, blijken nogal wat ongerijmdheden in de zaak. Zo hebben de drie hulpverleners in de ruimte nooit een mes gezien en niets van een escalatie gemerkt en werd bij een eerste langdurige huiszoeking geen mes gevonden. Bij de tweede huiszoeking werd dat mes wel ontdekt, maar aan het andere eind van de woning.

Ook is het onderzoek naar het handelen van de agenten niet volgens de regels verlopen, bevestigt ook de uitspraak van het Gerechtshof nu: de schietende agenten zijn niet binnen 24 uur verhoord, zoals voorgeschreven. Daarnaast zijn cruciale getuigen verhoord door collega’s die werken voor dezelfde eenheid als de schutters. Dit is ook tegen de regels, maar het Gerechtshof oordeelt dat niet is gebleken dat het de partijdigheid van de verhoren heeft beïnvloed.

De nabestaanden

Vader Robert Broekhuis noemt het ‘onbegrijpelijk’ dat een dodelijke schietpartij die met zoveel raadsels is omgeven niet strafrechtelijk wordt onderzocht. ‘Alsof het gewoon is dat een agent een psychiatrische patiënt doodschiet zonder consequenties.’ Broekhuis is niet uit op wraak ‘en het gaat er ook niet om dat die twee agenten van mij achter slot en grendel moeten’. ‘Maar ik vind wel dat een zaak met zoveel twijfels in de openbaarheid van de rechtszaal moet worden behandeld.’

Via het Europees Hof voor de Rechten van de Mens hopen de ouders alsnog vervolging af te dwingen. Bij dat hof loopt momenteel ook nog een zaak van de nabestaanden van Mitch Henriquez, die in 2015 op een Haags festival door politiegeweld om het leven kwam. Zijn nabestaanden vinden dat het onderzoek naar de verantwoordelijke agenten ondeugdelijk is verlopen.

In de periode dat Cyprian Broekhuis stierf, overleden in vijf maanden tijd nog zeker drie personen met verward gedrag na een interventie van de politie. Ook in die drie zaken werden de betrokken agenten niet vervolgd. 

Meer over