Omstreden PvdA’ers weer aan het werk

Drie PvdA’ers van de deelraad in Amsterdam Zuidoost mogen van het landelijk partijbestuur weer aan de slag. Zij stonden op non-actief wegens vermeende belangenverstrengeling en zelfverrijking....

Twee van hen, André Bohla en Mala Eckhardt-Angna, waren daarom dinsdagavond voor het eerst sinds afgelopen zomer weer present bij de raadsvergadering. Egbert Doest was afwezig wegens verblijf in Suriname.

Hun terugkeer viel niet in goede aarde bij de oppositie. ‘De politiek in ons stadsdeel is door hun terugkeer failliet’, meent Henk de Boer van het CDA. Mart van de Wiel van Onafhankelijk Zuidoost: ‘Ik ben ontzettend boos. Dit is niet uit te leggen.’

Van de Wiel wil dat de deelraad volgende maand een aparte zitting wijdt aan de affaire.

Tegenstanders van de terugkeer van de drie omstreden politici blijven zich baseren op een onderzoek van de lokale Rekenkamer naar de subsidieverstrekking in Zuidoost, de Bijlmer. In totaal zeven deelraadsleden hebben zich volgens de Rekenkamer in de periode 2004-2006 schuldig gemaakt aan belangenverstrengeling. Vier van hen hadden hierbij persoonlijk voordeel, aldus de onderzoekers.

In een tweede onderzoek, uitgevoerd door Bureau Integriteit Nederlandse Gemeente (BING), werd belangenverstrengeling bevestigd. Persoonlijke verrijking of persoonlijk voordeel werd niet vastgesteld.

De PvdA zette daarop een commissie van Goede Diensten aan het werk, onder leiding van Dick Dolman, voormalig voorzitter van de Tweede Kamer. Dolman zal vanavond tijdens een PvdA-bijeenkomst in Amsterdam uitleggen waarom de raadsleden volgens zijn commissie weer aan de slag kunnen.

Vooruitlopend daarop zei hij dinsdag in een schriftelijke verklaring onder meer: ‘Ook na nader onderzoek waaronder een accountantsonderzoek, komen wij tot de conclusie dat van persoonlijk voordeel geen sprake is geweest. (. . .) De opstelling van de drie betrokkenen is echter niet foutloos geweest.

‘Dit heeft betrekking op het in enkele gevallen deelnemen aan besluitvorming en/of het niet melden van nevenfuncties rondom organisaties waar een subsidierelatie mee bestaat. De commissie is echter van mening dat dit hen niet dusdanig kan worden toegerekend dat terugroeping uit hun vertegenwoordigende functie geboden is.

‘De commissie constateert verder dat door de ontstane commotie de drie betrokkenen ten onrechte in een ongunstig daglicht zijn gesteld.’

Het Openbaar Ministerie voegde er gisteren aan toe dat er geen strafrechtelijk onderzoek plaatsvindt naar de drie politici. In juni werd bekend dat het OM zich ook over de zaak boog.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.