ReportageDigitale revolutie onderwijs

Omwenteling op school: ineens is de leraar live op YouTube

Emilie La Haye geeft online muziekles. Klaslokalen op de Boekmanschool in Amsterdam zijn omgetoverd tot studio's. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

De plotselinge sluiting van de scholen dwong docenten onderwijs op afstand te regelen. Binnen een paar dagen gaf zowat elke school online les. Een prestatie. Al zijn er keerzijden. ‘Sommige kinderen zijn al twee weken niet online.’

Toen Onderwijsminister Arie Slob op zondag 15 maart bekendmaakte dat de scholen voor drie weken dicht zouden gaan, pakte Gabriël Maassen zijn telefoon en belde hij het techniekbedrijf dat ze hadden ingehuurd voor de studiedag. Die ging helaas niet door, maar of ze toevallig ook konden streamenMaassen, in de jaren negentig hoofd ‘jeugd’ bij KRO televisie en de laatste jaren verantwoordelijk voor ‘internationalisering en profilering’ binnen de Amsterdamse basisscholenkoepel OOADA (Openbaar Onderwijs aan de Amstel) had namelijk een idee.

De volgende dag, op maandagochtend, overlegde het bestuur van de koepel over dat idee. Op dinsdag begonnen ze met het opbouwen van twee studio’s in lege klaslokalen van de Dr. E. Boekmanschool. Er werd een website opgezet, een uitzendschema opgesteld, een begintune gekozen. Er werden leraren gebeld: of ze hun leukste les voor de camera wilden doen? Morgen al, a.u.b.

Op woensdagochtend 9 uur waren ze live. Twee dagen nadat de circa 8 duizend leerlingen die de scholenkoepel telt, te horen hadden gekregen dat ze voorlopig niet meer naar school zouden gaan, konden ze online les volgen op hun eigen niveau, op een vast tijdstip – naast het lesprogramma dat hun eigen docenten ook al voor ze hadden opgesteld. Kinderen die geen laptop hadden, konden er een van school lenen.

Op vrijdagochtend, bijna anderhalve week later, werkt Maassen samen met ict-coordinator Wiebe Terpstra geroutineerd het uitzendschema af. Ieder nemen ze een tot studio omgebouwd klaslokaal voor hun rekening. Ze bespreken met docenten die een les komen geven hun plannen. Welke filmpjes willen ze laten zien? Hebben ze alle benodigdheden bij zich? Ze controleren of ze goed in beeld komen. 

‘Poeh, ik zie er niet uit’,  zegt docent Petra die een dansles komt geven, zodra ze zichzelf in beeld ziet. Ze verdwijnt uit het klaslokaal, terwijl Maassen al begonnen is met aftellen. De uitzending kan elk moment beginnen. Tien, negen, acht. Hij fronst naar de de deur waardoor ze is verdwenen. ‘Petra!’ Op een drafje holt de docent weer het beeld in. ‘Drie, twee, één.’ Ze zijn live.

Digitale revolutie

De aanleiding is natuurlijk dramatisch, maar de noodgedwongen sluiting van de scholen heeft een digitale revolutie in het onderwijs ontketend. Met veel vrolijkheid en goede moed heeft de sector, die niet per se bekend staat als een grote voorloper op digitaal gebied, onderwijs op afstand neergezet.

Dat gebeurde in een moordend tempo. Binnen twee dagen had 88 procent van de scholen het afstandsonderwijs geregeld, peilde de Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS). Het overgrote deel (90 procent) maakte daarvoor gebruik van ict.

En dat zonder noemenswaardige ervaring. Ruim 80 procent van de leden van de Algemene Onderwijsbond (AOb) had tot twee weken geleden niet of nauwelijks ervaring met afstandsonderwijs, blijkt uit een enquête van de onderwijsvakbond. Nu loggen zelfs de grootste digibeten in op Zoom, Microsoft Teams, of Google Hangouts om een videoles te geven. Maassen: ‘Er gebeuren nu dingen in één week, die je normaal in vijf jaar niet voor elkaar had gekregen.’

Het barst van de creatieve initiatieven. Zo zijn er hoogleraren en universitaire docenten die hun colleges opnemen en op het YouTubekanaal Quarantaine Colleges plaatsen, zodat iedereen kan bijleren. Twee Brabantse docenten maken dagelijks ‘kleuterklas tv’ voor alle kleuters die zich thuis stierlijk vervelen.

Op het Vechtdalcollege in Hardenberg (Overijssel) laat techniekdocent Ewout Warringa samen met een collega de leerlingen hun eigen school in detail nabouwen in het populaire spel Minecraft. ‘Het is goed voor hun ruimtelijk inzicht en ze leren samenwerken’, zegt Warringa. Als de school straks af is, komen er huiswerkopdrachten te hangen. Het project heeft zoveel succes dat andere scholen uit de regio het over willen nemen.

Wessel van Oostveen geeft online les aan groep 1 en 2 op ‘de kleine Nicolaas’. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Gymles op afstand: blijkt ook te kunnen. Kijk maar naar de vele olijke work-outfilmpjes van gymleraren die inmiddels op YouTube te vinden zijn. Twee Amsterdamse gymleraren maken onder de noemer ‘LOVID-19’ zulke aanstekelijke gymfilmpjes dat ook andere scholen ze gebruiken. ‘Ik krijg zelfs reactie van gepensioneerde collega’s die meetrainen met onze filmpjes’, zegt gymleraar Dennis Goedbloed. ‘Die zeggen dan: het is wel zwaar. Vind je het gek, die filmpjes zijn bedoeld voor jonge mensen.’

Zijn eigen leerlingen van het Hyperion Lyceum moeten elke dag een work-outfilmpje bekijken. Als bewijs dat ze hebben meegedaan, moeten ze een foto van zichzelf insturen terwijl ze een van de oefeningen doen. Aan het eind wordt aan de hand van hun participatie het cijfer bepaald. 

Naast al die creatieve uitspattingen zijn leraren serieus bezig elkaar beter te maken. Een groep digitaalvaardige docenten heeft een website met tips opgezet voor collega’s, de Wijslijst. Beroepsvereniging Lerarencollectief maakte samen met onder andere schoolbesturenkoepel PO-raad een serie tutorials over lesgeven op afstand.

Geen oogcontact

Maar er is ook een andere kant. Natuurlijk, zeggen veel leraren en schoolbestuurders, zijn ze apetrots op wat ze nu neerzetten. Dit is historisch, van de digitale stappen die ze nu zetten gaan ze in de toekomst profijt hebben, klinkt het. Maar er staat ook iets tegenover: het onderwijs dat ze nu bieden, kan niet in de schaduw staan van wat ze dagelijks in de klas doen.

‘Onderwijs draait in de kern om de relatie met je leerlingen’, zegt Jasper Rijpma, docent geschiedenis aan het Hyperion Lyceum en een van de initiatiefnemers van de Wijslijst. ‘Dat kan ook digitaal, maar het is altijd minder goed dan in het echt.’ 

Daarbij lijkt de kansongelijkheid toe te nemen bij onderwijs op afstand. ‘Kinderen in een stabiele thuissituatie, met ouders die ze steunen, die redden het wel’, zegt Rijpma. ‘Kinderen die dat niet hebben, daar maak ik me echt zorgen om.’ 

Twee schooldirecteuren doen ook mee. Rechts ict-coördinator Wiebe Terpstra. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Het valt hem op school op. ‘De kinderen die toch al een problematische thuissituatie hebben, die raken we nu kwijt. We hebben meerdere leerlingen die nu al twee weken niet online komen opdagen. We bellen er achteraan,  maar we kunnen ze uiteindelijk niet dwingen naar de les te komen.’ 

Veel komt nu op de ouders aan, zegt ook Annemieke van Stiphout, die les geeft op It Oerset, een basisschool voor speciaal onderwijs in Heerenveen. ‘Veel ouders doen hun best. Maar ze zijn helaas niet allemaal in staat hun kind met het schoolwerk te begeleiden. Het gaat om mensen die vaak zelf al onder druk staan, die de stof van de kinderen ook niet altijd begrijpen en niet weten waar hun kind mee bezig is.’

Het voordeel van de videolessen die leraren geven, is dat ze interactie mogelijk maken. Maar daar staat ook een hoop gedoe tegenover. Het gerotzooi in de klas gaat online ook door, zeggen docenten. ‘In de eerste les die ik gaf, had een jongen voor de camera een integraalhelm opgezet’, zegt Laura van der Holst, docent Nederlands op het Niftarlake College in Maarssen. 

Wat in het begin ook veel gebeurde: ‘Mijn microfoon uitzetten als ik iets uitlegde. Eerst kon ik daar wel om lachen, maar na een tijdje werd het irritant. Dat hoorde ik van meer collega’s overigens.’ Selfies maken met docenten zonder dat die dat doorhebben, schijnt ook populair te zijn, zegt Van der Holst. ‘Gelukkig is de nieuwigheid van die geintjes er nu wel vanaf.’

Daarnaast is het soms moeilijk om netflixende leerlingen aan hun schoolwerk te krijgen, zegt Mirjam Molenkamp, docent scheikunde aan het Stedelijk Gymnasium in Leiden: ‘Je kunt dreigen dat de stof in de 6de klas nog een keer terugkomt en dat ze het dan niet zullen begrijpen. Maar er zitten genoeg eigenwijze pubers bij die denken: wie dan leeft, wie dan zorgt.’

Rob de Ruiter, leraar van groep 8, mist op zijn beurt de leerlingen in de ogen te kunnen kijken. ‘Als leerkracht heb je de cruciale taak kinderen een veilig gevoel te geven, op afstand is dat moeilijk. Aan de blik in de ogen kun je veel zien, maar via zo’n videoverbinding werkt dat niet.’ Normaliter grijpen zijn leerlingen de pauze aan om te vertellen als er iets is. ‘Nu moeten ze een berichtje sturen of opbellen, dat is wel echt een stap voor die kinderen.’

De docent die in verband met de privacy van zijn leerlingen niet met de naam van zijn school in de krant wil, heeft veel energie gestoken in het structureren van zijn lessen. ‘Vijf minuten voor tijd maakt iedereen verbinding. Dan mogen leerlingen een dansje doen, de kat laten zien, een handstand maken. Maar als we beginnen, gaan alle microfoons uit en geef ik beurten, net als in de klas. Ik had chaos verwacht, maar het gaat eigenlijk verrassend goed.’

Dansles Docent Petra Beers is live. Op de achtergrond (voor de kinderen die thuis kijken buiten beeld) regelt Gabriël Maassen de techniek.Beeld uus Dubbelman / de Volkskrant

Ook dat is een probleem: docenten steken veel tijd in het onderwijs op afstand, meer tijd dan ze normaal kwijt zijn aan het voorbereiden van hun lessen. Ruim tweederde van de leraren ervaart meer of veel meer werkdruk sinds de scholen dicht zijn, blijkt uit de bovengenoemde enquête van vakbond AOb. 

In de studio’s van de Boekmanschool in Amsterdam merken ook Maassen en Terpstra het. Alle uitzendingen begeleiden is een ‘pittige klus’. En ja, ook zij zien de tekortkomingen van onderwijs op afstand. Terpstra: ‘Ik vraag me af of dit geschikt is als volwaardig onderwijs. Daarvoor ontbreekt de echte interactie. En differentiëren is lastiger. In de klas kan dat vrij makkelijk. Je deelt groepen op niveau in, dat gaat nu niet.’

Kliks in Amerika

Dinsdag wordt besloten of de scholen nog langer dichtblijven dan 6 april. Hoewel veel scholen voor de kwaliteit van onderwijs hopen dat de deuren weer open kunnen, houden ze er ernstig rekening mee dat de videolessen nog wel even zullen doorgaan. 

Minister Arie Slob zei eerder deze week dat hij wil wachten op een RIVM-onderzoek dat meer duidelijkheid moet geven over de rol van kinderen bij de verspreiding van corona. Dat onderzoek is afgelopen week pas begonnen en zal zeker een maand tot zes weken duren.

Dan zullen ze bij de Amsterdamse scholenkoepel moeten kijken hoe lang ze de studio’s nog kunnen openhouden, zegt Maassen. Aan de animo zal het niet liggen. De website waarop de lessen worden uitgezonden, wordt elke dag duizenden keren bekeken, grappig genoeg ook vanuit de VS en het Verenigd Koninkrijk. Op sommige dagen wordt de site wel duizend keer aangeklikt in Amerika. ‘We vermoeden dat ouders van Nederlandse kinderen die daar ook thuiszitten, over ons hebben gehoord.’

Andere schoolbesturen bellen op om te vragen of zij de lessen mogen gebruiken. Maassen: ‘Dat mag natuurlijk, we zijn niet voor niets openbaar onderwijs.’ En ook de leraren staan inmiddels in de rij om een keer les te mogen geven voor de camera.

Zelfs de hoogste baas van de scholenkoepel OOADA, voorzitter van het college van bestuur Herbert de Bruijne, kan de verleiding niet weerstaan. En dus sjouwt hij vrijdagmorgen met een keyboard door de gang. Hij gaat straks in zijn les een stuk voorlezen en daarna een lied zingen met de kinderen, zegt hij met een enthousiaste grijns. ‘Ik heb al zestien jaar niet meer voor de klas gestaan, eens kijken of ik het nog kan.’

De centrale eindexamens voor leerlingen in het voortgezet onderwijs gaan dit jaar niet door. Lees hier meer over de gevolgen voor leerlingen. 

Elke dag publiceren het RIVM, de ziekenhuizen, wereldgezondheidsorganisatie WHO en allerlei landen cijfers over de uitbraak van het coronavirus. Maar welke cijfers zijn belangrijk? En hoe moeten we ernaar kijken? We zetten de belangrijkste grafieken en kaarten op een rij.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden