Om de hoofden en harten

De moord op Theo van Gogh mag Nederland niet nog verder verdelen, luidt het parool. Maar hoe banger we worden, hoe minder we in staat zijn ons nog in de ander te verplaatsen....

De argumenten hebben plaatsgemaakt voor brandbommen. Na Theo van Gogh dreigt zo de discussie het tweede slachtoffer te worden van de moordaanslag. Maar discussieerden we eigenlijk nog wel?

Er zijn de afgelopen tien dagen krachtige pleidooien gehouden voor de vrijheid van meningsuiting. Wat men ook van de opvattingen van Theo van Gogh vond, iemands mening kan nooit of te nimmer een rechtvaardiging zijn voor moord. Een enkeling durfde een kanttekening te plaatsen bij de inhoud van Van Goghs opvattingen. De vrijheid van meningsuiting is inderdaad een groot goed, maar, aldus deze critici, het is geen absoluut recht, een vrijbrief om alles 'te zeggen wat de je denkt.'

Of de uitlatingen van Van Gogh moeten worden gekarakteriseerd als 'provocerend', 'humoristisch', dan wel gewoon als smakeloos en kwetsend, zal de meningen vermoedelijk blijven verdelen. Een ding kon Van Gogh in elk geval niet worden verweten: empathie.

Er is sprake van een sfeer van verharding, zei minister-president Balkenende. Niemand zal hem willen tegenspreken. Theo van Gogh heeft daar zeker het zijne aan bijgedragen, maar de voorwaarden daarvoor waren al op 11 september 2001 geschapen. Voor zover nog sprake is van een debat tussen 'ons' en 'hen' is daarin steeds minder ruimte voor empathie, voor het vermogen je in te leven in de positie van de ander, je af te vragen hoe woorden en beelden overkomen, te willen begrijpen waarom hij zo denkt. Niet om hem daarmee te vrij te pleiten of te verdedigen, maar misschien juist wel om hem zo beter van jouw gelijk te kunnen overtuigen en anders wel beter te kunnen bestrijden.

Sinds 11 september 2001 is het oorlog en komt het er in de eerste plaats op aan de rijen te sluiten. Wie niet voor ons is, is tegen ons. Wie na de verschrikkingen van 11 september of 'Madrid' het woord empathie in de mond neemt, heeft veel uit te leggen. Het riekt verdacht veel naar een ander besmet woord: 'voedingsbodem', en voor je het weet moeten we ook nog 'begrip' hebben voor de moordenaars van onschuldige burgers.

Nu met de moord op Theo van Gogh en de doodsbedreigingen aan het adres van politici als Hirsi Ali, het fundamentalistisch gevaar angstig dichtbij is gekomen, lijkt er alle reden het geneuzel over Irak en Israen de vraag of de koran het slaan van vrouwen nu wel of niet rechtvaardigt, te staken. Hier past slechts, om met Van Aartsen en Verhagen te spreken, een 'keiharde' aanpak. En waar het de verdachte van de moord op Van Gogh en diens mogelijke handlangers betreft, hebben zij volkomen gelijk. Empathie is aan hen niet besteed en zij hebben bij voorbaat duidelijk gemaakt zelf ongevoelig te zijn voor het leed dat zij aanrichten, bij 'ons', maar ook bij 'gewone' moslims, want in hun ogen is de moslimgemeenschap net zo schuldig.

Volgens de AIVD kunnen de terroristen voor hun rekrutering putten uit een vijver van een paar duizend, overwegend jongere, moslims. Dat is een relatief kleine groep, maar geen reden het gevaar te bagatelliseren, want een enkeling met een pistool of een bom kan reeds veel onheil veroorzaken. Dan blijven er in Nederland nog bijna een miljoen moslims over die in meerderheid slechts ding willen: een waardig bestaan als volwaardige burgers.

Voor de ouderen onder hen, slecht opgeleid, de taal onvoldoende machtig, zit dat er vaak niet meer in. Tientallen jaren werden zij als het om hun integratie ging even vrijblijvend als onverschillig tegemoetgetreden, totdat de autochtone meerderheid zelf last kreeg van de problemen die hun achterstand veroorzaakte. Hen biedt het geloof houvast en waardigheid.

De jongeren hebben minder excuses en velen hebben ondanks de negatieve beeldvorming de weg omhoog gevonden. De 'kutmarokkaantjes' lijken vooral het slachtoffer van te hooggespannen verwachtingen. Onbegrepen door hun ouders en met het gevoel ongewenst te zijn door 'ons', ontlenen zij aan de islam de identiteit die de Nederlandse samenleving hen niet weet te bieden.

Inmiddels heet het dat Nederland 'zijn onschuld heeft verloren'. We zijn gestraft voor onze tolerantie en dus is het tijd het roer om te gooien. Over aandacht hebben allochtonen in het algemeen en moslims in het bijzonder sindsdien niet meer te klagen. De vraag is alleen of deze aandacht bijdraagt aan hun integratie, anders dan dat zij op de inburgeringscursus leren dat je in de tram met een strippenkaart moet betaToen de Amerikanen aan hun avontuur in Irak begonnen, waren zij ervan overtuigd dat het verdrijven van Saddam Hussein voldoende zou zijn om de harten en hoofden van de Irakezen te veroveren. Dat is nog niet helemaal gelukt. Ook niet bij moslims buiten Irak. De aanhef van de brief die Mohammed B. achterliet op het lichaam van Van Gogh was regelrecht gekopieerd van de Iraakse koppensneller Al Zarqawi.

Mohammed B. is niet meer voor 'onze' zaak te winnen. De groep waartoe hij behoorde is ook voor de moslimgemeenschap zelf onbereikbaar geworden. Het is echter wel zaak te proberen alsnog de hoofden en harten van die honderdduizenden andere moslims in Nederland en de honderden miljoenen daarbuiten te winnen. Zodat 'wij' niet meer hoeven te twijfelen aan hun loyaliteit en 'zij' niet steeds opnieuw verantwoording hoeven af te leggen.

De moordenaar van Van Gogh mag een geleerd bestaan hebben geleid, hij kwam niet uit Afghanistan, maar werd geboren, woonde, werkte, at en sliep in Amsterdam. We weten niet hoeveel andere Marokkanen cq moslims van zijn bezigheden op de hoogte waren. 'Radicale en terroristische acties kunnen alleen blijven voortbestaan bij de gratie van een omgeving die deze acties actief of passief goedkeurt en ondersteunt', zo luidt een cruciale zin in de brief die het kabinet deze week aan de Tweede Kamer stuurde.

We zullen niet kunnen verhinderen dat Al Qa'ida of welke groepering dan ook doorgaat met het werven van aspirant-terroristen. We kunnen het ze wel moeilijker maken, niet alleen door een verscherpte opsporing, maar ook door te proberen de vijver waaruit wordt gerecruteerd droog te leggen.

Dat betekent dat we ons niet alleen moeten proberen te verplaatsen in het wereldbeeld van de gefrustreerde moslimjongere, maar ook, zoals het kabinet het formuleert, een binding totstand moeten brengen 'tussen de overgrote meerderheid van moslims die geweld afwijzen en de samenleving als geheel'.

Zo vanzelfsprekend als dat klinkt, zo ver dreigen wij van dat doel af te raken, als ons beeld van de ander vooral wordt beheerst door angst en wantrouwen.

Het werd als hoopgevend beschouwd dat alle moslimorganisaties de moord van Theo van Gogh meteen veroordeelden. Dat ook zij de straat opgingen om hun afschuw te uiten. Tegelijkertijd is het veelzeggend dat wij onderhand alleen nog moslims te zien krijgen die bereid zijn als bewijs van goed Nederlanderschap trouw aan de rechtsstaat te zweren en geweld af te wijzen.

Plichtmatig roepen wij dat natuurlijk niet alle moslims op de dood van Theo van Gogh mogen worden aangekeken, waarbij we gemakshalve maar vergeten dat diezelfde moslims een dag eerder nog te horen kregen dat zij een achterlijk geloof aanhangen, dat vrouwen discrimineert, een rechtvaardiging biedt voor terreur en de belangrijkste oorzaak is van de armoede in de islamitische wereld.

En hoe willen wij moslims overtuigen van de superioriteit van de westerse waarden, als zij iedere dag opnieuw via Arabische satellietzenders zien hoe Irak ten koste van duizenden doden de democratie in wordt gebombardeerd? En hoe geloofwaardig zijn 'wij' in hun ogen als premier Sharon tegelijkertijd de vrije hand krijgt om definitief af te rekenen met de droom van een Palestijnse staat?

Er is geen enkele reden te twijfelen aan het verlangen van de bevolking van de Arabische wereld eindelijk verlost te worden van de even repressieve als corrupte regimes in de regio. Of democratie met geweld kan worden verspreid, blijft ook dan voor discussie vatbaar. Maar mag je van moslims verwachten dat zij vergeten wiens bondgenoot Saddam Hussein in het verleden was, op wie al die andere repressieve regimes steunden toen democratie nog ondergeschikt was aan oliebelangen en de fundamentalistische verzetstrijders in Afghanistan goede diensten bewezen aan de CIA.

Critici van de 'oorlog tegen de terreur' wordt vaak verweten met hun discussie over de voedingsbodem te miskennen dat de acties van de terroristen tegen het Westen als zodanig zijn gericht. Dat het een ernstig misverstand is te denken dat welke concessie dan ook Al Qa'ida zou kunnen matigen in zijn haat tegen het Westen. Het gaat niet om onze politiek, maar om onze manier van leven, onze beschaving. Helaas gaat dit voorbij aan het onaangename feit dat de oorlog in Irak vooral nog meer terrorisme genereert. Al Zarqawi, de kennelijke inspirator, ook naar de manier waarop de moord werd uitgevoerd, van Mohammed B. betrad het toneel pas na de val van Saddam Hussein.

Belangrijker is dat door de angstgevoelens die de vermeende bedreiging van onze beschaving oproept, het onderscheid tussen extremisten en de moslimmeerderheid steeds verder vervaagt. Het lijkt erop dat Bush deze angst in de campagne voor zijn herverkiezing bekwaam heeft weten uit te buiten. De perspectieven op een vergelijk met de moslimwereld zijn daardoor bepaald niet toegenomen. Van een achterban wiens christelijk-fundamentalistische wereldbeeld nauwelijks onderdoet voor dat van moslimfundamentalisten, mag niet veel empathie voor de ander worden verwacht.

Ook Nederland roert nu de oorlogstrom. We mogen zeker niet uitsluiten dat terroristen nog meer slachtoffers maken. De metafoor van de oorlog suggereert dat de vijand met militaire middelen is te verslaan. Maar Nederland is geen Falluja. Hier gaat het er juist om oorlog te voorkomen.

Twee dagen na de moord op Theo van Gogh werd in Amsterdam de Erasmusprijs uitgereikt aan drie liberale islamitische denkers. Onder hen de Syrische filosoof en mensenrechtenactivist Sadik Al-Azm. Volgens hem doen de problemen die sommige moslims hebben met de democratische spelregels niets af aan het feit dat de moderniteit zich onweerstaanbaar ook aan de moslims opdringt. De vraag is alleen met hoeveel spanningen dit proces gepaard zal gaan.

Volgens de Franse arabist Gilles Kepel is de jihad gedoemd te mislukken. De opstand van de massa's blijft uit en het verzet in Irak is meer gericht tegen de Amerikaanse bezetting dan dat de bevolking Saddam Hussein zou willen ruilen voor een fundamentalistisch bewind. In zijn optiek is wat in de Europese steden gebeurt veel belangrijker voor de verzoening tussen islam en moderniteit, dan het achterhoedegevecht van Osama bin Laden.

Het maakt het niet makkelijker de hoofden en harten van de moslims in Slotervaart en de Schilderswijk te winnen. Niets schept een betere voorwaarde voor radicalisering dan het gevoel tot de verliezers te horen, in de hoek te zitten waar de klappen vallen, is het niet hier dan wel in het Midden-Oosten. Dat de moslims wat meer zelfkritiek goed zouden kunnen gebruiken, verandert daar weinig aan.

Het kabinet onderstreept in zijn brief aan de Kamer dat het terrorisme een mondiaal probleem is. Om vervolgens het woord Irak niet eenmaal te laten vallen. Als het terrorisme ons een ding leert is dat de scheiding tussen binnenlandse en buitenlandse politiek hier niet meer geldt. Hoe graag we ook geloven dat beide zaken niets met elkaar hebben te maken, wie zich solidair verklaart met Bush' oorlog tegen het terrorisme en zelf troepen naar Irak stuurt, is niet erg geloofwaardig als dat nu plotseling geen rol zou mogen spelen.

En wanneer 'wij' diep in ons hart vinden dat de islam per definitie niet samengaat met de beginselen van de democratische rechtsstaat, kan dat maar beter hardop worden gezegd. De inburgeringscursussen kunnen dan meteen worden gestaakt. Zolang 'wij' met twee tongen blijven spreken, zullen 'zij' dubbelhartige antwoorden blijven geven.

Keren we terug naar Theo van Gogh. Het grootste gevaar dat ons bedreigt, is dat niemand nog durft te discussin. Dat wij uit angst steeds meer van onze vrijheid inleveren in de hoop daar meer veiligheid voor terug te krijgen. Tegelijkertijd zou het geen kwaad kunnen als we af en toe, voor we ze uitspreken, even stil staan bij wat we met onze woorden willen bereiken, of het doel is te overtuigen of slechts te 'zeggen wat men denkt'.

De schaduwzijden van de islam laten zich ook benoemen zonder het gebruik van adjectieven als 'geitenneukers'. Hier prevaleert de klassieke deugd van de zelfbeheersing. Noem het beschaving.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden