Omkoping tussen sneeuwwitte dijen

We moeten liefde hebben, we willen liefde', zingt Helena van Troje in 'Jacques Offenbachs operette La Belle Hélène. 'De tijden zijn vlak en saai....

Paul Depondt

Offenbachs idee van Helena als spilzieke cocotte was een samenvatting van de Parijse mentaliteit tijdens het Second Empire, het Tweede Keizerrijk. Het was een woelige periode van pikante roddel, politieke turbulentie en frivoliteit, 'een tijdperk waarin alle vrouwen te koop leken, zoals alles te koop leek'.

In het Second Empire, de achttien jaren tussen 1852 en 1870, toen Frankrijk werd 'geregeerd'door Louis Napoleon Bonaparte, keizer Napoleon III, ging het vooral om the importance of display, schrijft Virginia Rounding in Grandes Horizontales - The Lives and Legends of Four Nineteenth-Century Courtesans. Het was een frivole tijd, de wereld was een theater met een doorlopende voorstelling. Couturiers verzonnen geraffineerde toiletten, men hield van opzichtige snuisterijen. Het getuigde bijvoorbeeld van goede smaak om in de Parijse passages met een schildpad uit wandelen te gaan. Alles was glamour en glitter, poudre d'or; het ging vooral om het uiterlijk vertoon.

Schrijfster en vertaalster Rounding - Grandes Horizontales is haar debuut - speurde naar het leven van vier beroemde courtisanes, vier demimondaines uit die tijd: Marie Duplessis, geboren als Alphonsine, 'la dame aux camélias'; de Engelse beaty Cora Pearl; de beruchte 'mannenvreetster'La Païva; en Apollonie Sabatier, La Présidente, die door de beeldhouwer Auguste Clésinger als 'de door een slang gebeten vrouw'in het witte marmer werd vereeuwigd.

Rounding beschrijft hun levens, voorzover bekend, maar ook de legendes, afwisselend real life en fairy-tale. Haar bronnen zijn zowel getuigenissen, dagboeken, memoires en correspondentie als literatuur en zelfs libretto's. Duplessis, hét prototype van de elegante en veeleisende cocotte, stond model voor Marguerite Gautier in La dame aux camélias van Alexandre Dumas fils en voor Violetta in Verdi's La Traviata. Pearl schreef haar zeer geromantiseerde herinneringen. De gebroeders Edmond en Jules de Goncourt, de boekhouders van het mondaine leven, bezochten de soirees van La Païva en La Présidente. De dames gingen om met Richard Wagner, Théophile Gautier, Gustave Flaubert en Charles Baudelaire.

De prostitutie was in het Tweede Keizerrijk gereglementeerd, maar net als drugs nu was dat niet altijd gemakkelijk onder controle te krijgen. In 1836 schatte dokter Alexandre Parent-Duchâtelet het aantal prostituees op achttienduizend:tijdens het Tweede Keizerrijk waren er al veertigduizend. Je had filles de numéro en filles en carte, die een kaart bij zich hadden met gedetailleerde gegevens over medische inspecties; er waren femmes galantes die thuis ontvingen, grisettes, 'werkmeisjes zonder moraal', en lorettes, meisjes van plezier uit de betere buurt van de Notre Dame de Lorette, de dames van de Grands Boulevards. Er waren filles soumises, ongereglementeerde prostituees, en grandes cocottes. Die femmes à parties waren de heldinnen van de salons; ze genoten ervan het geld van hun vrijers over de balk te gooien. Dát waren de grandes horizontales.

Gautier en Flaubert schreven aan Apollonie Sabatier scabreuze brieven met veel erotische toespelingen. Baudelaire bezong haar in Les fleurs du mal als 'la très-Chère, la très belle'. Edouard Manet schilderde zulke vrouwen, Nana en zijn odalisken; Emile Zola tekende hun portret. Zi ¿ jn Nana (actrices noemden zich graag Nana, Nini of Niniche) had 'de smaak van een parkiet'. Nana verslond mannen. 'Ze kocht Parijs óm tussen haar sneeuwwitte dijen', schreef Zola, 'en rukte het uit zijn voegen, liet het kolken zoals de vrouwen die elke maand de melk karnen.'Anders dan de dame aux camélias of Violetta in La Traviata, waarin prostituees als sensuele vrouwen werden afgeschilderd die van hun vak genoten, werd bij Zola het leven van die vrouwen gekenmerkt door verveling, ellende en geweld. Het waren vrouwen die van de domheden en de laagheden van mannen rentenierden, maar door die mannen ook schaamteloos werden vernederd.

Rounding beschrijft hun buitensporige bestedingen. Er werden huizen voor hen gekocht, ze schuimden de Grands Magasins af, hét tijdverdrijf van de cocottes. De veiling van de bezittingen van Duplessis (ze stierf op 23-jarige leeftijd) was een memorabele gebeurtenis in Parijs; de amazone Cora Pearl kocht tussen 1863 en 1868 niet minder dan zestig paarden. Veel vrouwen hadden ook meerdere affaires tegelijk. Zeven mannen, vertelde een van Duplessis'geliefden, richtten zelfs een club op om al haar grillen te kunnen bekostigen. Ze heetten geen Paulette, Brunette, Violette of Minette, maar kozen andere namen, of trouwden met een markies - zoals La Païva, of een graaf - zoals Duplessis.

Pearl ging om met le duc Citron, de prins van Oranje, de oudste zoon van de Nederlandse koning. Veel cocottes werden voor de bevrediging van koninklijk of keizerlijk libido ingehuurd. 'Wanneer een vrouw naar de Tuilerieën werd gebracht', schreven De Goncourts in hun dagboeken, 'gaf een bediende hen de aanwijzing: U mag zijne majesteit op elk gedeelte van zijn persoon kussen, behalve op zijn gezicht.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden