Omgekeerde oliecrisis zal weldra ook het Westen treffen

Een nieuwe oliecrisis dient zich aan. Ditmaal is het niet de hoge maar juist de lage olieprijs die landen in de economische ellende duwt....

Van onze verslaggever

Ferry Haan

AMSTERDAM

Rusland schudde de financiële markten wakker door als eerste de roebel te devalueren. De dalende olieopbrengsten plagen de begroting. De Russische centrale bank gaf in één maand 7,6 miljard gulden uit om de roebel te steunen, maar het mocht niet baten.

Door de Russische devaluatie ontstond druk op andere olielanden. Venezuela was het eerst aan de beurt. Dit land is voor 80 procent van de inkomsten afhankelijk van olieopbrengsten en dus verwachten beleggers dat ook dit schip zal zinken.

Paul de Grauwe, hoogleraar internationale economie in Leuven, herkent de problemen die veel landen krijgen door lage grondstoffen- en olieprijzen. Volgens hem zijn de dalende grondstoffenprijzen onvoldoende reden voor zoveel ellende. Maar samen met de onrust op de financiële markten is het dè reden voor de crises in de opkomende economieën. Volgens De Grauwe komen verwachtingen van de markten uit als iedereen hetzelfde doet.

Hij vindt het opvallend dat de olieprijs na 25 jaar weer voor problemen zorgt. In 1973 veroorzaakten hoge olieprijzen een wereldwijde crisis. De stijgende olieprijzen dreven de inflatie op. Die op haar beurt de rente opdreef , waardoor zowel de investeringen als de consumptie werden getroffen. Dit is het standaard-recept voor een economische crisis.

De olieprijs-situatie is nu volkomen tegengesteld, maar heeft dezelfde gevolgen. Nu stort een lage olieprijs grote delen van de wereld in een recessie. Wederom is een hoge rentestand de boosdoener. Centrale bankiers in de opkomende economieën verdedigen hun munten fel en verhogen de rente. Want een hoge rente verleidt beleggers om in de nationale munt te blijven beleggen. Maar de prijs van het verdedigen van een munt is hoog, want hoge rentestanden zijn de doodklap voor economische groei in een land.

Holdger Schmieding, econoom van de Amerikaanse zakenbank Merrill Lynch, maakt zich grote zorgen: 'Één opkomende economie in recessie is geen probleem voor Europa of Amerika, maar als ze allemaal tegelijk omvallen dan is de kans groot dat de crisis zich verder verspreidt.'

Schmieding schat het effect van de crises in de opkomende economieën op ongeveer 1 procent van de economische groei in Europa.

Maar nu krijgen ook 'ontwikkelde landen' er van langs. In Australië is de munt naar een twaalfjarig dieptepunt gedaald ten opzichte van de Amerikaanse dollar. Australië is erg afhankelijk van de grondstoffenexport. Dat geldt ook voor Canada waar de nationale dollar vrijdag op het laagste peil ooit ten opzichte van de Amerikaanse dollar belandde. De Canadese centrale bank gaf vrijdag tevergeefs 400 miljoen gulden uit aan een steunactie voor de Canadese dollar maar het mocht niet baten.

Voor de VS nadert de crisis nu dicht. In het zuiden rammelt de Mexicaanse economie, terwijl in het noorden Canada getroffen wordt. Europa heeft maar problemen in het oosten, waar Rusland op zijn grondvesten schudt.

Schmieding legt uit dat de dalende olieprijs heel lang een zegen is geweest voor Europa en Noord-Amerika. De inflatie is door de almaar dalende olieprijzen laag gebleven. De centrale bankpresidenten behoefden zich geen zorgen te maken en stapten niet op de monetaire rem. De rente bleef laag, waardoor een ongekend lange periode van economische groei werd veroorzaakt. Schmieding: 'In zekere zin betalen we nu voor de voordelen die we lang van een lage olieprijs hebben gehad.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden